Alles echt, niets geposeerd

Ze werkten in dezelfde tijd en fotografeerden allebei beroemdheden. Maar waar de Italiaan Federico Patellani (1911-1977) vrouwen tot stralend middelpunt van zijn foto's maakte, fotografeerde Bob van Dam (1928-2002) 'gewoon' wat hij zag....

Stresa, Italië, 1947. Lucia Bosé, kandidate voor de Miss Italië-verkiezing, poseert in bikini. Lachend balanceert ze op een puntige rots, met op de achtergrond een rivier, een roeibootje en een romantisch glooiend landschap. De zwartwit foto verscheen in het tijdschrift Tempo bij een special over de kandidates voor de jaarlijkse schoonheidsverkiezing die door duizenden Italianen op de voet werd gevolgd. Lucia Bosé zou dat jaar winnen. De fotograaf die haar zo prachtig had geportretteerd was een van de eerste grote reportagefotografen van Italië: Federico Patellani (1911-1977).

En kijk nu eens naar de volgende foto. Ook dit meisje is kandidate voor een missverkiezing, Miss Holland om precies te zijn. Het is 1958 en ze zit, nummerbordje onder de kin, halfnaakt en verkleumd ergens in een verdomhoekje in Hotel Krasnapolsky in Amsterdam. Heeft ze gewonnen? Het lijkt onwaarschijnlijk. Deze foto werd gemaakt door Bob van Dam (1928-2002), Nederlands eerste popfotograaf.

De foto's van Van Dam en Patellani zijn te zien in het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam - in aparte presentaties, maar wel tegelijkertijd. De verschillen zijn meteen duidelijk, maar overeenkomsten tussen de twee zijn er ook. Beiden maakten de reportagefotografie tot hun specialiteit, waarbij Patellani regelmatig afreisde naar door oorlog geteisterde gebieden, terwijl Van Dam liever de intocht van Sinterklaas of de huisvesting in de jaren na de oorlog versloeg. Beiden bouwden een gigantisch oeuvre op, waarvan de diversiteit in Rotterdam helaas alleen in de veelzijdige presentatie van het werk van Bob van Dam naar voren komt.

En beiden fotografeerden beroemdheden. Patellani jarenlang de Missen, actrices zoals Gina Lollobrigida ('Lollò') en Sofia Loren, en de groten van de Italiaanse cinema van het Neo-Realisme. Carlo Ponti, Dino de Laurentiis en Federico Fellini waren vrienden van hem.

Ook Bob van Dam was geïnteresseerd in bekende mensen. Door zijn werk als journalist en later (toen hij ontdekte dat hij daarmee twee keer zoveel kon verdienen) als persfotograaf voor De Wolkenridder, het blad van de KLM, wist hij precies welke buitenlandse beroemdheid zich waar zou bevinden. De Beatles, de Stones, The Who, Juliette Gréco, The Supremes, maar ook Willeke Alberti en The Blue Diamonds - hij kreeg ze allemaal te zien, en hij mocht ze allemaal fotograferen.

Het is in die glamour- en showbusinessfoto's dat de verschillen tussen de twee het meest in het oog springen. Want hoewel beide fotografen een nuchtere kijk hadden op de wereld van de sterren, maakte Patellani de beroemdheid, de miss, of de actrice altijd tot stralend middelpunt van zijn foto's.

Vergelijk dat met de werkwijze van Van Dam, die tijdens een filmopname in Noordwijk aan Zee in 1968 actrice Mia Farrow op de rug fotografeerde, terwijl Elizabeth Taylor in de verte als de eerste de beste boerenmeid op een picknickkleed ligt uitgestald. 'Alles echt, niets geposeerd', hoorde men Van Dam graag zeggen. Hij fotografeerde gewoon wat hij zag.

Het fotomuseum benadrukt dat verschil in benadering door de manier waarop beide fotografen worden gepresenteerd. Het werk van Van Dam (in kleur en zwartwit) is te zien tegen een achtergrond van fris geel en wit geverfde muren, terwijl de 85 zwartwitfoto's van Patellani (een heel klein deel van zijn 700 duizend beelden tellend archief), als om hun zwoelheid te benadrukken, tegen dieprood en donkergroen hangen.

Vanaf 1947 fotografeerde Patellani jaarlijks de kandidates voor de Italiaanse missverkiezing. We zien ze tijdens het nemen van hun maten, tijdens een uitgebreide gebitscontrole, en als ze in vol ornaat poseren. In vol ornaat betekent in dit geval: in al hun meisjesachtige molligheid, met witte dijen badend in kippenvel, en met ongeschoren oksels en benen. Missen van toen waren the girls next door, van wie vooral werd verwacht dat ze vriendelijk en sympathiek waren. Dus verschenen Patellani's foto's in 1947 in Tempo bij een reportage onder de kop 'Lucia Bosé blijft gewoon haar eigen bed opmaken'.

Tegelijkertijd werden de missverkiezingen grootschalig ingezet om de naoorlogse economie uit het slop te halen. De fotografie die erbij hoorde, toonde al het goede van het leven - lippenstift, mooie kleren, tandpasta-tanden. Naast de foto's van Bosé terwijl ze haar bed verschoont, plaatste Tempo dus ook die foto van de Italiaanse vamp aan de waterkant.

Het was fotografie waar Bob van Dam in Nederland korte metten mee maakte. Hoe ánders waren zijn beelden wanneer je ze vergelijkt met die van Patellani, maar ook met de grote naoorlogse Nederlandse fotografen: Sem Presser, Maria Austria, Eva Besnyö, Ad Windig, Carel Blazer. Zij lieten het Nederland van na de oorlog zien: schoon, opgeruimd en fier. Van Dams manier van fotograferen was onconventioneel, soms bijna snapshot-achtig, en zijn sociale bewogenheid ging niet veel verder dan een reportage over huisvesting en één over een non die dansles gaf aan doofstomme kinderen.

Van Dam trapte elke zweem van opgekloptheid en dikdoenerij met sardonisch genoegen de grond in. Hij plaatste Teddy Scholten, winnares van het Eurovisie Songfestival 1959, als een koffiedame naast een muur van wit porseleinen kopjes. Zette de band 'de Fouryo's' als stijve poppen achter elkaar op de stoep, met zichzelf als 'toevallige' passant ernaast.

What you see is what you get, lijkt zijn motto geweest te zijn. Maar ondanks, of misschien wel dankzij, die no-nonsense houding schopte hij het in Nederland ver. Hij mocht in 1966 het huwelijk tussen Beatrix en Claus verslaan, en hij was een graag geziene gast op feestjes, waar hij een macho Mulisch met zonnebril en vrouwelijk schoon fotografeerde, en Gerard Reve die tijdens het dansen triomfantelijk een dame in haar achterste knijpt.

Zijn foto's hebben tegenwoordig een cultstatus. Dankzij Van Dam en de medewerkers van zijn fotopersbureau Combi Press kunnen we genieten van vijf puberachtige slungels op een kletsnat dak in Londen - de Rolling Stones in 1964. Van drie dames met de slappe lach in het Hilton Hotel in Amsterdam - de Supremes in datzelfde jaar.

Ze tonen, veel meer dan de prachtige maar vaak statische en bedachte beelden van Patellani, een andere, onverwachte kant van het sterrendom.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden