Alle registers open!

De kerken mogen leeg zijn, in het noorden des lands wemelt het van de bijzondere orgels. Dat wordt gevierd met een zomer vol concerten.

De Jacobikerk in Ulthuizen in Groningen. Het o0rgel is gebouwd door Arp Schnitger. Beeld Sanne De Wilde
De Jacobikerk in Ulthuizen in Groningen. Het o0rgel is gebouwd door Arp Schnitger.Beeld Sanne De Wilde

Vergis je niet in Noord-Groningen. Tussen de Waddenzee en de stad Groningen is meer dan liniaalstrakke akkers onder laaghangende bewolking. Aan de horizon staan kerktorens getekend als markers op een digitale kaart. Die kerkjes dateren vaak uit de Middeleeuwen. Godvruchtig land tenslotte, zij het dat God tegenwoordig ook hier op z'n retour is. De dominee-dichtheid nam af. De kerkorgels leken gedoemd te zwijgen. De instrumenten zouden zijn overgeleverd aan de houtworm als ze er niet iets op hadden gevonden in het noorden.

De antieke instrumenten worden in leven gehouden door een marathon van orgelconcerten. Het hele jaar door en vooral in de zomer komt er een speciaal soort volk op af. Dat laat de zeehonden en het wad voor wat ze zijn en duikt de kerk in. Soms is zowaar sprake van orgeltoerisme. Stroomt er ineens een touringcar vreemdelingen leeg naast de rode brievenbus op zo'n dorpspleintje. Buitenlanders ook. Van heinde en verre. 'Ik had laatst achttien Koreanen in een masterclass zitten', zegt organist en conservatoriumdocent Erwin Wiersinga.

Zandeweer lijkt uitgestorven op zaterdag na het middaguur - een dorp met 450 zielen, een kerkje uit de 13de en een orgel uit 18e eeuw. Achter een enkele voordeur staat misschien nog een ambachtelijke 'psalmenpomp', een harmonium of traporgel dat lucht krijgt ingeblazen via pedalen. Gereformeerde families in goeden doen hadden vaak zo'n religieuze hometrainer in huis. En dan met z'n allen zingen op zaterdagavond. Totdat de televisie kwam.

Het romanogotische kerkje staat op een fris grastapijt dat contrasteert met de blozendrode baksteen waarmee hier acht eeuwen later nog altijd wordt gebouwd. Een hond blaft, in de kerk trekt organist Dirk Molenaar de registers open en laat het orgel werken. De bezoekers horen Johan Pachabel (1653-1706) en Johann Sebastian Bach (1685-1750), en soms het krakende, zwoegende hout van orgel. Op de kansel ligt de Bijbel opgeslagen bij Spreuken 8. 'Welgelukzalig is de mens die naar Mij hoort.'

Na afloop trekt een kleine stoet naar het nabije Uithuizen voor nog een orgelconcert. Een streep middenklasseauto's toert door het 'eerappellaand' tegen de grijze lucht van 'Oethoezen' zoals Ede Staal, de Groninger Jacques Brel, het bezong. Niet alleen de kerk, ook het land biedt een vertrouwd repertoire, maar dan van aardappels: Doré, Irene, Bildtstar.

undefined

Psalmenbord in Leens. Beeld Sanne De Wilde
Psalmenbord in Leens.Beeld Sanne De Wilde

Snobistisch

Het orgel in de Jacobikerk van Uithuizen is gebouwd door Arp Schnitger (1648-1719) en heeft een wat scherpere klank dan dat van Zandeweer, zeggen orgelkenners. En dat is weer anders dan in Leens, waar 's avonds een concert is. De kenners spreken van holpijpen en roerfluiten, prestanten en rugpositieven - de dispositie weet u wel. Schnitger-orgels klinken doorgaans wat transparanter dan die van Hinsz, heet het. En Albertus Hinsz (1704-1785) staat weer bekend om zijn prachtige 'fluiten' en milde, deftige tonen. Maar Bach spreekt als Bach, soms in opgewekt borrelende loopjes, soms devoot en vermanend.

In de Petruskerk van Leens contrasteert de middeleeuwse eenvoud van het kerkgebouw met het uitbundige houtsnijwerk van het 18de-eeuwse orgel waarin de forse engelen opvallen, met bazuinen als bazooka's. Die bijzondere orgels, in de afgelopen decennia gerestaureerd, kwamen hier niet vanzelf. De volle graanvelden lagen er ook een paar eeuwen geleden al. Landjonkers en herenboeren lieten hun voetvolk de rijkdom van de velden trekken en dankten des zondags de Here. Ze lieten hun familiesymbolen inkerven in hun kerkbanken die hoger waren geplaatst dan de zetels van het klootjesvolk.

In de 17de en 18de eeuw kregen ze een paar uitstekende Duitse orgelbouwers in het vizier, meesters in hun vak, en hoe gaat dat? 'De adel was snobistisch', zegt Jan Oostindiën van de orgelcommissie in Leens. 'De Heer van Starkenborgh zag het orgel in Zandeweer en wilde er ook zo eentje. Hij had als enige voorwaarde dat het duizend carolusguldens dúúrder moest zijn dan dat van de buren.'

undefined

null Beeld Sanne De Wilde
Beeld Sanne De Wilde

De in Hamburg geboren orgel-bouwer Albertus Hinsz werd aangetrokken. Hij zou in zijn leven een spoor van kerkorgels nalaten, tientallen, in het noorden maar ook daarbuiten waaronder die in Kampen, Utrecht en Wassenaar. In de Groninger Martinikerk breidde hij het kerkorgel uit dat door zijn leermeesters was gebouwd, Franz Caspar Schnitger en diens vader Arp Schnitger. Toen Franz Caspar overleed, nam Hinsz zowel diens werkplaats als diens weduwe over.

Langs de kust van Noord-Nederland, Noord-Duitsland en West-Denemarken loopt een band van bijzondere orgels. Die in Nederland zijn het best bewaard gebleven, zegt Erwin Wiersinga. 'In Duitsland richtte de oorlog veel schade aan. Denemarken werd rijk in de 19de eeuw waardoor veel orgels zijn vervangen door nieuwere exemplaren.' Wij in Leens hebben het beste Hinsz-orgel zeggen ze nu in Leens. Hinsz was nog een jongske toen hij hier het orgel bouwde, en de latere Hinsz, dat is toch een ander verhaal. Ook in Leens klinkt Bach die avond. Maar na Bach verlaat organist Jan Harryvan de 18de eeuw en springt hij met verrassend werk van Wesley en Langlais naar de 19de en de 20ste. Van deemoedige offeranden was geen sprake op de robuust gereformeerde kleigronden in het noorden. In de Catharinakerk van Roden - vlak bij de stad Groningen - draagt het orgel een opschrift: 'Zing Roden! Hoppincks naame en God ter eer!' Let op de volgorde. In de 17de eeuw schonk Catharina Hoppinck een orgel ter nagedachtenis aan een van de eerste predikanten in Roden. Maar Roden zingt niet vanavond. Een dikke honderd man, lang niet allemáál grijs, luistert naar een concert van Erwin Wiersinga die inzet met een dansmuziekje uit de 17de eeuw van Michael Praetorius, dat Bruegheliaanse vrolijkheid door de kerk strooit.

undefined

null Beeld Sanne De Wilde
Beeld Sanne De Wilde

Kerkenband

Nergens in Europa zijn zo veel romaanse en romanogotische kerkjes op een klein oppervlak als in noord-Nederland. De band van 250 middeleeuwse kerken loopt tot in het Duitse Oost-Friesland. Gebouwd als katholieke kerken gingen de noord-Nederlandse kerken vanaf begin 17de eeuw over op het protestantisme. Omslagpunt was de capitulatie van de (katholieke) Spanjaarden in Groningen-stad in 1594 voor het leger van prins Maurits. In de menig kerk zijn sporen van het katholicisme terug te vinden.

Via muziek van Georg Böhm en Johannes Brahms gaat het toch weer richting de devotie van Bach. Een deel van het publiek heeft dan de ogen gesloten voor meditatieve concentratie (of anderszins). Wiersinga haalt alle nuances uit het instrument - soms lijken er fluiten te klinken, soms subtiele strijkinstrumenten of trom-petjes. Het daglicht trekt zich terug uit de kerk, buiten scheren zwaluwen voorbij. God kan er moeilijk rouwig om zijn dat Zijn Woord afwezig is.

groningenorgelland.nl

oudegroningerkerken.nl

Bijzonder orgels in kleine kerken in Groningen:

Leens - Petruskerk: orgel gebouwd door Albertus Hinsz. Het orgel kreeg 27 stemmen. Hinsz ontleende de vormgeving en de details aan het orgel van de Michaëlskerk van Zwolle, gebouwd door de familie Schnitger.

Noordbroek - kerk: in tegenstelling tot de meeste orgels in het noorden onderging dit orgel geen grote restauratie in de 20ste eeuw. Gebouwd door Arp Schnitger en later uitgebreid, onder anderen door Hinsz.

Krewerd - Mariakerk: oudste orgel - uit de 16de eeuw - in de provincie Groningen in een dorp met honderd inwoners. De basis werd gelegd door een anonieme bouwer. Heeft zowel kenmerken als uit de late gotiek en de renaissance.

Bijzondere orgels in Groningen en Friesland:


Groningen - Martinikerk: met 3.500 pijpen en 53 registers een van de grootste barokorgels in Noord-Europa. In de 15de eeuw werd begonnen met de bouw. In de 18de eeuw werkten de drie grote orgelbouwers er verder aan: Arp Schnitger (1648-1719), diens zoon Franz Caspar (1724-1799), en Albertus Hinsz (1704-1785).

Groningen - Der Aa-kerk: het orgel van Arp Schnitger dat in 1696 af kwam, was het grootste dat hij in Nederland heeft gebouwd. Niet veel later stortte de kerktoren in: weg orgel. In de 19de eeuw kreeg de kerk een ander Schnitgerorgel dat elders uit een bouwval was gered.

Leeuwarden - Grote of Jacobijnenkerk: orgel uit begin van de 18de eeuw gebouwd door Christian Müller die ook tekende voor het orgel in Grote of St Bavokerk van Haarlem.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden