Advies Raad voor Cultuur over danssector: Dans moet meer van het volk worden - en af van zijn ingewikkelde imago

Om dans als podiumkunst in Nederland populairder te maken, moet het zien af te komen van zijn (onterechte) ingewikkelde imago. Hiervoor zijn genoeg mogelijkheden, constateert de Raad voor Cultuur in het vrijdag uitgebrachte sectoradvies ‘Dans’, na de sectoradviezen ‘Muziek’ en ‘Theater’ de derde deelanalyse van de podiumkunstensector. De Raad, het belangrijkste adviesorgaan van de regering inzake cultuurbeleid, komt met deze adviezen in aanloop naar de nieuwe subsidieperiode, die in 2021 begint.

GRIMM door de ISH Dance Collective en Junior Company van Het Nationale Ballet. Beeld Michel Schnater

Een van de opvallendste aanbevelingen van de Raad is dat de banden tussen de (gesubsidieerde) podiumdans en entertainmentindustrie, zorgsector, amateurkunst en sportscholen moeten worden versterkt. Want hoewel in die laatste vier domeinen een almaar groeiende groep ‘dansminnende’ Nederlanders zich bezighoudt met dans en beweging, zetten slechts weinigen de stap naar de schouwburg

9 procent kocht een kaartje

In sportscholen en danscentra werken zich wekelijks talloze Nederlanders in het zweet, en ook in ouderenzorg, onderwijs en sport geldt dans steeds vaker als preventiemiddel. Maar waar in 2013 45 procent van de bevolking aangaf min of meer in dans geïnteresseerd te zijn, kocht slechts 9 procent een kaartje. De raad becijfert een niet aangeboord publiekspotentieel van liefst 6,2 miljoen mensen. Anders gezegd: ‘Heel Holland danst’, maar van ‘Heel Holland kijkt’ is allerminst sprake.

De negenkoppige commissie die in opdracht van de Raad het dansveld onderzocht, komt met een reeks aanbevelingen om dit tij te keren. Zo moet binnen de zogeheten Basisinfrastructuur (BIS, die vier grote dansgezelschappen en één dansfestival verzekert van vier jaar subsidie) meer aandacht en erkenning komen voor urban dance, jeugddans en nieuwe presentatievormen. De BIS houdt te eenzijdig vast aan bestaande vormen van klassiek ballet en moderne dans.

Last Resistance van Het Nationale Ballet, met zangeres Wende Snijders, tijdens DUTCH DOUBLES. Beeld Hans Gerritsen

Daarnaast moeten vrije producenten (die voorstellingen maken zonder subsidie, zoals cabaret, musicals en theaterbewerkingen van bestsellers) worden uitgedaagd dansproducties uit te brengen (zoals choreografe Isabelle Beernaert al doet). Daar mag subsidiegeld aan worden besteed.

Landelijke subsidie gaat nu grotendeels naar een paar gezelschappen, een groep onafhankelijk opererende dansmakers en nog wat jong talent. Het door hen gecreëerde aanbod is te weinig afgestemd op een breed publiek in de regio. ‘Stel regioprogrammeurs aan'  en 'Omarm de samenwerking met maatschappelijke domeinen, zoals de vrijetijdssector, sportsector, amusement en zorg', zegt de Raad. Ook op scholen moet dans weer worden beoefend. Educatie en participatie vallen nu vaak buiten subsidievoorwaarden.

Lenteritueel met 22 jongeren door Toneelgroep Oostpool en Introdans. Beeld Sanne Peper

De raad vraagt tevens aandacht voor betere en gezonde arbeidsomstandigheden voor dansers in het algemeen (zoals geld voor eerlijke betaling via de Fair Practice Code) en vooral voor de zwakke positie van mbo-gekwalificeerde dansers. Juist die laatsten zorgen voor aanwas in populaire dansvormen (zoals urban dance) maar hun professionele loopbaan is wankel. De Raad noemt het een schande dat professioneel opgeleide dansers ‘voor de eer’ worden gevraagd mee te doen aan commerciële tv-programma’s als Dance Dance Dance, om vervolgens 24 werkdagen ‘gratis’ te moeten investeren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden