'Als dit mislukt, word ik weer verhuizer'

Johnny Dowd is een gewone jongen, van wie je het nooit had verwacht. Een verhuizer uit een plaatsje in de buurt van New York City....

ER LIGT EEN dooie in de slaapkamer. En in de gang ligt een ander. Bloed overal, de lichamen - de een blank, de ander zwart - zijn nog warm. Terwijl in de verte een hond begint te blaffen en niet meer ophoudt, gaat de zon langzaam onder.

De hond blaft, er wordt een moord gepleegd. Zo gaat dat nu eenmaal in de blues. Je hoort het, je haalt de schouders op, en denkt: zielig, maar toch is het gewoon een liedje.

Met Johnny Dowd is het wat anders. Die schud je niet zo gemakkelijk van je af. Zoals hij zingt over moord en bedrog en wachten op het doodvonnis, is het moeilijk te geloven dat het maar liedjes zijn en dat de zanger maar een gewone muzikant is. De murderballads van Dowd klinken gevaarlijk echt. Alsof ze met paniek in de ogen en zweetdruppels op de bovenlip opgenomen zijn in een vochtige kelder, het licht van een peertje weerkaatst door niets dan een kaalgeslagen gitaar. De zanger heeft het zo te horen allemaal met eigen ogen zien gebeuren, of nee: het bloed aan zijn handen is nog niet droog.

Dowd zet je nekharen overeind.

'Ik ben een hele gewone jongen', teemt hij in Average Guy. 'Zo eentje die in de winter lange mouwen draagt, en korte mouwen in de zomer. Gewoon een hele gewone jongen, helemaal niks opvallends.' Zo zingt Dowd. Over een hele gewone jongen, van wie je zoiets nooit had gedacht.

Johnny Dowd is een debutant van vijftig. Een verhuizer uit de buurt van New York, (mover op z'n Engels, mooier beroep kan een muzikant niet hebben) die z'n leven lang in bandjes heeft gespeeld, en nu, met zijn eerste cd, ineens weerklank krijgt. Wrong Side of Memphis slaat aan, eerst in de Verenigde Staten, nu ook in Europa.

De aandrang is groot om meteen te vragen hoe autobiografisch zijn muziek is, of geweld en misdaad werkelijk zo verweven zijn met zijn leven. Maar iets in zijn houding weerhoudt die vraag. Een dag eerder, bij zijn optreden voor de VPRO-radio in Studio Amstel, droeg Dowd een donkere zonnebril. Nu priemen zijn ogen van onder zware wenkbrauwen ongefilterd de wereld in.

De mengelmoes van punkrock, stadse country, jazz en elektronische muziek uit Duitsland die hij bij de VPRO hoorde was hem goed bevallen. Een dergelijke variëteit zou hij op zijn volgende plaat ook willen. 'Muziek is geluid dat bij een emotie moet passen', zegt Dowd, terwijl hij op zijn hotelkamer onophoudelijk in een oud kuipstoeltje heen en weer wipt. 'Ik zit niet vast aan countryblues. Eén Lightnin' Hopkins is genoeg. Techno, gesampled geluid, violen, of een klap met een hamer op een pijp - het kan allemaal passen. Maar als je over down & out zingt, moet je geen dartele muziek maken.'

'Er is namelijk niks romantisch aan down & out zijn', verzekert Dowd, en kijkt of hij het kan weten. 'Een gevecht wordt pas romantisch als het voorbij is. Zit je er middenin, dan is het vooral beangstigend. Voor mij tenminste, ik ben niet zo'n vechter.' Waarmee hij een deel van zijn muziek op slag naar de fictie verwijst.

Al vele jaren verdient Dowd zijn geld als mede-eigenaar en chauffeur van een verhuisbedrijfje met twee vrachtwagens in Ithaca, een stadje boven New York. Zolar Moving heet het, de naam is geborduurd op het shirt dat hij draagt. 's Morgens om zeven uur staat hij op, hij rijdt en sjouwt de hele dag, en 's avonds, als andere truckers zich met hun benen op de bank voor de buis zetten, gaat hij het podium op met zijn band. 'Op een goede avond is het de beste band die je je kan wensen.'

Zo is het jarenlang gegaan. Tot het moment aanbrak dat hij er geen zin meer in had z'n liedjes voor te spelen, om dan af te wachten wat de jongens van de band ervan zouden zeggen. Dowd wilde even niks met mensen te maken hebben.

Hij dook een studiootje in en nam een tape op met liedjes die hij ongeschikt achtte voor zijn band. Vrienden die zeiden dat het het beste was wat hij ooit gedaan had, gaven hem de moed om de tape naar kenners te sturen. Een zekere Chris Morris - 'Ik kende die man helemaal niet' - schreef vervolgens: A moving man from Ithaca, New York, embarks on the scariest ride of the year in this homemade work of genius.

Het aardige was dat die vriendelijke woorden van Morris verschenen in Billboard, zoals Dowd zegt The Wall Street Journal van de muziekbusiness. Dat was het begin. 'Nu stond ik in hetzelfde blad als Mariah Carey en Tori Amos. Ik dacht, misschien is er toch plaats voor me in de muziek.'

Sindsdien blijken wonderbaarlijk veel mensen de rillingen die zijn muziek bezorgt, op prijs te stellen. Veel meer dan hij ooit dacht. 'Volg je eigen dromen, zeggen ze. Doe wat jezelf wilt, blijf dicht bij jezelf. Ik heb dat allemaal nooit geloofd. Nu denk ik dat die hele negatieve, defensieve kijk verkeerd is. Ik moet m'n visie op het leven bijstellen en een positivo worden.' Hij kijkt onwennig op.

Terwijl Dowd in Europa uitlegt hoe het zo gekomen is, draait zijn bedrijf in Ithaca op halve kracht. Dat kan niet te lang zo doorgaan. 'Ik word er niet jonger op', zegt hij, terwijl hij de rug van het arme stoeltje tegen het bed laat zakken, zich vastgrijpt aan de tafelrand en weer rechtveert. 'Dit is mijn laatste kans. Mislukt het, dan word ik gewoon verhuizer. De energie om werk en muziek te combineren heb ik niet meer.'

Dowd maakt arbeidersmuziek, vindt hij zelf. 'Ik ben niet geboren met een zilveren lepel in mijn mond. De wereld is verdeeld in arm en rijk. In de omgeving waarin ik opgroeide waren we ons daar zeer van bewust. En nog steeds. Ik verhuis de rijken, maar zou mezelf niet kunnen betalen.'

Diezelfde omstandigheden bepalen de onderwerpen waarover hij schrijft. Dowd ziet graag Franse cinema, weet dat de films van Ingmar Bergman over verhoudingen tussen mensen gaan, en over liefde en dood - eigenlijk net als zijn liedjes.

Maar het perspectief is anders. 'Ik ben Amerikaan, ik ben opgegroeid met cowboyfilms, met schieten en bloed, full color. Als ik tijdens een ruzie m'n vriendin zou doodschieten - wat god verhoede -, dan kan ik niet doorgaan met leven. Dus schiet ik mezelf door het hoofd. Het kost me niet veel moeite om dat voor te stellen. Maar ontstaat diezelfde ruzie in een Eric Rohmer-film, dan zou een personage kunnen volstaan met iets heel gemeens te zeggen tegen de ander. Dat is het verschil.'

'Be content with your life. It may not get any better.' Dowd schrijft teksten zonder metaforen, zonder abstractie, zonder verborgen betekenissen. 'Alles wat ik doe is te herleiden tot de twaalf maten van de blues, al zou het daar niet interesssanter van worden. Uit de directheid van de blues komen ook de tekstideeën. Ik pakte m'n 33.20 en schoot haar hoofd in tweeën. Dat is toch ook, euhh. . . grappig. Blueszangers lachen als ze zoiets zingen. Geweld is een typische Amerikaanse oplossing, vuurwapens ook.'

Jazeker, ook Dowd heeft een pistool thuis. 'Maar niemand is er banger voor dan ik. Je schrijft over dingen waar je bang voor bent, in jezelf of in anderen. Het laatste wat ik wil is geweld romantiseren.'

Dowd is eerder door films en boeken beïnvloed dan door muziek. Hij noemt Flannery O'Connor als voorbeeld, de grote schrijfster van de zuidelijke staten. En Tolstoj, die over graven en vorsten net zo gemakkelijk schreef als over boeren. Een groot schrijver kan elk onderwerp een stem geven. Dowd niet, die moet dicht bij huis blijven. 'Ik kan bijvoorbeeld niet over een Nederlandse journalist schrijven. Die toon beheers ik niet.'

Hij pakt een roman van de IJslandse Nobelprijswinnaar Laxness van tafel, vertelt dat het boek hem tot een gedicht heeft geïnspireerd. 'Dankzij hem weet ik hoe het leven van een IJslandse schaapherder is. De wereld gaat kapot als mensen al hun informatie visueel krijgen omdat ze niet meer lezen. Zo leer je nooit je in anderen te verplaatsen. Ook muziek kan je dat niet leren.'

Johnny Dowd: Wrong Side of Memphis. Munich Records MRCD 193.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden