Tv-recensieArno Haijtema

Ajouad El Miloudi stelt belangrijke vragen aan criminele jongeren

null Beeld

De presentator, zelf uit een kansarme buurt, vraagt zich af waarom hij zelf niet in de criminaliteit is terechtgekomen.

Het is een tijdloze kwestie, die menig scholier zich nog zal herinneren van de Duitse literatuurlessen over Büchner, Hoffmann en Schiller: hoe komt een mens ertoe het kwade te doen, en in hoeverre is hij vrij in het onderscheid tussen goed en kwaad? Een vraag zo oud als de mens en het kwaad zelf, die door journalist Ajouad El Miloudi met tintelfris enthousiasme opnieuw wordt gesteld.

In het door de NTR uitgezonden tweeluik Ajouad en de Top 600 gaat El Miloudi op zoek naar antwoord op de vraag waarom hij zelf, afkomstig uit een kansarme buurt, als jochie niet is afgegleden in de criminaliteit. En waarom de zeshonderd jongeren tot 21 jaar die figureren op de Amsterdamse hitlijst van veelplegers doen wat ze dagelijks doen: beroven met zware geweldpleging, helen, messen en pistolen dragen, liquidaties plegen, handelen in drugs.

Dat eerste, waarom El Miloudi zelf geen crimineel werd, kwam in deel 1 nauwelijks aan de orde: gelukkig bleef hij weg van egodocumentaire queestes. Op zoek naar antwoorden toog hij onder meer naar Nieuw-West: somber stemmende buitenwijken met veel bewoners met een migratieachtergrond, en anonieme bedrijfsterreinen bij de Ring. De habitat van de jonge criminelen die, zolang ze maar niet herkenbaar in beeld kwamen, voor de camera met El Miloudi wilden praten.

Ajouad El Miloudi in 'Ajouad en de Top 600'. Beeld
Ajouad El Miloudi in 'Ajouad en de Top 600'.

Meestal ontmoette de programmamaker de jongens (uitsluitend jongens) op straat, die als een bijenvolk bij een korf rond het busje van wijkagent Steven de Groot zwermden. Die geniet zowel gezag als vertrouwen. Hij spreekt hun straattaal, dolt met ze, kent ze bij naam, geeft ze soms een lift en weet daardoor goed wat er gaande is. De keerzijde is het risico dat de criminelen een loopje met hem nemen. Zo toonde een van de jongens de camera een groot mes, buiten het zicht van de wijkagent die joviaal aan het stoeien was.

De interviews met de criminelen legden de treurige overeenkomsten bloot in hun voorgeschiedenis. Een jeugd met ontbrekende of verslaafde ouders, huiselijk geweld, mishandeling, de eerste misdrijven al gepleegd op 11- of 14-jarige leeftijd. Zo samengevat zijn het sleetse verhalen, maar juist door de jongens zelf te laten reflecteren op hun leven - en ook lastige vragen niet uit de weg te gaan - geeft El Miloudi de persoonlijke drama’s reliëf.

Zo sprak hij een jongen die zijn ex en haar moeder zwaar heeft mishandeld. ‘Als een meisje gangster wil doen, ga ik haar gangster behandelen’, legde hij uit. ‘Maar nu ben je zacht en vriendelijk. Wie is dan die geweldpleger?’, wilde El Miloudi weten. Dat was een andere kant van hem, was het antwoord. ‘Hij is er nog wel, maar minder.’

De Top 600 wordt intensief begeleid door jeugdzorgers, onder meer met kickbokstraining en opvang in een huiselijke omgeving. Zo lukt het uiteindelijk misschien om twee op de tien veelplegers op het rechte pad te krijgen, zei een bokstrainer. Moedig dat El Miloudi desondanks nieuwsgierig blijft naar de criminelen die door de samenleving worden verketterd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden