Alle nuances in eeuwen van zwart

Mode..

Antwerpen Als met één woord de damesmode van de afgelopen 25 jaar kan worden samengevat, is het zwart. Bijna geen vrouw die het niet draagt, geen ontwerper die het nooit gebruikt. Regelmatig worden door de mode-industrie pogingen gedaan de hegemonie van zwart te doorbreken; dit voorjaar wordt khaki bijvoorbeeld gebombardeerd tot ‘het nieuwe zwart’. Maar tot nu toe keert de mode steeds weer naar zwart terug.

Het modemuseum in Antwerpen heeft een tentoonstelling gewijd aan de kleur die eigenlijk geen kleur is: Zwart, meesterlijk zwart in mode & kostuum. Op zwarte podia staan tientallen bijzondere, geheel zwarte outfits uit de afgelopen tien jaar. Uitbundige haute couture van Riccardo Tisci voor Givenchy; dramatische stukken van Olivier Theyskens; leer en raffia van de Nederlandse Iris van Herpen; showstukken van Viktor & Rolf, en natuurlijk een groot aantal ontwerpen van Ann Demeulemeester, de Antwerpse ontwerpster die al ruim twintig jaar bijna uitsluitend in zwart werkt, omdat ze het ‘de mooiste en meest mysterieuze kleur’ vindt. Historische kledingstukken en schilderijen flankeren de kleren.

Die oude stukken zijn vaak rouwkleren, maar lang niet altijd. Al in de 15de eeuw was zwart een modekleur voor vrouwen en mannen, en in bijna elke eeuw was er een periode met een voorkeur voor zwarte kleren. Lange tijd was zwart voor een groot deel van de bevolking verboden als rouwkleur.

Er zijn maar een paar heel oude stukken te vinden op de expositie; een zijden mannenpak, handschoenen, een katoenen mutsje en een laken wambuis, allemaal uit de 17de eeuw. Juist zwarte kledingstukken – tot de 19de eeuw was zwart verven een duur en arbeidsintensief proces – verloren snel hun kleur, of ze vielen, door agressieve verfmethodes helemaal uit elkaar.

Uit de 19de eeuw zijn daarentegen een hoop kledingstukken te zien. Verbazingwekkend hoe dicht moderne ontwerpen soms tegen die 100 tot 150 jaar oude stukken aanschuren.

Van een lange, asymmetrische, dichtgeknoopte jasjurk van Alexander McQueen zou je zweren dat-ie van honderd jaar geleden was. Een ingeweven bloemmotief in de stof van een jurk van Ann Demeulemeester is bijna hetzelfde als dat van een japon uit het midden van de 19de eeuw. Een lange zwarte kapmantel uit de 19de eeuw valt tussen de tien dramatische capes uit de najaarscollectie 1999-2000 van Raf Simons vooral op doordat hij, als enige kledingstuk in de zaal, ronddraait.

Het is het zwart dat de oude en nieuwe kleding bij elkaar brengt. Elk tijdperk heeft zijn eigen modekleuren, en die kleuren veranderen voortdurend; het groen van nu is niet het groen van tien jaar geleden. Alleen zwart en wit zijn altijd hetzelfde, en daarom als enige kleuren tijdloos.

Zwart toont zwart in bijna al zijn nuances. Er is chic zwart, somber zwart, ironisch zwart, luxe zwart, feestelijk zwart, rouwzwart. Er is duister zwart, en veelzijdig zwart; met name Demeulemeester weet door haar gevarieerde materiaalgebruik af en toe vrijwel alle schakeringen zwart in één outfit te vangen. Alleen kinky zwart is overgeslagen.

De 20ste eeuw is opvallend mager vertegenwoordigd. Er is een replica van Chanels little black dress uit 1926, het beroemdste zwarte kledingstuk uit de geschiedenis, de ultieme modeklassieker en, zo wordt vaak gedacht, het eerste werkelijk moderne kledingstuk voor vrouwen, en het einde van zwart als louter rouwkleur.

De jurk – een elegant knielang model met ingestikt ruitmotief – staat op het einde van de tentoonstelling, dus dat laatste misverstand is dan al de wereld uit. Maar een paar oudere, knielange, zwarte jurkjes maken duidelijk dat Chanel niet de eerste was. Zoals grote modenamen zich nu al bestaande ontwerpen kunnen toe-eigenen, zo deed Chanel dat blijkbaar ook in de jaren twintig.

Ook toont de tentoonstelling een replica van een zwart-fluwelen vrouwensmoking van Yves Saint Laurent uit 1966. Daar blijft het eigenlijk bij. Zelfs uit de jaren tachtig, toen een hele generatie geheel zwarte outfits ging dragen, is er niets.

Dat zwart kwam destijds uit twee richtingen: van punk en new wave, en van Japanse ontwerpers als Yohji Yamamoto en Rei Kawakubo van Comme des Garçons, die met hun zwarte ‘armoedelook’ de mode veranderden. Voorbeelden van straatmode zijn niet te vinden, ook niet in de overigens interessante catalogus. Van de Japanners is alleen recent werk gebruikt.

Naar een duidelijk antwoord op de oorzaak van de huidige populariteit van zwart wordt niet gezocht op Zwart. Misschien is het dragen van zwart nog te vanzelfsprekend om er iets zinnigs over te zeggen, en kan dat pas als de zwarte golf eindelijk voorbij is gegaan – als dat ooit gebeurt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden