Anna Maria van Schurman miskend talent uit de 17e eeuw

Studente achter een gordijn

Niet Aletta Jacobs, maar Anna Maria van Schurman was de eerste vrouwelijke student in Nederland. Literatuurwetenschapper Pieta van Beek wil de bevlogen wetenschapper aan de vergetelheid ontrukken.

Pieta van Beek (57) Beeld Aurélie Geurts

Iedere keer als Aletta Jacobs de eerste vrouwelijke student aan een Nederlandse universiteit wordt genoemd, wordt de werkelijkheid geweld aan gedaan. Jacobs was weliswaar de eerste vrouw die (van 1871 tot 1878) een volledige studie doorliep, maar zij was niet de eerste die colleges volgde. Die eer komt Anna Maria van Schurman (1607-1678) toe. Vanaf 1636 bezocht zij de, in dat jaar gevestigde, Universiteit Utrecht. Dit op voorspraak van de hoogleraar Gisbertus Voetius, een van de bekendste theologen van zijn tijd. Een universeel mens wilde zij worden - voor zover zij dat bij aanvang van haar studietijd niet al was. Zij laafde zich aan alles wat de jonge universiteit te bieden had - gezeten achter een gordijn, buiten het zicht van haar medestudenten. Met deze voorziening wilde de academische Senaat duidelijk maken dat het absoluut niet de bedoeling was dat meer vrouwen gingen studeren.

Van Schurman had haar vader op diens sterfbed beloofd ongetrouwd te blijven om haar leven aan de wetenschap te kunnen wijden. 'Mijn liefde is gekruisigd', was het levensmotto waaraan zij consequent is blijven vasthouden. Oftewel: ik doe afstand van mijn liefdesleven. Met deze gelofte wekte ze onbegrip van mannelijke tijdgenoten die Van Schurman als 'allercharmantste maagd', 'tiende Muze' of 'hemels beeld' vereerden.

Met dezelfde vasthoudendheid waarmee Van Schurman zich wijdde aan de wetenschap, zet de Utrechtse literatuurwetenschapper Pieta van Beek (57) zich in voor het herstel van haar naamsbekendheid. In de 19de eeuw, toen het nationaal zelfbewustzijn moest worden opgepoetst, werd Van Schurman nog als representante van een roemrijk verleden op het schild geplaatst. Zo maakt haar borstbeeld tot op de dag van heden deel uit van de Statenpassage van 'grote Nederlanders' in de centrale hal van de Tweede Kamer. Maar de laatste eeuw is haar nagedachtenis enigszins in de versukkeling geraakt. Zelfs in Utrecht, waar zij ooit furore maakte en denkers en verlichte vorsten, zoals de Zweedse koningin Christina, ontving. Het voornemen om een onderwijsgebouw naar de eerste vrouwelijke student te vernoemen, bleef zonder resultaat. Voor een portret van haar in de Senaatszaal, of een andere representatieve ruimte in het Academiegebouw ontbreekt het geld.

Van Beek lijkt er een levensdoel van te hebben gemaakt dit verzuim eigenhandig te corrigeren. Zijzelf raakte in de ban van Van Schurman toen zij tijdens haar studie de gedichten las waarmee zij de jonge universiteit en de stad Utrecht had willen eren. En zij leerde Latijn, (oud-)Grieks en Hebreeuws om de gedichten en wetenschappelijke - meestal theologische - verhandelingen van Van Schurman in deze talen te kunnen lezen. Met Arabisch, waarvan Van Schurman zich eveneens bediende, is Van Beek ook begonnen, maar de animo daarvoor heeft soms te lijden onder de onprettige associaties die deze taal onderhand wekt.

Anna Maria van Schurman

Van Beek geeft onbekende teksten van en over van Schurman uit, en bij de recente viering van de 380ste dies van de Universiteit Utrecht bood ze de rector magnificus een 6 meter lange boekrol aan met 76 illustraties van haar en haar boeken - een voor elk lustrum dat de universiteit heeft gevierd. 'Een soort optocht van boeken, voorwerpen en portretten door de eeuwen heen.' Het liefst had ze een boekrol met 380 illustraties vervaardigd - een voor elk levensjaar van de universiteit - maar ook daarvoor was te weinig geld.

Vanwaar toch die povere belangstelling voor deze uitzonderlijk geleerde vrouw? Wellicht legt de waardering voor Van Schurman als wegbereider van de feminisering van de universiteit het onderhand af tegen het onbegrip dat ze bij huidige generaties wekt met haar godsdienstig engagement. Ze was verslingerd aan het Martelarenboek, waarin de levens waren opgetekend van omgebrachte 'strijders voor het ware geloof' in de vroegchristelijke tijd en de Reformatie. En net als haar beschermheer Voetius was zij de Nadere Reformatie toegedaan: de orthodoxe stroming binnen de Nederduits Gereformeerde Kerk. Ze gruwde van profaan vertier, zegt Van Beek. Van mensen die zich na het heilig avondmaal rechtstreeks naar de kroeg begaven.

Als dichteres en wetenschapper legde zij zich steeds meer toe op theologische thema's, en in 1669 verkocht ze haar huis aan het Utrechtse straatje Achter de Dom om de radicale prediker Jean de Labadie te volgen - oprichter en naamgever van een sekte die hij als 'de zuivere kerk' beschouwde.

Erotiek en spinnen

Tot de collectie van de Universiteit van Amsterdam behoren twee nogal erotische gedichten (in het Latijn) die aan Anna Maria van Schurman worden toegeschreven. Ten onrechte, zegt literatuurwetenschapper Pieta van Beek. De gedichten zijn geschreven door Vincent Fabritius. En zo kleeft Van Schurman meer onzin aan. Zo wordt zij, ook op Wikipedia, als insectendeskundige aangemerkt. Akkoord: ze heeft weleens een insect getekend. Maar verder reikte haar deskundigheid op dit terrein niet. Na Van Schurmans dood werd beweerd dat zij spinnen had geconsumeerd. Ook dat acht Van Beek onwaarschijnlijk.

Met haar keuze voor het compromisloze geloof wekte ze al bevreemding bij haar tijdgenoten. Volgens René Descartes, met wie ze in voorgaande jaren had gecorrespondeerd, had Voetius haar al met zijn theologische haarkloverij verpest. En onlangs zei Nelleke Noordervliet nog dat Van Schurman weliswaar een eerbiedwaardig wetenschapper was geweest, maar dat ze irrelevant werd toen ze voor het Labadisme koos. Daarmee wordt haar geen recht gedaan, meent Van Beek. Want ze bleef corresponderen met denkers als Leibniz en ze schreef, in het Latijn, een veelgelezen en wijd verspreide autobiografie.

Wat je ook van de Anna Maria van Schurman als Labadist mag denken, zij was ook de eerste die de toelating van vrouwen tot de universiteit had bepleit. Op een zo welsprekende wijze dat zij tot het mannenbolwerk werd toegelaten. Bijna 250 jaar voordat Aletta Jacobs dat presteerde.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.