Alst gatom

Het begin van het Kamerdebat over de kwestie Margarita, vorige week woensdag, werd zo vaak uitgesteld dat Hedenlands eerst maar even de boodschappen ging doen....

De Tweede Kamer kan worden beschouwd als de eredivsie van het vergaderwezen, hij wordt niet voor niets 's Lands Vergaderzaal genoemd, en toch: op een willekeurige discussiedag over het kantelen van de mantelzorg of het omturnen van draaideurcriminelen gaat het efficiënter toe. Alle negen fracties krijgen bij zo'n Kamerdebat bijvoorbeeld evenveel spreektijd. Is dat nodig? Naarmate zo'n debat vordert is er steeds minder nieuws te zeggen, dus waarom de spreektijd ook niet gaandeweg korter maken? Om acht minuten voor vier, het debat was een kleine twee uur bezig, legde heer Rietkerk van het CDA, de achtste spreker, nog eens uit hoe het allemaal zo gekomen was. Uit de mond van de laatste spreker, Jozias Van Aartsen van de VVD, konden we het een klein halfuur later nog eens vernemen. Voor de negende keer! Toen hij opheldering vroeg over een dubbelzinnige passage in de brief van het kabinet aan de Kamer, was het de zesde keer dat die vraag gesteld werd. Ook stelde Van Aartsen dat het terecht was dat er een debat plaatsvond. Dat moet, na bijna drie uur, voor iedereen een reuze geruststelling geweest zijn.

Om vier over half zes kwam premier Balkenende aan het woord en vertrouwde ons toe dat er de afgelopen weken veel publiciteit rond de zaak Margarita geweest was. Ook onthulde hij dat er zojuist de nodige vragen gesteld waren, die hij zou gaan beantwoorden. 'Hoe is het zo gekomen?', vroeg hij in zijn zesde spreekminuut, 'wat heeft zich afgespeeld?'

De opzichtige wellust waarmee in ons parlement de tijd wordt volgeëmmerd - het is haast obsceen.

En dan die taal.

Leek het maar zo of werd er nog houteriger, nóg stadhuiziger gesproken dan normaal? Omdat het koninklijk huis in het geding was misschien? Femke Halsema die 'gaarne helderheid verkreeg', 'echter wel degelijk in de veronderstelling verkeerde' en zich ook enorm toelegde op 'geenszins'. (Veruit haar beste zin die middag was: 'Eh. . . waar was ik?') Van Aartsen die een vraag om opheldering van Thom de Graaf 'een goede activiteit' noemde. En Balkenende die het had over 'teruggerapporteerde' informatie, zeven keer zei dat 'iets naar de toekomst toe moest veranderen' en negentien keer een zin begon met 'als het gaat om' ('Alst gatom').

Vandaar, beste Kamervoorzitter Weisglas, deze suggestie. Om uw Leden mooier te leren spreken lijkt mij onbegonnen werk, maar kan het niet gewoon wat minder? Is het een idee om ze vertrouwd te maken met de zinsnede 'ik sluit mij bij de vorige spreker aan'? Ze mogen zoveel nieuwe opmerkingen maken als ze willen, aan dat recht wordt niet getornd, maar bij nodeloze herhaling wordt er afgehamerd. Ik weet zeker dat de kijkers thuis dit ook enorm zouden waarderen. Dat dulle geklepper van die gebedsmolen is toch onverdraaglijk!

Welgeteld één keer in die tien uur werd het 'ik sluit mij bij de vorige spreker aan' gebezigd. Het was om achttien over drie, door Femke Halsema, die zich aansloot bij de woorden van André Rouvoet van de CU. Die ze vervolgens helaas in extenso herhaalde, zodat we er netto niet zoveel mee opschoten. Maar de intentie was er, nu de uitvoering nog.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden