BOEKRECENSIEBewaar de zomer

Alma Mathijsen haalt het meisje terug dat zij ooit was ★★★☆☆

Prachtig weet Alma Mathijsen het meisje op te roepen dat ze ooit was. Haar reflecties over de macht en onmacht van taal zijn wat overbodig.

Beeld De Bezige Bij

Als zoveel jonge Nederlandse auteurs moet Alma Mathijsen (1984) het niet hebben van de verbeelding – althans tot nog toe. Stof put ze hoofdzakelijk uit haar eigen bestaan. Dan heeft het wel wat om op een dag de schijn van fictie naast je neer te leggen en een memoir te schrijven, ook al ben je pas 36 jaar oud. Alleen de geestige proloog van Bewaar de zomer, waarin ze zich haar eigen conceptie voorstelt, onttrekt zich daaraan. ‘Dan moet je nu beginnen met zwemmen. Nu door die deur aan het einde van de gang. Sneller, harder, sneller, ik was nog vergeten te zeggen: ze zullen je Alma noemen.’

Mathijsen vertelt in korte scènes, heen en weer springend tussen de jaren. Alle herinneringen drapeert ze rond de zomers die ze doorbracht in het huis dat haar ouders ooit kochten in een Italiaans gehucht nabij de Franse grens. Ze zou hun enig kind blijven. De eerste beslissende ervaring was haar vaders vroegtijdige dood in 1994. De tweede: de zeer onvrijwillige ontmaagding op haar zestiende door een Italiaanse jongeman.

Ze schrijft mooi en beeldend over haar vader, over diens dood en de verlatenheid die erop volgde. Prachtig weet ze het meisje op te roepen dat ze destijds was. Hoe zij uit wat ze ziet en hoort een kloppend verhaal probeert te maken, hoe ze het voortaan moet zien te rooien met haar moeder. ‘Ik praatte niet over mijn vader, vooral niet met mijn moeder. Ik wilde haar niet breken. (…) Alles moest uit haar komen. Als zij zich niet als een moeder zou gedragen, zou ik boos worden. Gillen, schreeuwen, huilen, heel klein worden. Eigenlijk vooral dat. Geen problemen veroorzaken, dan kan mama beter worden en weer voor me zorgen.’ Op een dag moet haar moeder naar de notaris om dingen te regelen, ze belooft om zes uur terug te zijn. De negenjarige blijft in haar eentje achter om op de hond en het huis te passen. Als ze op de Mickey Mouse-klok in de keuken ziet dat het allang zes uur is geweest, krijgt ze een totale paniekaanval. ‘Ik kan niet alleen zijn, dacht ik, dan ga ik dood. (…) Ik huilde alleen maar harder, uithalen als een sirene.’ Maar tegen haar moeder (‘O, we waren nog wat gaan drinken bij Giuseppe’) zegt ze niks. Hartverscheurend.

Ook die verkrachting op haar zestiende en de gevolgen ervan komen flink bij de lezer binnen. Pas vijf jaar later deed ze naar eigen zeggen haar eerste aangename seksuele ervaring op. In de zomer van 2013 voorkomt ze een nieuwe verkrachting door terug te vechten (‘wat ik op mijn zestiende niet kon, deed ik nu wel’). Toch schaamt zich zo dat ze tegenover haar vrienden en zelfs tegenover haar therapeut verzwijgt wat er is gebeurd.

Minder geslaagd zijn de passages waarin Mathijsen aan het reflecteren slaat, bijvoorbeeld over bevoorrechte Nederlanders die vervallen Italiaanse huizen kopen of over Afrikaanse migranten die te voet door de streek trekken op weg naar Frankrijk. Vooral overbodig zijn de telkens terugkerende bespiegelingen over de macht en onmacht van taal. Al aan het begin kondigt Mathijsen aan dat dit boek haar poging is ‘om de taal terug te veroveren’ op de twee keer dat die haar in de steek liet. Dat staat haar vrij, natuurlijk. Maar wat ze beoogt – ‘de taal te laten zeggen wat ik bedoel’ opdat ‘de ander weet hoe het voelt’ – is de essentie van elk goed schrijverschap. Elders in Bewaar de zomer laat ze juist zien dat ze die vaardigheid uitstekend beheerst.

Alma Mathijsen: Bewaar de zomerDe Bezige Bij; 192 pagina’s; € 21,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden