PostuumMichel Piccoli (1925-2020)

Acteur Michel Piccoli (1925-2020) deed waar hij zin in had, en dat deed hij goed

De Franse acteur Michel Piccoli koos nooit een rol na het lezen van een scenario. Volgens hem kon je beter de regisseur een keer diep in de ogen kijken. Door enkel interessante dingen te doen met interessante mensen, groeide hij uit tot een gelauwerde vakman.

De Franse acteur Michel Piccoli.Beeld Getty

Voor Michel Piccoli, filmlegende en theaterdier, was acteren simpel. Hij hield niet van pretenties; je moest vooral plezier hebben in je werk. De Franse acteur had er meer plezier in dan de meesten. Hij speelde in meer dan 200 films, van klassiekers als La grande bouffe (1973), Belle de jour (1964) en Le mépris (1963) tot cultfilms als Themroc (1973) en Dillinger est mort (1969). Piccolo overleed dinsdag 12 mei op 94-jarige leeftijd aan de gevolgen van een beroerte, zo maakte zijn familie maandag bekend.

Piccoli, in 1925 geboren in Parijs als kind van twee muzikanten, besloot na de Tweede Wereldoorlog dat hij acteur wilde worden. Aanvankelijk alleen bij het theater, want film zei hem weinig: als kind ging hij nauwelijks naar de bioscoop. Als theateracteur was hij al snel succesvol. Zijn filmcarrière begon met sporadisch een kleine rol. Bij het grote publiek brak hij door dankzij Jean-Luc Godards Le mépris, waarin hij de hoofdrol speelt tegenover Brigitte Bardot. Piccoli werkte samen met vele grote cineasten, onder wie Jean-Pierre Melville, Claude Chabrol, Jacques Rivette , Louis Malle, Alfred Hitchcock en Ettore Scola.

Wanneer hij over zijn keuzen sprak, zei Piccoli dat hij bij het kiezen van rollen nauwelijks lette op de kwaliteit van het scenario. Belangrijker vond hij het dat er een klik was met de regisseur. ‘Beter dan het scenario te lezen, is het de regisseur diep in de ogen te kijken.’ Zo speelde hij in zes films van Luis Buñuel, met wie hij goed bevriend was. Even goede relaties bouwde hij op met Marco Ferreri (acht films), Claude Sautet (vijf films) en de Portugese filmmaker Manoel de Oliveira (vijf films).

Tot de hoogtepunten van zijn rijke oeuvre behoren zonder twijfel Sautets drama Les choses de la vie (1970), waarin Piccoli als besluiteloze architect te zien is naast Romy Schneider, en Buñuels boekverfilming Journal d’une femme de chambre (1964), waarin hij een perverse rijke heer speelde. Een prachtige, onvergetelijke rol speelde Piccoli in De Oliveira’s ontroerende drama Je rentre à la maison (2001), als oudere acteur die het plotselinge verlies van zijn vrouw en dochter moet verwerken. Als tachtiger maakte hij indruk als onwillige paus in Nanni Moretti’s Habemus Papam (2011). 

Piccoli regisseerde twee films, Alors voilà (1997) en La plage noire (2001). Naast zijn filmwerk bleef hij ook in het theater optreden. In Nederland was hij onder meer te zien op het Holland Festival in La maladie de la mort van Marguerite Duras, geregisseerd door Robert Wilson. In 2001 ontving hij de Europese Theaterprijs voor zijn gehele oeuvre als acteur. Grote filmprijzen won hij ook, zoals de prijs voor de beste acteur in Cannes voor zijn rol in Marco Bellocchio’s Salto nel vuoto (1980) en de Zilveren Beer in Berlijn voor Une étrange affaire (1981).

Piccoli was een plooibaar acteur. Hij kon alles spelen, van agent tot moordenaar, van kunstenaar tot burgerman en van paus tot politicus. Voor sommige filmkijkers zal hij altijd de man blijven die in Ferreri’s schandaalfilm La grande bouffe sterft aan explosieve winderigheid, anderen zien hem nog steeds als de zwoegende schilder in La belle noiseuse (1991), Jacques Rivettes vier uur durende zoektocht naar de kern van het scheppingsproces.

Nooit maakte hij zichzelf groter dan de rol die hij speelde. Van veel acteurs kom je iets te weten door naar hun films te kijken, maar Piccoli toonde vooral zijn vakmanschap. Hij liet zich beter kennen door de interviews die hij gaf, daaruit kwam hij naar voren als bescheiden en welbespraakt. Hij is driemaal getrouwd geweest, waaronder elf jaar met zangeres Juliette Gréco. Sinds 1980 was hij samen met scenarist Ludivine Clerc, met wie hij twee kinderen kreeg.

Michel Piccoli met Brigitte Bardot in Le Mépris. Beeld Getty

De laatste zes jaar bleef het stil rondom Piccoli. In 2015 verschenen zijn memoires, J’ai vécu dans mes rêves, geschreven in de vorm van een briefwisseling met Gilles Jacob, oud-directeur van het filmfestival van Cannes. Het onthulde de reden van Piccoli’s afwezigheid: hij had problemen met zijn geheugen. Het afscheid van zijn werk viel hem zwaar, schreef hij: ‘Het is moeilijk te accepteren dat het afgelopen is. Ik ben als een pen zonder inkt. Ik weet niet goed hoe ik met de leegte moet omgaan.’

In het boek vraagt Jacob hem hoe hij graag wil worden herinnerd. Daar had hij nooit eerder over nagedacht, antwoordt de acteur. ‘Misschien zo: ‘Michel Piccoli hield van zijn werk’ of ‘hij heeft zijn best gedaan’. Dat zou niet slecht zijn, en ik denk dat het waar is.’

La grande bouffe

Een van de gedenkwaardigste rollen van Michel Piccoli blijft die in La grande bouffe, Marco Ferreri’s satirische fabel waarin vier keurige heren zich overgeven aan een ongenadige drink- en schranspartij. De film werd in 1973 met veel verontwaardiging ontvangen. Oud-Volkskrantrecensent Peter van Bueren omschreef de première op het filmfestival in Cannes als volgt: “Een zaal vol keurig in avondkostuum gestoken Franse hoge autoriteiten en opgewekte middenstanders zag met groeiende walging hoe een aantal mannen zich in de film boerend en windend letterlijk kapot vreet. De onrust in de zaal nam per minuut toe en een hels gefluit begeleidde de slotbeelden. Met gebalde vuisten en zich ternauwernood beheersend omdat het avondkostuum een ordinaire vechtpartij verhinderde, trokken de geteisterde bezoekers in een walm van woede naar een terras.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden