Alles wat er was

In Bervoets' derde roman zijn acht mensen aan elkaar overgeleverd

Op de valreep van de vorige eeuw verscheen het revolutionaire tv-programma Big Brother. Vreemde mensen in een met camera's behangen huis, malle opdrachten, rantsoenen. Verstoken van enig contact met de buitenwereld liepen ze ook nog het risico weggestemd te worden bij onleuk gedrag. Vierentwintig uur per dag werd alles gefilmd. Ruzies, gekonkel en onzichtbare seks onder een dekbed waren de hoogtepunten. Toch werd er massaal gekeken. Of beter misschien: juist daarom werd er gekeken. Het BigBrotherhuis was een laboratorium. Het bood kans getuige te zijn van intriges, gekuip en dat gaf een opwindend inzicht in onze psyche.

Alles wat er was, de derde roman van Hanna Bervoets, prikkelt op dezelfde manier. Haar verhaal laat zien hoe individuen worden uit- of ingesloten, hoe samenwerking tot stand komt, en wat mensen doen om te overleven in extreme situaties. Onbevreesd daalt Bervoets af in de krochten van de menselijke geest. In fictie geeft het niks als iemand een arm verliest, sterft of opgegeten wordt. Ze ensceneert haar laboratoriumsituatie als volgt: acht mensen komen op een zondag bijeen in een school. Doel van de bijeenkomst is de opname van een tv-programma over slimme kinderen. Maar voor het zover is, klinkt er een oorverdovende knal. Kort daarna volgt het overheidsadvies om ramen en deuren gesloten te houden en nadere instructies af te wachten. Die blijven uit.

Buiten hangt een ondoordringbare mist. Binnen is geen toegang meer tot internet. Telefoons kunnen niet meer opgeladen worden. De acht zijn aan elkaar overgeleverd; meester Kasper, zijn leerling Joeri en diens moeder Natalie, Kaylem de conciërge en de medewerkers van het programma, Merel, Leo, Barry en Lot. Bervoets focust op strategisch gedrag.

Als eerste wordt de schuldvraag gesteld. Door wiens toedoen zitten ze daar eigenlijk? Wanneer een zondebok is gevonden en tweespalt een feit is, doen zich binnen de afzonderlijke partijen ook allerlei machinaties voor. Natalie zoekt troost (seks) bij meester Kasper, Joeri voelt zich buitengesloten. Om zijn moeder te tergen, hengelt hij naar de aandacht van Merel. Die geeft zij hem door wild met hem te spelen. Op een gymmat zeilt Joeri de metershoge schooltrap af, waarna hij zijn arm breekt. De gevolgen zijn desastreus.

In het kamp van de tv-makers rommelt het eveneens. Barry en Leo hebben iets (seks). Wanneer Merel en Leo vertrouwd met elkaar raken (seks), komt de relatie met Barry onder druk te staan. Ondertussen proberen de anderen macht te verwerven door manipulatie, door voedselbereiding of door altruïstisch handelen.

Via Merel, de verteller in dit epos, toont Bervoets ons een waaier van sociaal-psychologische wetten. Merel ontdekt al in een vroeg stadium: 'Het gaat er niet om wat je doet. Het gaat erom wat mensen geloven dat je doet.'

Dat zijn zinnen waarmee je vooruit kunt. En daarvan zijn er meer. In het werk van Bervoets, haar romans en columns in Volkskrant Magazine, valt steeds op hoe lichtvoetig en modern haar toon is, en hoe stevig ze is geworteld in deze tijd. Je leest het af aan haar relaxte schrijfstijl. Haar zinnen zijn niet gevoelig of poëtisch, maar eerder functioneel onbekommerd. Er spreekt zelfvertrouwen uit. Hetzelfde geldt voor Bervoets' observaties. Er zit geen hiërarchie in haar waarnemingen. Ronja de roversdochter, Norbert Elias, Habbohotel en de menukaart van de Burger King behoren tot dezelfde orde. Zoiets zou een postmodern-chaotische aanblik kunnen geven, maar in Alles wat er was laat Bervoets overtuigend zien dat ze donders goed weet wat er toe doet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.