AFRIKANEN HEBBEN OOK VRIJE TIJD

Dichter, kunstcriticus en oud-Documentadirecteur Okwui Enwezor stelde een vuistdik standaardwerk samen over hedendaagse Afrikaanse fotografie. Het is een confronterend boek: Snap Judgments bewijst hoe de massamedia schuld dragen aan de westerse oogkleppenvisie op Afrika....

Een Afrikaanse jongen poseert op het strand aan de oceaan. Op het zand ligt een vissersboot, geschilderd in knalgeel, hemelsblauw en bloedrood. De westerling die de foto van de Senegalees Boubacar Touré Mandémory bekijkt, denkt meteen aan de drama’s die zich afspelen in de zilte wateren rond de Canarische Eilanden. Daar, of onderweg ernaartoe, verdrinken talloze illegale Afrikaanse immigranten. Samengepakt in wrakke bootjes drogen ze uit en verschroeien ze in de zon. Deze jongen straks ook?

De foto maakt deel uit van Mandémory’s serie Capitales Africaines, die helemaal niet de wanhopige Afrikaanse vlucht naar Europa als onderwerp heeft. Mandémory schetst een poëtisch beeld van het grotestadsleven in zijn woonplaats Dakar, met foto’s van de markt, van de haven waar kleurige netten drogen in de zon, van kleding- en boekwinkels en van het strandleven.

Het zijn geen vluchtelingen aan de vloedlijn die zich opmaken voor de grote oversteek, maar pootjebadende Senegalezen. Mandémory zelf was daar aan de vloedlijn danig gecharmeerd van een vrouwenachterste in een kort rokje, dat de foto domineert en de overige badgasten in de marge duwt.

De westerling die Snap Judgments, New Positions in Contemporary African Photography inkijkt, zal zichzelf geregeld betrappen op zijn eigen vooringenomenheid jegens het Afrikaanse continent. Dat is al een verdienste van het 350 pagina’s dikke fotoboek met de allure van een standaardwerk over de hedendaagse Afrikaanse fotografie. Snap Judgments (zoiets als ‘instant beoordelingen’) is samengesteld door de Nigeriaanse Amerikaan Okwui Enwezor (43), de internationaal toonaangevende en spraakmakende dichter, kunstcriticus en tentoonstellingsmaker (onder meer van de Documenta in Kassel, 2002). Aan de staalkaart van hedendaagse Afrikaanse fotografie die Snap Judgments is, ging een grote gelijknamige expositie vooraf in het International Center of Photography (ICP) in New York.

Enwezor heeft – zoals de westerling die de Pavlov-reactie herkent die een zwarte man bij een vissersboot oproept – een broertje dood aan de eindeloze stroom televisiebeelden en foto’s die Afrika tonen als het Verloren Continent. Hongersnood, aids, genocide en burgeroorlogen vormen de bijna dagelijkse ingrediënten van de beelden die televisiestations en krantenredacties bereiken. Niemand bij de massamedia verbaast zich over de misère die de grondtoon vormt van het klaaglied over Afrika. Alles went.

Legers fotografen en cameralieden doen naar eer en geweten verslag van de gruwelen in Afrika, in het kielzog van Artsen zonder Grenzen en andere goedbedoelende hulporganisaties. De motieven van de massamedia zijn wel nobel – ze onthullen onrecht en tonen leed, zodat er actie kan worden ondernomen om grootschalig lijden te bestrijden. Maar de massamedia dragen, bewijst Enwezor met Snap Judgments, collectief onontkoombaar schuld aan de westerse oogkleppenvisie op Afrika. De beelden van geweld, ziekte en dood benemen het zicht op een werelddeel dat oneindig veel complexer, gelaagder, veelzijdiger en rijker is dan het ‘Afro-pessimisme’ (Enwezor) dat de massamedia belijden.

Een gelukkige Afrikaan in de branding van de oceaan? Dat moet wel propaganda zijn. Een panorama met de moderne skyline van downtown Johannesburg? Had de Zuid-Afrikaanse fotograaf Guy Tillim zijn camera niet negentig graden kunnen draaien, zodat we de sloppenwijken kunnen zien? Maar wie lang en vaak genoeg kijkt naar het werk van de fotografen uit alle uithoeken van het continent dat Enwezor selecteerde, moet zijn vooringenomenheid wel overboord zetten.

Behalve met zijn foto’s maakt de in Londen geboren, in Nigeria opgegroeide en tegenwoordig in New York wonende modefotograaf Andrew Dosunmu ook door het verloop van zijn carrière korte metten met het cliché van de Afrikaan: door noest zwoegen vergaart die geld voor een camera en kan alleen zo, eerst in zijn spaarzame vrije uurtjes, zijn passie voor fotografie gaan botvieren. Dosunmu, die rond de 40 is, begon als assistent bij het modehuis Yves St. Laurent, publiceert inmiddels in alle toonaangevende modebladen en maakte videoclips en platenhoezen voor Public Enemy, Tracy Chapman, Angie Stone en Erykah Badu.

Dosunmu’s modellen, zowel zwarte als blanke, poseren losjes op straat, of in het halfduister van een steeg. Ze leunen tegen een muur of stiften hun lippen in een autospiegel. Broeierige en geheimzinnige foto’s zijn het, waarbij het gezicht van het model soms opgaat in het duister.

Eigenzinnig, krachtig, afgedrukt in zwart-wit, dat de textuur van de kleding bijna voelbaar maakt – er vallen talrijke kwaliteiten aan Dosunmu’s werk toe te dichten. En het scheelde niet veel of hier zou eraan zijn toegevoegd: ‘Maar iets specifiek Afrikááns valt er niet in te ontdekken.’ Schrappen, dat zinnetje, want waarom zou Afrikaanse fotografie als zodanig herkenbaar moeten zijn?

Vanuit Egypte dient Maha Maanoun (1972) de westerse toerist van repliek met haar gemanipuleerde fotoserie Domestic Tourism. Ze presenteert de Egyptenaren zoals de westerling ze meestal niet ziet, omdat ze niet passen in het toeristische totaalbeeld van Egypte, met zijn kamelen, Nijlcruises, holiday resorts en piramides.

Met gebruikmaking van digitaal knip- en plakwerk creëerde Maanoun een tafereel, nu eens niet van roodverbrande westerlingen maar van badende Egyptenaren in de branding van de Middellandse Zee. Er spelen kinderen in zwembroek en met ontkleed bovenlichaam, mannen met een T-shirt aan en vrouwen wier lichaam geheel is bedekt en die ook in het water hun hoofddoek dragen.

Het is alsof Maanoun wil zeggen: ‘Jazeker, ook wij kennen allemaal het genot van de koele zee. Wij moslims hebben, net als jullie, vrije tijd en wij vrouwen, mannen en kinderen hebben onbekommerd plezier.’ Tegelijk zijn er elementen in het tafereel die de illusie verstoren. Een hoge brug die de branding van de open zee scheidt, geeft de foto een zekere beklemming. En het perspectief van de foto is onnatuurlijk, zodat je voelt dat dit geen realisme is, maar waarschijnlijk de gedroomde, geconstrueerde wereld van de fotografe.

De tweede foto van Maahoun schept vergelijkbare verwarring. De avond valt over Cairo, de lampen in het stadsparkje zijn al aangestoken en op de bankjes onderhouden klaarblijkelijke geliefden zich met elkaar. De vrouwen dragen kleurige hoofddoeken en lange rokken, boven modieuze schoenen. Uit de lichaamshouding van de mannen spreekt genegenheid, maar ze raken hun geliefde niet aan. Het is de bijna volmaakte idylle, in de koelte van de Egyptische avond. Maar kan ze ook echt bestaan?

Zoals Maahoun speelt met westerse en toeristische verwachtingspatronen, zo maken de Afrikaanse fotografen brandhout van de blanke visie op het exotische Afrika. Geen stoere krijgers, die, zoals in de fotografie van onder anderen Leni Riefenstahl en Peter Beard, de gezichten in oorlogskleuren geverfd, over de savanne trekken. Geen mysterieuze inheemse stammen die dansen tot ze in extase zijn.

De Afrikaanse fotografie, van noord tot zuid, concentreert zich op de stad. Van Kelechi Amadi-Obi zijn er de adembenemende panorama’s van de markten van het Nigeriaanse Lagos. Voor zover het oog van de camera reikt zijn er – vooral – vrouwen te zien in kleurige gewaden, die fruit, groenten en specerijen in alle kleurtinten verkopen. Onafzienbaar zijn de daken van de hutten die de markt flankeren, ontelbaar de gele taxi’s die er wachten op een klant.

Zo uitbundig als Lagos is gefotografeerd, zo ingetogen zijn de interieurs van de in Amsterdam wonende Zuid-Afrikaan Moshekwa Langa. Hij heeft oog voor de poëzie van (bijna) vergeten voorwerpen – oude stoffige tuinstoelen, lege frisdrankflessen die wachten tot ze eindelijk voor statiegeld worden omgewisseld, een bloempot zonder bloem of plant, een wasrekje of een simpel nachtkastje op elegante krulpootjes. Langa ontpopt zich als de Afrikaanse pedant van de Amerikaanse fotograaf Mitch Epstein, die ook het vermogen heeft om met foto’s van simpele voorwerpen een ontroerend verhaal te vertellen.

Tegen de tijd dat de lezer bij Langa’s foto’s is aangekomen, op tweederde van Snap Judgments, is hij het onrecht even vergeten dat de Afro-pessimistische massamedia Afrika hebben aangedaan. Enwezors pleidooi bevrijdt je van de eeuwige gedachten aan honger en geweld en biedt zicht op wat je in een onbewaakt ogenblik de ziel van Afrika zou hebben genoemd. Niet doen, want Snap Judgments toont juist aan dat er talrijke Afrika’s zijn – en talrijke fotografen die er hun verbeelding op los laten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden