Als een tangverlossing

'Extra deprimerend!' staat op het omslag van het nieuwste nummer van De Revisor. En ook: 'Groot Winterboek'. Volgens de redactie kent ieder seizoen zijn eigen literaire genre....

Vandaar nu een winterboek vol korte verhalen, een paarbeschouwingen over het genre van het korte verhaal én een echte'winterpuzzel'. Een mooi initiatief, weliswaar met wisselendresultaat, maar het grootste deel is toch zeker het lezen waard.

Zo schreef Floor Haakman Heel mijn Hart, een tragikomischverhaal waarin een ongelovige bohémien het aanlegt met een'stuitend braaf meisje', afkomstig uit een zwaar christelijk,Fries dorp: 'Ze hadden haar moeten behoeden te gaan werken alsstagiaire bij die grote krant in Amsterdam. Een goede krant,Trouw, maar een zieke omgeving.'

Haakman is scherp in haar observaties en formuleringen,maar het blijft allemaal taal. De boosaardige man en hetgoedgelovige meisje krijgen op geen enkel moment een gezicht.Zelfs niet als ze een evangelische happening bezoeken van hetzangduo Evy en Teefje Knevel, een naam die verdacht veel lijktop een contaminatie van stripfiguur Eefje Wentelteefje enEO-presentator Andries Knevel.

Wie wel een uiterlijk krijgt, is de Leidse studente die eenhoofdrol speelt in Joost Zwagermans Showing, not telling: 'Ze hadfelblauwe ogen waarmee ze vanonder rupsachtige wenkbrauwenvoortdurend achterdochtig naar hem keek. Het waren ogen alsradars'.

Deze Marleen volgt een cursus creatief schrijven bijZwagermans zelfverzekerde alter ego Otto Valei, geen onbekendevoor de lezers van Zwagermans satire Chaos en Rumoer.

De kracht van dit (al eerder gepubliceerde) verhaal zitniet zozeer in het gegeven van een studente die haar docentvoorbijstreeft, als wel in het feit dat de studente dit doet metde wapenen die hij haar zelf ter hand heeft gesteld.

Zij zegt niet dat zijn tijd voorbij is, nee, zij laat zien datOtto Valei zo dood is als een veenlijk dat: 'vier levensdaarvóór heeft gepoogd schrijver te zijn'.

Maar het mooist in deze Revisor is wel de op z¿n zachtstgezegd prikkelende bijdrage van L.H. Wiener. Als geen ander weethij de heilige huisjes van de schrijfkunst omver te trappen. Opde vraag hoe een verhaal tot stand komt, antwoordt hij: 'Als eentangverlossing.'

En het idee van een inspiratiebron doet Wiener af als eenromantische misvatting. Voor hem is de enige bron: 'De bron deslevens - de fons vitae - waaraan iedere schrijver zich moetlaven, maar waarin de meeste, gedreven door narcisme en artistiekonvermogen, verdrinken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden