InterviewHossein Alizâdeh

Als een Perzische tar en een fortepiano uit Mozarts tijd samenvloeien ontstaan de mooiste dingen

De Iraanse Tarspeler Hossein Alizâdeh speelt vrijdag met het trio van jazzpianist Rembrandt Frerichs op Crossing Border. In de aanloop naar dit bijzondere optreden sprak De Volkskrant met Alizâdeh over toenadering in – en voorbij – de muziek.

Tarspeler Hossein Alizâdeh (m) tussen twee leden van zijn Hamavayan Ensemble.Beeld Pauline Niks

Je hebt ontmoetingen waarbij musici elkaar vluchtig leren kennen, en persoonlijke interesses elkaar alleen schampen. Er zijn ook muzikale ontmoetingen waarbij fascinatie en wederzijdse nieuwsgierigheid de motor vormen voor het ontdekken van nieuwe muzikale werelden. De Nederlandse jazzpianist Rembrandt Frerichs en Irans grootste nog levende componist Hossein Alizâdeh hadden zo’n ontmoeting.

Alizâdeh: ‘Toen Frerichs twee jaar geleden liet weten graag met mij te willen spelen, was hij supernieuwsgierig naar alles wat met Iraanse muziek te maken had. Hij was geen toerist in Perzische cultuur! Hij was vreselijk goed op de hoogte en hij kende alle opnamen van Ali Bahrami Fard, die de santur bespeelt (een Iraanse versie van het hakkebord, red.), en die hij voor onze concerten vertaalde voor piano.’

En daarom beschouwt de 67-jarige muziekgigant uit Teheran Nederland als zijn ‘tweede thuis’ en Frerichs (41) als zijn ‘broertje’. Vrijdagavond speelt Frerichs op Crossing Border, het festival voor muziek en literatuur, met zijn eigen trio samen met Alizâdeh en twee leden van diens Hamavayan Ensemble.

Rembrandt Frerichs.Beeld Adriaan van der Ploeg

Qua bekendheid en uitstraling geniet Alizadêh in Iran de status van André Rieu hier. Een onbetwiste, populaire grootheid die ‘klassieke’ én eigen muziek speelt en daarmee het volk massaal op de been brengt. Hij was tot begin 21ste eeuw directeur van het nationaal conservatorium in Teheran, waar hij ook les gaf, schreef filmmuziek, werkte met het orkest van het balletgezelschap van Maurice Béjart en werd in 2007 genomineerd voor een Grammy voor wereldmuziek. Alizâdeh is een virtuoos op de tar, een instrument van de luitfamilie, die zich over het hele Midden-Oosten heeft verspreid.

Nader tot elkaar

Maar om de wereld van tar en piano bij elkaar te brengen moet wel een barrière worden genomen. De kwarttonen uit de Iraanse muziek bestaan niet in traditionele westerse muziek, waar het kleinste verschil in toonhoogte een halve toon bedraagt. En op een piano liggen al die tonen in de toetsen vast. Want anders dan bij een viool, waar je je vinger overal op de hals kunt leggen, kun je op een piano niet tussen de toetsen spelen.

Alizâdeh: ‘Dus moet Rembrandt zijn fortepiano herstemmen om die kwarttonen uit zijn instrument te toveren. Het maakt hem wendbaarder in Iraanse muziek. Maar ik heb ook het gevoel dat hij door die aanpassingen mij als componist beter aanvoelt. Dat we nader tot elkaar komen.’

Wat er vrijdagavond gespeeld wordt is alleen in grote lijnen te zeggen. ‘Over het algemeen stuur ik mijn op de tar gespeelde composities naar hem op. Die vult hij naar eigen inzicht aan.’

Verwacht dus geen uitgestippelde routes die van couplet naar refrein naar bruggetje leiden. Het mag alle kanten op. De traditionele Iraanse muziek hanteert weliswaar de radif, een verzameling antieke melodische figuren, als leidraad, maar het is nadrukkelijk de bedoeling dat die figuren als fundament dienen. De muzikant bouwt daar verder op. Vergelijk het met zijn verre neefje jazz. Daar is ook het thema het basismateriaal voor improvisaties.

Voortgang

Alizâdeh nam zelf, als een vorm van culturele conservatie, meer dan tweehonderd melodieën van de radif op. Toch houdt hij zich verre van traditionalisme. ‘Als je je alleen bezighoudt met de traditie zit je vast in je eigen culturele gevangenis. Zelfs wat nu wordt getypeerd als traditionele Perzische muziek klinkt anders dan honderd jaar geleden. Muziek leeft alleen als het voortgang kent.’

Voortgang, verbreding, vermenging, daaruit kunnen de mooiste dingen groeien. Soms zelfs ver buiten de muzikale agenda. ‘Waarom zijn er muzikale ontmoetingen zoals ik die heb met Rembrandt? Omdat de wereld wordt geteisterd door oorlog en geweld. Dan is zo’n ontmoeting tussen muzikanten een toenadering tussen culturen die wederzijds begrip oplevert. Het kan volgens mij zelfs een eerste aanzet tot vrede zijn. Daar geloof ik heilig in. Wat dat betreft kunnen politieke leiders veel van muzikanten leren.’

Hossein Alizâdeh speelt met het trio van Rembrandt Frerichs het vrijdagconcert van Crossing Border in de Nieuwe Kerk in Den Haag.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden