InterviewJoep van der Geest

Acteur Joep van der Geest is nooit meer de marionet van een regisseur: ‘Dat is slavernij’

Beeld Catharina Gerritsen

Wat maakt acteur Joep van der Geest zo bijzonder? Door zijn speelstijl is hij in staat al het andere theater ineens ouderwets te maken. Hij wil geen honderd jaar oude personages spelen, maar omarmt het experiment.  

Je hebt acteurs en dan heb je acteurs. Van die spelers die hun rollen overstijgen en die de reden zijn dat je theater bezoekt. Maakt niet uit of ze in een slecht toneelstuk staan of maar een bijrolletje hebben, hun betoverende aanwezigheid op het podium is al genoeg. Pierre Bokma is voor veel mensen zo iemand, of, wat jonger, Hanne Arendzen. Voor mij is dat Joep van der Geest.

Wie?

Joep van der Geest (39). Onbekend bij het grote publiek, en bekend zal hij wel nooit worden ook, gezien zijn voorliefde voor werken in het kleinere Nederlandse theatercollectief. Bovendien maakt zijn heel eigen speelstijl – voor mij precies de reden van de aantrekkingskracht – hem niet gelijk geschikt als acteur in populaire, realistische films. Waarom niet? Nou, Joep van der Geest heeft namelijk schijt aan zijn personages.

Voor het eerst zag ik dat in 2007, toen hij een kleine rol had in The Hairy Ape van Eugene O’Neill. Van de voorstelling herinner ik me nagenoeg niks meer, behalve een nog jonge Joep van der Geest, die als enige van de spelers mij recht in het gezicht aankeek om vervolgens O’Neills tekst in mijn gezicht te spugen. Probeerde hij nou dat boze 100 jaar oude proza belachelijk te maken, terwijl hij het integraal uitsprak?

Later zag ik hem in Orlando van Oostpool (2009), voorstellingen van De Veenfabriek, zoals Candide (2010) en Tulpmania (2015), Hoogwater voorheen Laagwater (2015) van Wim T. Schippers en in de Crashtest Ibsen-reeks van zijn vrouw, de Vlaamse regisseur Sarah Moeremans. En telkens weer viel hij op: die lange gast, immer licht spottende glimlach op zijn gezicht, onafscheidelijke snor. Telkens weer stond hij daar uit te stralen dat hij ook niet precies wist in wat voor bizar stuk hij nu weer was beland. Maar nu hij er toch stond, ging hij er het beste van maken.

Het is een speelstijl die niet uniek is in Nederland, maar zelden zo consequent wordt uitgevoerd. Dat maakt hem bijzonder. Dat herkende ook theatercriticus Simon van den Berg in 2008 al. In Het Parool pleitte hij destijds voor een nieuwe toneelprijs. Te weten: ‘een onderscheiding voor de acteur of actrice die het afgelopen jaar het meest heeft bijgedragen aan de ontwikkeling van de toneelspeelkunst’. Voor ‘spelers die al het andere theater ineens ouderwets maken’. Als voorbeeld noemde Van den Berg naast Gillis Biesheuvel ‘de bijna abstract acterende Joep van der Geest’.

Beeld Catharina Gerritsen
Beeld Catharina Gerritsen

‘Ja, dat is wel een van de meest eervolle dingen die ik over mezelf heb gelezen. Vooral omdat ik Gillis Biesheuvel enorm bewonderde.’ Dat zegt Joep van der Geest nu, terwijl hij aan het repeteren is aan De Rattenvanger in Stadstheater Arnhem. In deze nieuwe voorstelling bij Toneelgroep Oostpool speelt hij onder anderen met diezelfde Gillis Biesheuvel. ‘Geweldig toch?’

De voorstelling is de derde uit de reeks What’s in a fairytale?, die hij samen maakt met Moeremans, schrijver Joachim Robbrecht en onder anderen mede-acteur Louis van der Waal. ‘Geestverwanten’, noemt hij hen. Wat ze delen is de idee dat elke theateravond een gedachtenexperiment is. Joep van der Geest: ‘Een sprookje als De rattenvanger van Hamelen bevat ideeën en waarden die het onderzoeken waard zijn, maar de personages van die verhalen zijn vaak ouderwets. Die moet je dus niet alleen spelen, maar ook live op het podium ondervragen.’

In het werk van Moeremans en Robbrecht – eerder deden ze hetzelfde met toneelstukken van de 19de-eeuwse Henrik Ibsen - zit altijd die dubbele laag. Personages zijn zich altijd bewust van hun opvoeringsgeschiedenis. Joep van der Geest is zich op toneel ook altijd zichtbaar bewust van zijn opvoeringsgeschiedenis. Daarom werkt hij zo graag met zijn geestverwanten. En vice versa. Moeremans noemt hem ‘mathematisch onvoorspelbaar’ waarmee ze bedoelt dat hij het experiment omarmt. ‘Joep heeft geen gêne, niet omdat hij exhibitionistisch is, zoals sommige acteurs, maar omdat hij altijd alles wil onderzoeken en bevragen.’

Dat was niet altijd zo. Ooit wilde Joep van der Geest ‘gewoon een heel goede acteur’ worden. Grote acteurs-idolen had hij niet toen hij jong was, afgezien van B.A. van The A-Team. Hij ging naar de Toneelacademie Maastricht, vooral ‘vanwege de aandacht en de meisjes.’ Maar toen ontmoette hij klasgenoten Mara van Vlijmen en Vincent Rietveld, waarmee hij acteurscollectief De Warme Winkel oprichtte. Één ambitie hadden ze gemeen: ze wilden vooral níét zo worden als al die bekende alumni van hun school, van die klassieke ensembleacteurs als Halina Reijn, Aus Greidanus Jr. Nee bedankt, dat zagen ze niet zitten, om marionetten te zijn in de visie van een regisseur. Joep van der Geest: ‘Dat is slavernij!’ Ze wilden zelf experimenteren en creëren.

Acteur Jeroen Willems haalde hem vervolgens naar De Veenfabriek, het gezelschap van Paul Koek. Stond-ie opeens in voorstellingen met heel rare, moderne muziek en acteurs als Willems en Betty Schuurman. Daar, in die soms ‘krankzinnige’, abstracte voorstellingen heeft hij geleerd om altijd te blijven vragen wat hij aan het doen is, wat zijn rol is, en om die twijfels ook te tonen aan het publiek.

Dat culmineerde in het moment, zo rond 2014 was het, dat hij samen met zijn geestverwanten de hele idee van een personage definitief overboord heeft gegooid. ‘Dat was een heerlijk gevoel. Een bevrijding.’

De snor is een goed voorbeeld van dat gevoel. Nu hij totaal niet meer de behoefte heeft om zich te vereenzelvigen met een personage kan hij die rustig laten staan. Mensen denken trouwens vaak dat het een nepsnor is. Hij is toch acteur? Acteurs dragen toch nepsnorren? Joep van der Geest moet er om lachen. Zijn snor is echt. Alles aan Joep van der Geest is echt.

Beeld Catharina Gerritsen

Rattenvanger

De Rattenvanger is na Robin Hood en Bambi het laatste sprookje dat regisseur Sarah Moeremans en schrijver Joachim Robbrecht bij Toneelgroep Oostpool een complete make-over geven. De tragikomische voorstelling (voor volwassenen) is een hoorzitting tussen de Rattenvanger en de bezorgde vaders van Hamelen, die hun kinderen kwijt zijn. Uit de conflicten tussen de partijen komen diverse visies over opvoeden naar boven. Bescherming of geen bescherming, dat is de vraag. Actrice Sylvia Poorta (met nepbaard) speelt de Rattenvanger herself. Première 8/2 in Arnhem, tournee t/m 25/3.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden