'Alsof die Indonesiërs zulke lieverdjes waren'

'Nou moet het niet gekker worden', sprak de 85-jarige weduwe van generaal Spoor tot zichzelf. Ze had net gelezen over het voornemen van premier Kok die tegenover Indonesië zijn spijt wil betuigen voor de 'politionele acties' van 1947 en 1948....

Haar dochter probeerde haar, met het oog op haar hoge bloeddruk, hiervan nog te weerhouden. Binnen de Indische gemeenschap, waarmee ze innige banden heeft, oogstte mevrouw Spoor bijval.

'Straks moeten we ons ook nog gaan verontschuldigen voor de geloofsijver van de calvinisten tijdens de Tachtigjarige Oorlog', zei een medestander. 'Of voor de wandaden van de Batavieren', zei een ander. Mevrouw Spoor-Dijkema deed wat haar hart haar ingaf en richtte een vlammend protest tot de minister-president.

Over de gevolgen van haar soloactie maakt zij zich geen illusies. De Nederlanders hebben nooit iets begrepen van 'de Indische mensen'. Dat was al zo in 1949, toen mevrouw Spoor berooid en moegestreden werd gerepatrieerd.

'Die politionele acties, waar mijn man de strategische verantwoordelijkheid voor droeg, worden hier gezien als een bloederige poging om de oude gezagsverhoudingen te herstellen. Dat is de grootste onzin! Ze waren gericht tegen de algehele wetteloosheid in Indië. Maar níet tegen het recht op zelfbeschikking van de Indische volkeren.'

Door het bijna collectief geuite verwijt dat de Nederlandse troepen in Indonesië wandaden hebben begaan, voelt de weduwe zich al helemaal niet aangesproken. 'Iedere keer halen ze die Hueting en Poncke Princen weer van stal. Dat zijn namen waar we van gaan steigeren! Nee, neem dan die Indonesiërs! Alsof dát zulke lieverdjes waren! De geweldsexcessen hebben zich vooral aan hún kant voorgedaan.'

'Ik weet waarover ik het heb. Vlak voor de eerste politionele actie reisde ik van Batavia naar Bandung. In dit gebied waren rebellen actief. De auto waarin ik zat, kon nog net aan hen ontkomen. De auto na ons werd tot stoppen gedwongen. De inzittenden zijn letterlijk in reepjes gesneden.'

Met de brief aan Kok geeft mevrouw Spoor uiting aan een diepgewortelde wrok jegens de politiek. Politiek is voor haar gekonkel, incapabele machthebbers, ruziënde partijen, onwaarachtigheid en - vooral - het fatale besluit om de zegetocht van het Nederlandse leger voortijdig te beëindigen.

'Die politionele acties waren een zegen, daar was iedereen het toen over eens. Ik herinner mij nog goed dat mijn man op de ochtend waarop de operaties begonnen een Amerikaanse collega ontving. ''What a lovely day to start a war'', zei hij ter begroeting.'

In het voorjaar van 1949 was mevrouw Spoor voor een lang verlof in Nederland. Haar man zou zich later bij haar voegen. Daar is het niet meer van gekomen. 'Op 22 mei had hij nog met een paar vrienden in de jachtclub van Priok gegeten. De dag erna werd hij getroffen door een zware hartaanval. Plesman, de president-directeur van de KLM, had een postvlucht naar Batavia geregeld, maar toen ik op Schiphol arriveerde, hoorde ik dat mijn man was overleden, 47 jaar oud.'

De begrafenis heeft zij nog bijgewoond. Sindsdien heeft zij Indonesië niet meer bezocht. 'Ik was te boos over alles wat zich daar had afgespeeld. Vervolgens was ik te druk met mijn eigen leven, en had ik ook helemaal geen geld voor zo'n onderneming. En nu? Ach, het is er zo'n rotzooi. Ik heb er geen zin meer in.'

Premier Kok liet gisteren weten dat hij niet de bedoeling heeft een negatief oordeel uit te spreken over militairen die zich destijds naar eer en geweten van hun taak hebben gekweten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden