Als de big data heersen kan de mens bij het vuilnis

Schrijver Maxim Februari: 'We stevenen af op een totalitair systeem'

Facebook, Google en de andere grote techbedrijven sleuren ons mee naar een totalitair systeem, volgens jurist, filosoof en schrijver Maxim Februari: 'We zitten midden in een revolutie en die is ingrijpender dan de industriële.'

Maxim Februari Foto Mike Roelofs

Het begon met koppeling. Of eigenlijk begon het met een gesprek over mobiliteit. Maxim Februari zat thuis aan de eettafel met zijn geliefde, vertaler en literatuurcriticus Gerda Meijerink, te praten over het idee van mobiliteit. 'Onze gezamenlijke gedachte was dat mobiliteit op een gegeven moment schaars zal worden. Tegenwoordig denk ik niet meer zoveel na over infrastructuur van wegen enzo, maar destijds wel, en Gerda was daar helemaal erg in geïnteresseerd. Mobiliteit wordt dus schaars, vanwege milieu, drukte, toenemende bevolking, noem maar op. In de toekomst krijg je per jaar tienduizend kilometer, en als het op is, is het op.

'Maar aan het gebruik van die kilometers kunnen voorwaarden worden gesteld. Jij geeft aan dat je morgen naar Den Haag wil. Het grote systeem antwoordt: sorry, je kunt morgen helemaal niet naar Den Haag want je vrouw is morgen ook al onderweg, hebben we gezien; jullie kinderen doen het trouwens niet zo goed op school, die hebben aandacht nodig; wij vinden dat je morgen maar eens thuis moet blijven. En dan kun je dus niet weg, want de toegang tot de snelweg is geblokkeerd met een slagboom die jou een enorme klap op je kop geeft als je er toch probeert op te komen.

'Koppeling houdt in dat alle gegevens die instanties over je hebben aan elkaar worden verbonden - over je partner, je gedrag, je gezondheid, je prestaties en je verdiensten - en dat je op grond daarvan wel of niet toegang krijgt tot iets. Toegang was iets wat mij ook al langer interesseerde; toegang krijgen tot gezondheidszorg, tot onderwijs, tot diensten van de overheid. Toegang kun je afhankelijk maken van criteria, die weer zijn gebaseerd op gegevens, op data. Die data kunnen overheden en het bedrijfsleven tegenwoordig heel gemakkelijk verzamelen. En dan heb je een totalitair systeem.'

Een totalitair systeem?

'Een totalitair systeem. Daar stevenen we op af.'

De kop is eraf, de schrik zit erin, en dan moet de lunch in het Utrechtse Restaurant Wilhelminapark nog worden geserveerd.

Maxim Februari (54) is de schrijversnaam van jurist, filosoof en kunsthistoricus Max Drenth. Februari, tevens columnist voor NRC Handelsblad, schreef het beste Nederlandstalige boek van 2017: Klont. 'Briljante roman over hoe mens te zijn in een gedataficeerde wereld', aldus recensent Persis Bekkering in de Volkskrant, die het boek vijf sterren gaf. NRC smeet er vier ballen tegenaan en roemde de humor en verbeelding, Trouw vergeleek Februari met Sartre. Alleen De Groene Amsterdammer was wat gereserveerd: 'Klont is speels, erudiet, ironisch, ernstig, zozeer dat het moeilijk toe te geven is dat het daarnaast ook nog eens saai is, gek genoeg.'

Februari citeert ook die laatste quote op zijn website, maar dan zo: 'Klont is (...) saai.' De schrijver is gezegend met het soort onderkoelde humor dat vaak Brits wordt genoemd, maar hij is geboren in Coevorden, groeide op in Utrecht, woont in Doorn en verhuist komend voorjaar naar de Betuwe.

Overigens is Klont verre van saai.

Rode draad is de ontmaskering van de sexy dertiger Alexei Krups. Algemeen wordt deze Krups gezien als de grootste denker van de wereld; zelf noemt hij zich een 'handelaar in intellectueel afval', omdat hij de meeste van zijn schitterende vergezichten van andere denkers heeft gejat. Februari: 'Ja, dat doen we allemaal. Ik zeg erbij van wie ik het heb, en dan heet het erudiet. Ik denk dat iedere columnist zich een oplichter voelt, omdat je geacht wordt iets te zeggen terwijl je eigenlijk ook niet precies weet hoe het zit.'

Aanvankelijk wilde Krups een Richard Dawkins, Daniel Dennett of Steven Pinker worden en de mens ontrafelen via de biologie, tot hij zich realiseerde dat de grote vragen helemaal niet meer gaan over de natuur en de volgende golf zich alweer aftekent: het geloof in data. Sindsdien reist hij van New York naar Milaan naar Dubai om op belangrijke podia in een strak pak glanzende verhalen af te steken over de bedreigingen van de techniek, over robotisering, kunstmatige intelligentie en over de verdringing van kennis door data, waarbij hij de nieuwste ontwikkelingen behendig verweeft met de grote lijnen van de cultuurgeschiedenis.

Het soort verhalen, kortom, waarmee schrijvers als Evgeny Morozov (The Net Delusion), Franklin Foer (Ontzielde wereld) of Yuval Noah Harari (Homo Deus) zichzelf de afgelopen jaren mateloos populair hebben gemaakt.

Je hebt een goed gevoel voor timing.

'Ik was al zeker acht jaar in de krant bezig, enigszins in de verlorenheid. Mensen wilden er niet aan, om niet te zeggen: ze vonden het niks. Ik kreeg veel mails van lezers: het is dat we je kennen en leuk vinden, maar van ons hoeft dat hele onderwerp niet zo. Nu begint langzaam een beetje door te dringen wat er gaande is.'

In 2013 verscheen The Circle van Dave Eggers; dat boek was ook wel een wake-upcall.

'Zonder meer. Ik vind The Circle als roman compleet mislukt, maar het is natuurlijk wel zo dat iedereen zich daardoor realiseerde dat Facebook en Google niet alleen maar leuk zijn. Toen The Circle verscheen, lag Klont er ook al, de opzet althans en flarden van stukken - ik schrijf altijd in flarden. Maar ik ben er een hele tijd tussenuit geweest, ik heb door privéomstandigheden een paar jaar niet aan het boek kunnen werken.'

Die privéomstandigheden waren de ziekte en het overlijden, twee jaar geleden, van Gerda Meijerink, met wie Februari een kwart eeuw samen was. 'Ik zat volop in de mantelzorg, dan krijg je het niet voor elkaar een roman te schrijven. Na Gerda's dood heb ik het boek weer opgepakt. Ik realiseer me dat het nu een veel beter tijdstip is om ermee uit te komen dan wanneer ik het drie jaar eerder had gedaan; misschien was het nog handiger als het nog een jaar had geduurd.'

Je zegt dat langzaam begint door te dringen 'wat er gaande is'. Wat is er gaande?

'Bij een bijeenkomst hoorde ik iemand van een groot technologiebedrijf zeggen: over een tijdje hebben we de universele verklaring van de rechten van de mens niet meer nodig, want dan hebben wij data. Dat wil dus zeggen dat je recht niet meer op schrift hoeft te stellen. Dat je mensen eenvoudig kunt aansturen op grond van de data die je over ze hebt. En die technoloog bedoelde het nog positief ook, als een belofte: we kunnen jou beschermen op grond van wat we van jou weten. We geven je richting.

'Wat er gaande is, is dat bedrijven en overheden steeds meer dingen weten over mensen, gegevens verzamelen over wat je eet, hoe je slaapt, wat je doet, en die vervolgens gebruiken op een heel ander beleidsterrein. Je weet waar iemand met de trein of auto naartoe is gereisd en je gaat daar een beslissing over een zorgaanvraag aan koppelen - ik noem maar een voorbeeld.'

Februari trekt opeens een zorgelijk gezicht. Zijn auto staat in de woonwijk achter het Wilhelminapark geparkeerd; onbetaald. 'Mijn pasje deed het niet. Ik moet zo even naar de bank.'

Ik heb op de mobiel zo'n handig appje, van Parkmobile geloof ik, of Yellowbrick

'Dat wil ik dus niet, want dat wordt gekoppeld aan weer een ander account en ik weet niet wie dat allemaal met elkaar gaan delen.'

Zit je wel op Twitter en Facebook?

'Op Twitter lees ik alleen dingen. Ik ben geen Facebooker; als je nu nog op Facebook zit, ben je wel erg naïef.'

Ik zit wel op Facebook. Maar ik kijk er maar twee keer per week op.

'En je hebt er vast aarzelingen over. Iedereen die ik tegenkom zegt: ik zit wel op Facebook, maar eigenlijk zou ik het niet moeten doen. Zo werken totalitaire systemen. Je loopt achter iemand met die vlag aan en je zegt: eigenlijk zou ik het niet moeten doen, maar alle anderen doen het ook. We lopen een richting op waarvan we van tevoren zien dat het niet de goeie is, maar ja: omkeren is ook zo vervelend.'

Dus Facebook is onderdeel van het totalitaire systeem.

'De grote techbedrijven Facebook, Google, Amazon, Apple en Microsoft, de frightful five zoals ze worden genoemd, zijn veel geld aan het vergaren; ze worden verschrikkelijk rijk. Maar wat rijke bedrijven vroeger niet hadden en deze bedrijven wel, is kennis over mensen.

'Het gaat om de optelsom van kennis, geld en macht. Ook militaire macht. Google heeft bedrijven opgekocht die in opdracht van het Amerikaanse leger robots hebben gemaakt; ze kopen experts op het gebied van kunstmatige intelligentie weg bij andere bedrijven. Er zit straks een gigantische hoeveelheid power in één zo'n bedrijf; zelfs als daar uitsluitend ontzettend lieve mensen zouden werken, is dat heel onverstandig.

'Wat er gaande is, is dat we midden in een revolutie zitten die misschien groter is dan de industriële revolutie. De industriële revolutie heeft enorm veel schade opgeleverd, bijvoorbeeld voor het klimaat; als je dat toen had gezien, had je dingen kunnen bijsturen. Dat geldt voor ons nu ook.'

Maxim Februari Foto Mike Roelofs

Die gigantische macht was vermoedelijk nooit bij voorbaat het doel.

'Charismatische leiders beginnen doorgaans als jonge rebellen. Ze willen iets verbeteren. Dat geldt ook voor de computermensen, die willen iets maken waarvan ze denken: daar heeft de mensheid iets aan. Dat is vast oprecht idealisme, maar ik denk dat zelfs iemand als Hitler nooit 's morgens opstond met de gedachte: wat zal ik nou eens voor slechts gaan doen?

'Mark Zuckerberg is vorig jaar op bezoek geweest bij de paus, om hem een drone te overhandigen. We moeten de hele wereld verbinden, zei hij daarbij. Dat verbindingsverhaal is natuurlijk iets waarmee je bij een paus kan komen aanzetten. Het klinkt heel aardig.'

Er bestaan ook eenzame mensen die dankzij social media minder eenzaam zijn. Dat is toch mooi?

'De voordelen van internet zijn groot. Wat je er allemaal kunt vinden, aan kennis maar ook op persoonlijk gebied, is prachtig, ik heb er zelf veel plezier van gehad. Het is ook niet zo dat ik anti-Facebook ben of anti-Google als het gaat om wat ze leveren, want dat is leuk genoeg. Ik kwam net nog grootouders tegen met een kleinkind dat in Israël zit. Vroeger waren dat hartverscheurende situaties, nu kunnen ze lekker door de foto's scrollen. Dus ja.'

Maar.

'Zo ver waren we tien jaar geleden al, dat we dachten: wat een mooi spul! Leukleukleuk. De internetpioniers waren er zelf nog het meest van overtuigd dat ze het walhalla brachten.'

Maar.

'Maar diezelfde internetpioniers zijn zich intussen wezenloos geschrokken van wat er óók allemaal mogelijk is. Hoe meer verstand ze ervan hebben, hoe kritischer ze zijn; niet allemaal overigens. De oprichter van Google zegt: we zijn het grootste sociale experiment ooit begonnen, en hebben geen flauw idee wat we aan het doen zijn. Datzelfde geldt voor de kunstmatige intelligentie die we uitvinden terwijl we niet weten wat dat gaat aanrichten.

'Intussen nemen die bedrijven wel allerlei publieke functies over. Neem geld. Geld was altijd staatsgeld. Als je nu met een pasje betaalt, staat daar de vlag van Visa op of van Maestro. Het is geen publiek geld meer, het is ook geen geld meer; het zijn financiële gegevens. Het wordt ergens geadministreerd.

'Nederland is het verst met het ontcashen van de samenleving. Wij gaan ver voorop. Omdat wij een klein land zijn en ons daardoor zo minderwaardig voelen dat we denken dat we in alles voorop moeten lopen en hip en cool moeten zijn. Bedrijven nemen langzamerhand allerlei publieke functies over. Als alles privatiseert, als bedrijven straks de ziekenhuizen gaan opkopen, dan heb je geen enkele democratische controle meer over wat ook maar.

'En daar komt het verhaal van die toegang om de hoek kijken: krijgen wij straks nog wel toegang? Want bedrijven bepalen of ik nog wel iets kan kopen, met mijn pasje; en als ik iets wil dat zij niet willen, heb ik geen poot om op te staan. Er is niemand tot wie ik me kan wenden. Het gaat sluipenderwijs, maar het is aan het gebeuren.'

Hoe kun je je daar als individu tegen wapenen?

'Denk na. Wees je bewust van wat er gebeurt. Voor Facebook kun je een alternatief zoeken, net zoals er alternatieven zijn voor die sms-diensten. En je moet begrijpen dat het een politieke kwestie is, dat is eigenlijk het belangrijkst; zelfs politieke partijen zien dat niet. Maar het ís een politieke kwestie. Omdat het over het verlies van democratie gaat, het verlies van de rechtsstaat, de vraag hoe je een samenleving wilt inrichten en besturen. Wil je dat zelf doen, of laat je het door bedrijven doen?

'Het gaat trouwens niet alléén over macht; macht is één van de kwesties. Een andere is de fundamentele vraag over kennis. Wat weet je van mensen als je data over ze verzamelt? De pretenties zijn heel groot. Mensen denken dat je met data alles kunt; schaf de verkiezingen maar af want we hebben data en die vertellen ons wat kiezers willen. Ik geloof daar niet in. Mensen zijn niet de optelsom van toevallige gegevens.

'Ik denk ook niet dat je de wereld kunt voorspellen op basis van gegevens over het verleden. Je kunt veel weten, maar niet alles voorspellen. We maken systemen die straks meer weten dan wij zelf kunnen weten; en we maken die systemen autonoom, dat wil zeggen dat ze zelf kunnen handelen en leren, daar hebben ze ons niet meer voor nodig. Dan moeten we ons afvragen welke rol onze rol dan blijft; wat wij dan met onszelf gaan doen, straks; als de hele wereld in big data is omgezet en wij hier nog rondlopen als restafval, achtergebleven als gebruikte theezakjes.'

Voor het antwoord op die vraag moet je eerst een andere vraag beantwoorden, schrijf je in Klont, namelijk: wat is de mens? Maar op die vraag komt geen antwoord.

'Ik ben ook niet het soort schrijver dat het heil komt brengen. Je hoort vaak dat Europa een museum wordt; wij worden amusement. We spelen viool, niet omdat het moet, maar omdat we dat kunnen. Het schrijven is zelf het beste antwoord op de vraag wat de mens is: ik schrijf een roman om te laten zien hoe goed ik dat kan, een roman schrijven. Dat is voor een deel ook de boodschap van dit boek: wij schrijven nog romans.'

Binnenkort neemt de robot ook de romankunst over. En dan zegt een algoritme wat je op pagina 20 moet doen om de aandacht van de lezer vast te houden.

'Ik ben door de Schrijversvakschool uitgenodigd om daar een lezing over te geven; wat moet een schrijver straks nog met zijn creativiteit? Ik ga adviseren niet van die robot te schrikken want creativiteit is nu juist dat je reageert op de omstandigheden. Dat is wat kunst doet; reageren op de wereld die je voor je ziet. Ik moet het die robot overigens eerst nog zien doen hoor.

'Je krijgt natuurlijk al wel steeds meer van die creative writing course-romans, die volgens een bepaald procedé worden geschreven; dat kan de robot prima overnemen. Maar als ik Saul Bellow lees, kom ik in het hoofd van Saul Bellow. Dat is de bijzondere ervaring bij het lezen van romans die je niet om het verhaal leest, maar om iets anders; om ideeën, romantechnieken.

'Dus wat je overhoudt is de interesse van mensen naar elkaar; wat vermag de mens? We zullen ons best moeten gaan doen om daar nog iets aantrekkelijks van te maken. We worden aan alle kanten voorbijgestreefd, met big data krijg je systemen die heel veel weten; maar begrijpen doen ze niet. En begrijpen is iets wat wij mensen toevallig goed kunnen. Cultuur maken, zin geven en daar eindeloos omheen leuteren.

'De moderne tijd verleidt ons in heel administratieve termen over ons diepste zelf te praten. Maar administratie is niet het ultieme doel. Als je een kind krijgt, wat wil je dat het later beleeft? Als je straks op je sterfbed ligt, waar wil je dan op terugkijken? Moet je grootste prestatie zijn dat je zo efficiënt bent geweest, en alles hebt vastgelegd in dossiers? Waar ging het ook alweer over, in het leven? Daar moeten we over nadenken.'

Meer over