De keuzen van Minne Koole

Acteur Minne Koole: ‘Ik wil heel graag laten zien dat ik ook zulke harde, nare types als Holleeder kan spelen’

Minne Koole. Beeld Frank Ruiter

Minne Koole (25) brak afgelopen jaar door in de rol van de schuchtere Philip in de film Niemand in de stad, naar het boek van Philip Huff. Begin dit jaar koos een Volkskrantpanel hem tot acteertalent van 2019. Hij speelde de jonge Willem Holleeder in de tv-serie Judas en momenteel is hij te zien in het stuk De nacht, de moeder van de dag van de Zweedse schrijver Lars Norén.

De nacht, de moeder of de dag?

‘Ehm... Hoe moet ik nou daartussen kiezen? Het is één zin, een fragment van een Zweedse dichter, dat geloof ik zo gaat: ‘Verheug u, mijn vriend, en zing in het uur van uw droefenis. De nacht is de moeder van de dag, chaos de nabuur van God.’ Dat betekent dat de dag – het licht, de hoop – voortkomt uit de diepste duisternis. Het wordt weer dag, uiteindelijk. Maar hier is het nog héél erg nacht.

‘Het is op het eerste gezicht een bikkelhard en inktzwart stuk over depressie en alcoholisme, en vier diep ongelukkige gezinsleden die elkaar kapot maken. Ik kan me voorstellen dat sommige bezoekers een behoorlijk zware avond hebben.

‘Bij de audities vroeg ik regisseur Albert Lubbers: waarom zou je in godsnaam dit stuk doen? Ik vond het zo naar. Maar hij wees me op de humor die er ook in zit, en hoe vernuftig vrijwel elke zin meteen het tegendeel in zich draagt. Bij Norén heeft alles een dubbele betekenis. Tijdens het repetitieproces hebben we vooral gezocht naar de liefde die er in dat gezin toch ook is. En de hoop. Want die is er, zoals de titel ook duidelijk maakt.

Oké, nacht of dag dan? Donker of licht?

‘Ik ben van mezelf een beetje een nachttype. Heel serieus, alles goed willen doen, eindeloos nadenken en piekeren. Mijn ouders zijn ook zo. Mijn vader (filmmaker Boudewijn Koole, red.) is heel bedachtzaam en gewetensvol. En mijn moeder kan weleens in bed liggen somberen, hoewel zij vaak ook een soort zigeunerin is, die gewoon zo alles eruit gooit wat ze voelt. 

‘Ik heb beide kanten wel in me, geloof ik. De laatste tijd doe ik mijn best om wat meer ‘dag’ in mijn leven toe te laten. Gewoon een beetje lol maken, de dingen niet te zwaar nemen, niet te ver vooruitplannen. Dat lukt allemaal erg slecht, hoor. Maar vandaag ben ik in een lichte bui. Hoop ik.’

‘Het hielp dat ik een YouTube-filmpje zag van acteur Peter De Graef, ‘Just Talking’ heet het, zoek maar op. Hij stelt dat al onze identiteiten maskers zijn, die we kunnen op- en afzetten. Dat gaf mij een gevoel van vrijheid, de ruimte om het leven vaker als een spelletje te zien, met wisselende rollen die je kunt aannemen. Zo durfde ik in de tweede klas van de toneelschool niet naar het feest van een meisje waarop ik verliefd was. Totdat iemand zei: ‘Maar dan spéél je toch dat je zelfverzekerd bent?’ Dat deed ik, en hoe meer de omgeving overtuigd was, hoe meer ik het zelf ook ging geloven. Zie je wel: ik bén gewoon cool. Toen is het zelfs nog wat geworden met dat meisje.

‘Overigens vind ik ook dat we niet te bang moeten zijn voor het donker in onszelf. Ik denk dat het goed is af en toe in die afgrond te kijken. Ik kan soms nare, negatieve gedachten hebben en egoïstisch of afgunstig zijn, maar als ik eerlijk daarnaar durf te kijken, heb ik het gevoel dat ik ze juist sneller onschadelijk maak. Alsof ze verschrompelen in het licht.’

Beeld Frank Ruiter

Philip Huff of Lars Norén?

‘Ik durf wel te zeggen dat Lars Norén de betere schrijver is. Ik ben erg onder de indruk van zijn werk. Elke dag ontdek ik weer dat zinnen meer betekenen dan ik dacht. Bij de eerste lezing dacht ik: wat zegt deze gast? Hij spreekt zichzelf voortdurend tegen, wat meent hij nou? Uiteindelijk creëert hij zo heel levensechte personages, omdat mensen nu eenmaal inconsequent zijn. Zo zegt mijn moeder in het stuk in één adem tegen mij: ‘David, ga naar je kamer. Kom even bij me zitten.’ Razend knap hoe Norén daarmee de dubbelheid in mensen weergeeft.

‘Dit stuk is autobiografisch: het gaat over het gezin waarin Norén (75) zelf opgroeide. Hij vindt uitvoeringen vaak ook niet goed, omdat de personages als monsters worden afgeschilderd, terwijl het over zijn familieleden gaat. Ik speel David, eigenlijk Norén, op 16-jarige leeftijd. In ons programmaboekje staat een jeugdfoto van hem als hij 17 of 18 is. Heel androgyn, maar met zo’n stoere kop, enorm brutaal. Die foto gaf me veel inspiratie. Want als je opgroeit in een gezin dat zo onveilig is, vormt zo’n stoer masker een beschermlaag voor iets heel kwetsbaars.’

Stoer of kwetsbaar?

‘Ikzelf? Totaal de gevoelige jongen, natuurlijk. Ja, dat vind ik wel een dilemma, want ik wíl wel graag stoer zijn, haha. Ik word er ook nu al een beetje op getypecast, vrees ik: de rol van Philip in Niemand in de stad is gevoelig, en deze David op een bepaalde manier ook. Dan belt het castingbureau weer, met: ‘We zoeken een onzekere, twijfelende jongen...’ Godverdomme! (Lacht). Daarom was ik ook supertrots dat ik de rol kreeg van de jonge Holleeder in de tv-serie Judas. Ik wil heel graag laten zien dat ik zulke harde, nare types ook kan spelen.’

De Neus of Piet Snot?

‘Holleeder, honderd procent. Piet Snot in het Sinterklaasjournaal was ook heerlijk om te doen, hoor. Van die korte, grappige scènes. Tak, tak, tak. Het is een beetje Sesamstraat. Piet Snot had ook een aangrijpende verhaallijn, omdat hij werd gestraft voor iets wat hij niet had gedaan. Hij moest zijn muts inleveren en was Piet-af, heel zielig. Verschillende kinderen hebben toen brieven naar de politie gestuurd, gericht aan Sinterklaas, met: ‘Beste Sinterklaas, Piet Snot heeft het níét gedaan! Wilt u hem alstublieft zijn muts teruggeven?’ 

Geweldig leuk, maar één seizoen is wel genoeg. Ook omdat ik vind dat de publieke omroep niet doorpakt met de Roetveegpiet. Een traditionele Zwarte Piet, dat kan ik nu echt niet meer aanzien.

‘Maar Holleeder! Het is fantastisch om je in zo’n bestaande figuur vast te bijten, daar helemaal in te duiken en alles lezen wat los en vast zit, echt vet. En dan van die stoere kleren aan, de leren jas, breed lopen. Ja, dat vond ik te gek. En ik hoefde natuurlijk ook geen nepneus, zoals Gijs Naber, die de oudere Holleeder speelt. Dat zie je toch een beetje.’

Hans Teeuwen of André van Duin?

‘Mijn oma had vroeger videobanden van André van Duin. Toen ik 8 of 9 was, kende ik een minutenlange sketch helemaal uit mijn hoofd, iets over de Consumentenbond met Van Duin in een trenchcoat. Allemaal enorm flauwe grappen die ik totaal niet begreep, maar ik kon wel de timing heel precies nadoen. Op de bonte avond van een schoolreisje heb ik die sketch zeer succesvol opgevoerd. Toen merkte ik dat ik het leuk vond om mensen aan het lachen te maken. Maar Van Duin is flauw en braaf, ik hou meer van het ontregelende van Hans Teeuwen.

‘In de eerste klas van de middelbare school heb ik op een open podium een keer een nonsens-gedicht van Teeuwen voorgedragen, alsof ik een heel onzekere eersteklasser was, die steeds z’n tekst vergat. Om de zaal daarna compleet verrot te schelden, haha. Dat soort dingen durf ik wel, ja. Nadat ik ze eerst een jaar op mijn kamertje thuis heb voorbereid.’

Beeld Frank Ruiter

Uitgeroepen worden tot Volkskranttalent of je ontwikkelen in de luwte?

‘O, dat kan gelukkig heel goed allebei. Ik vond verkozen worden tot Volkskranttalent heel leuk en een grote eer, maar ik merk er verder weinig van. Al het werk dat ik dit seizoen doe, lag voor die verkiezing al vast. Wel merk ik dat mensen nu weten wie ik ben, en dat ik kennelijk een soort kwaliteitslabel draag, dat is fijn. Hoewel het óók druk geeft: ik heb één mooie filmrol gehad, intussen bijna een jaar geleden, en het is echt niet zo dat ik nu weet hoe het moet. Dus laat mij nu maar eerst stiekem heel goed worden, en dan weer een keer knallen.’

Grootste voorbeeld: Jacob Derwig of Ramsey Nasr?

‘Maria Kraakman. Mag dat ook? Ik vind haar de beste actrice van dit moment, omdat ze zo dicht bij zichzelf blijft in een rol. Zij combineert een grote emotionaliteit met enorme technische beheersing. En Malou Gorter, die vind ik ook erg goed, zo mooi transparant. De actrices zijn in Nederland sowieso beter dan de acteurs. Er is meer concurrentie en er zijn minder rollen, dus dan wordt het niveau vanzelf hoger.’

De nacht, de moeder van de dag, t/m 21 juli, Stadslandgoed de Kemphaan, Almere.

CV Minne Koole

1993 Geboren in Amsterdam

2013-2017 Toneelschool Amsterdam

2017 Kings of War 

2018 Princess, Allemaal mensen en De wereld en Ko

2018 Sinterklaasjournaal, Judas en Niemand in de stad

2019 De nacht, de moeder van de dag

2019 Opnamen Nederlandse Netflix-serie Ares

Gijs Groenteman gaat in onze illustere archiefkast in gesprek met mensen die hem hebben verwonderd. Rapper Pepijn Lanen, schrijver Paulien Cornelisse en kunsthandelaar Jan Six passeerden al de revue.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden