Alleen maar rampspoed

Zijn leven lang was hij op zoek naar oude 78-toeren platen. Harry Smith schreef met zijn keuze uit vergeten materiaal een mozaïek van de muziekgeschiedenis van Amerika, die grote invloed had op Bob Dylan, Jerry Garcia en Nick Cave....

DE heruitgave van Harry Smith's bloemlezing uit oude Amerikaanse volksmuziek werd drie jaar geleden als een verloren zoon ontvangen. Het is moeilijk voor te stellen dat veel mensen op deze Anthology of American Folk Music hadden gewacht. De verzameling van 84 songs was in 1952 uitgebracht, en sindsdien moeilijk verkrijgbaar.

Maar het enthousiasme om die heruitgave werd niet ingegeven door de zeldzaamheid van de opnamen die erop staan. Sinds de invoering van de cd zijn stokoude artiesten als The Carter Family en Frank Hutchinson gewoon in de platenwinkel te koop. Wat in de tijd dat de Anthology voor het eerst verscheen niet het geval was.

Harry Smith ontleent zijn legendarische naam dus aan iets anders, waardoor muzikanten als Bob Dylan, Jerry Garcia en Nick Cave in de ban raakten. Een magie die tot in het heden doorwerkt. Groepjes als de Tarbox Ramblers, maar ook The Gourds hebben veel aan de Anthology te danken. David Johansen van prepunk-groep The New York Dolls heeft zijn nieuwe band zelfs The Harry Smiths genoemd, en toert met diens repertoire door het land.

Het kan niet anders of de fascinatie voor die zes lp's (die inmiddels zes cd's zijn geworden) wordt veroorzaakt door de vaste hand van kiezen die de bloemlezer had. Harry Smith, de muziekcollectioneur met de verschrikte ogen, greep nooit mis. Zijn leven lang is hij de uitdragers en achterafstraatjes afgegaan, op zoek naar oude 78-toeren langspeelplaten. Uit de enorme stapels die in al zijn hutten en hotelkamers het zicht naar buiten belemmerden, heeft hij precies de songs geplukt die een volgende generatie konden betoveren.

Of het nu om de buitelende stemmen van de Sacred Harp Singers ging, om walsende cajuns, hillbillies, countryblues, dixieland, jugbands of predikheren met gospelkoor - Smith wist de vinger te leggen op dat ene moment waarin de kracht van een heel oeuvre, een hele traditie werd samengebald. En omdat die keuze zo trefzeker is, ontvouwt zijn anthology een mozaïek van de Amerikaanse muzikale geschiedenis waarin alles met alles lijkt samen te hangen, alleen al door de kwaliteit die het heeft.

Een heruitgave die zo succesvol is, vraagt om een vervolg. Een tribute aan Harry Smith is al verschenen, het werd tijd voor iets als the lost recordings. En wat blijkt? De excentrieke verzamelaar was indertijd van plan vier dubbelalbums uit te brengen: rood, blauw, groen en geel; ofwel vuur, water, aarde en lucht, want Smith was een bijgelovig man, die nog wel eens beweerde dat de Britse magiër Aleister Crowley zijn werkelijke vader was.

Rood, blauw en groen zijn in de Anthology-box bijeengebracht. De verschijning van deel vier liep vertraging op door onenigheid met Folkways Records, waarna Smith zijn belangstelling verloor voor de hele onderneming. Hij ging bij een wenskaartenfirma werken en omarmde het medium film. Uiteindelijk zou zijn regie van The Wonderful Wizard of Oz nooit afkomen. Maar degenen die de acht wel voltooide minuten hebben aanschouwd, zeggen dat die miraculeus zijn.

Na eindeloze omzwervingen zijn dan nu de apocriefe opnamen boven water gekomen die hij voor deel vier, de gele Anthology, bestemd had. Ook nu is zijn keuze op te vatten als een onweerlegbaar argument. Elk nummer klinkt als een mijlpaal in het genre. De bluesselectie is indrukwekkend, met Leadbelly, Memphis Minnie, John Estes en Robert Johnson, in de jaren vijftig een totaal vergeten zanger, te jong gestorven om herinnerd te worden.

Maar ook de cajun- en gospel-bijdragen hebben een kracht die hen onderscheidt van het vele dat uit de jaren dertig bewaard bleef. Uncle Dave Macon, The Carter Family en de Memphis Jug Band, al op eerdere delen vertegenwoordigd, keren hier terug, Sister Clara Hudmon en Minnie Wallace zijn nieuwe sterren.

De eerste drie delen waren thematisch geordend, in Ballads, Social Music en Songs. In deel vier is die samenhang afwezig, al beweert John Fahey, eigenaar van de firma Revenant die dit vierde deel uitbrengt, in het cd-boekje dat het thema dit keer vervreemding is. Het bewijs daarvoor vindt hij in de vele rampspoed - dood, honger, echtscheiding, valse predikers, wegomleidingen - die hier bezongen wordt. Mocht hij gelijk hebben dan is de halve muziekgeschiedenis aan vervreemding gewijd.

Overigens maakt alleen al de verpakking een aanschaf de moeite waard. In de begeleidende artikelen worden door Greil Markus, Ed Sanders van The Fugs en John Cohen van de New Lost City Ramblers herinneringen aan Smith opgehaald. Die stierf in 1991, niet lang nadat hij een Grammy voor zijn levenslange muzikale inzet had gekregen. 'Ik vind niet dat mensen al te veel tijd in oude opnamen moeten steken - zet liever de radio aan.' Dat was zijn manier om de aandacht op zijn werk te vestigen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden