ColumnSylvia Witteman

Alsof de duvel ermee speelde: ook in Little House on the Prairie waart een ziekte rond

Ik zag foto’s van dolfijnen in de eindelijk eens schone grachten van Venetië en dacht ‘Kom, laat ik Der Tod in Venedig weer eens herlezen, over die arme Aschenbach, dat geraffineerde kleine loeder van een Tadzio, en de rondwarende cholera. Indertijd (1912) had de medische wetenschap al ontdekt hoe ziektes overgebracht worden door besmetting, maar de meeste leken geloofden nog steeds dat mensen ziek werden van het nogal ongrijpbare fenomeen ‘miasma’, wat iets betekent als ‘slechte geur’; stank, dampen van rotting en hitte. Zelfs in mijn jeugd bestond er nog zoiets als ‘avondlucht’ die volgens (groot)moeders slecht was voor kinderen.

Ik las Der Tod uit. Het was veel cerebraler dan ik me kon herinneren. Waarschijnlijk had ik al die tijd vooral die film voor de geest gehad uit 1971 met Dirk Bogarde. (Met snor, helaas.) Vrolijker was ik er sowieso niet van geworden en om weer een beetje op te knappen nam ik een deeltje uit Laura Ingalls’ Little House-serie ter hand. Daarin loopt tenminste altijd alles goed af, nou ja, behalve dat Mary blind wordt, maar dat weerhoudt haar er niet van om prachtig te borduren en zo.

Het was alsof de duvel ermee speelde: ook in Little House on the Prairie waart een ziekte rond, ‘fever ’n ague’ genoemd, waar iedereen aan dreigt te bezwijken. ‘Pa’s head lifted up a little, and he said, ‘I must get up, I must. Caroline and the girls.’ Then his head fell back and he lay still. Jack (de hond des huizes, SW) lifted up his nose and howled.’ Zo ligt het hele gezin dagenlang tussen leven en dood te zweven.

Laura ontwaakt half uit haar koortsdromen en ziet een onbekend gezicht: ‘It was coal-black and shiny. Its eyes were black and soft. Its teeth shone white in a thick, big mouth. The face smiled, and a deep voice said, softly: ‘Drink this, little girl’. Laura, haar ouders en zusjes drinken het bittere drankje (‘she could swallow the powder, but she could not swallow the bitterness’) en iedereen wordt weer beter, dankzij die vriendelijke dokter Tan, de eerste zwarte man die Laura ooit te zien krijgt. Ik blijf me afvragen hoe die zwarte dokter rond 1880 in Kansas terecht kwam, maar wat doet het er ook toe? We hebben een hele reeks heerlijke boeken aan hem te danken.

Die ziekte ‘fever ’n ague’ was, weten wij nu, malaria. Malaria wordt door muggen verspreid, maar dat wist toen zelfs dokter Tan niet. Malaria is een Italiaans woord, dat letterlijk ‘slechte lucht’ betekent. Die goede oude miasma-theorie dus. In het Nederlands werd malaria ook wel ‘moeraskoorts’ genoemd; men gaf de dampen uit moerassen de schuld. In werkelijkheid ging het dus niet om de dampen, maar om de muggen die daar in rondzoemden.

Mevrouw Scott, de dikke, blanke sidekick van dokter Tan, heeft weer andere opvattingen over die ‘fever ’n ague’: je krijgt het van watermeloen eten. Pa Ingalls gelooft het niet, want ‘everyone knows that fever ’n ague comes from breathing the night air’. En dan spreekt Ma Ingalls de gedenkwaardige woorden: ‘This watermelon grew in the night air.’

Pa lacht haar uit, en slacht de watermeloen. ‘The green rind split open, and there was the bright red inside, flecked with black seeds. The red heart actually looked frosty. Nothing had ever been so tempting, as that watermelon on that hot day.’

Pa eet de ene schijf na de andere, terwijl zijn gezin verlekkerd toekijkt maar geen hapje durft te nemen van die meloen die ‘in de nachtlucht gegroeid is’. Een bijzonder wrede scène, die me altijd zal bijblijven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden