Review

Andriessen schetst vlijmscherpe beelden van oorlogen en trauma's

Met grote intensiteit schetst Mischa Andriessen vlijmscherpe beelden van oorlogen en trauma's. De dichter trekt een lijn van ontheemden uit de oudheid tot hedendaagse vluchtelingen.

Mischa Andriessen (1970) presenteert met zijn derde bundel een reeks ijle verschrikkingen. Fragmenten uit een naverteld oorlogsverleden roepen beelden op van hedendaagse conflicten. Echo's van mythische figuren die op de vlucht slaan, maar ook van slachtoffers uit de Eerste en Tweede Wereldoorlog klinken door. Met grote intensiteit en op een haast afgemeten toon schetst de dichter vlijmscherpe beelden en trekt een lijn van ontheemden uit de oudheid tot aan vluchtelingen van vandaag.

In de bundel Dwalmgasten komen zowel de machthebbers als de machtelozen aan het woord. Rollen kunnen zomaar worden omgedraaid in een lange reeks metamorfosen die zowel oorlogsgeschiedenis als het werk van Ovidius in herinnering brengt. Een metamorfose kan tot uiting komen in een woord, zoals in het openingsgedicht Net:

Zegt de vader: Spring.
Vang je me? vraagt de zoon.
Vertrouw me maar.
De zoon op de kast aarzelt
springt, wordt opgevangen
klimt terug op de kast.
Nog eens?
Nog eens
zegt de vader. De zoon springt
valt hard op de grond.
Je ving me niet, schreeuwt de zoon.
Waarom? Ja, zegt de vader: Waarom?

Mischa Andriessen

Dwalmgasten

De Bezige Bij; 80 pagina's; euro 17,99.

Poëzie

Het 'waarom' van het kind is direct. In het 'waarom' van de vader klinkt niet alleen een persoonlijke schuldvraag door, maar ook: waarom doen we de dingen die we doen? De vader verandert binnen enkele regels van iemand die vertrouwen wekt tot iemand die zijn eigen zoon laat vallen en daarbij niet alleen zijn eigen motieven bevraagt maar ook het menselijk tekort - waarmee hij de eigen verantwoordelijkheid van zich afschuift.

Andriessen brengt geen feiten maar flarden die met een nachtmerrieachtige kwaliteit opvallend genoeg een hoog realiteitsgehalte hebben. Wie een traumatische ervaring heeft gehad, herinnert zich zelden de hoofdlijnen, wel indringende geuren, sferen, schijnbaar onzinnige details zoals een kale boom, waarin dan toch het geheel van de ervaring - en alles wat die oproept - verzonken lijkt.

In Passchendaele - waar in de Eerste Wereldoorlog honderdduizenden soldaten zijn gesneuveld - neemt een militair een kale boom ('het kreng') op de schouders, wat een kortstondig staakt-het-vuren veroorzaakt: het land is groen als kaam/ als de damp uit de grond slaat/ parkeert een meerdere zijn jeep in de prut/ kijkt rond en zegt: Mijn God, hier?/ net als hij die niet anders dan denken kan:/ Het is geweten. Heel de tijd./ We zijn er met open ogen ingegaan.

De korte zinnen lijken soms halverwege van onderwerp en zelfs van persoonlijk voornaamwoord te wisselen. In het gedicht Gast wordt een indringer opgevoerd. Het is niet onmiddellijk duidelijk of het om een mens of dier gaat. Die verwarring brengt de lezer in een wazig wakkere staat.

De indringer trekt een pistool en neemt bezit van het huis tot de bewoners buiten staan en zien hoe de indringer het zich gemakkelijk maakt. Buren bleken niet thuis/ vrienden speet het vreselijk. Niemand doet iets. We stonden voor andermans raam/ droomden van een haard; een vonk/ die achteloos op het kleed landt.

Niet alleen ten opzichte van het papier, maar ook ten opzichte van zijn eigen omgeving, is de lezer wazig wakker: een dwalmgast in eigen bestaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden