Update

Abou Jahjah wil gevaarlijk lijken, maar is het niet

De eerste Zomergast Dyab Abou Jahjah was een man die aangepakt moest worden, maar die toch wel aan zijn eigen waarheid vasthield.

Abou Jahjah in de eerste aflevering van Zomergasten.

Zomergasten, het programma waar steeds minder mensen naar kijken, maar waar velen toch over mee willen praten, was deze week opeens het epicentrum van het debat. Schokgolven dreunden vanuit Hilversum over het land: het was het enthousiaste getrappel van VPRO'ers. De omroep had een aas uitgegooid: beet.

Zondag mocht Dyab Abou Jahjah, Belg van Libanese afkomst en zelfverklaard antizionist, het eerste seizoen van presentator Thomas Erdbrink aftrappen en ik denk dat het geen gewaagde gok is om te zeggen dat het een van de best bekeken uitzendingen van de laatste jaren is. De lat, gelegd door Hans Teeuwen (2013), Wouter Bos (2013) en Ahmed Aboutaleb (2015), ligt de laatste jaren bij zo'n 800 duizend kijkers.

De dynamiek vooraf was ook voorspelbaar. De linkerzijde wentelt zich in de eigen ruimdenkendheid: kijk eens wie we durven uit te nodigen. Heerlijk zeg, tegenspraak. Op rechts, waar men voortdurend van alles roept om er meteen aan toe te voegen dat je tegenwoordig niets meer mag zeggen, probeert men Abou Jahjah de mond te snoeren. Vrijheid van meningsuiting is ons hoogste goed. Behalve voor moslims en andere dissidenten van de westerse waarden.

In mijn herinnering was de ophef minder toen Willem Holleeder, vers uit de gevangenis voor afpersing, in College Tour aanschoof. Het zal iets met het tijdsgewricht te maken hebben dat een niet-westerse activist meer weerstand oproept dan een veroordeeld crimineel. Maar toch: waarom een erepodium bieden aan een denker die heeft gezegd 'zoete wraak' te hebben gevoeld op 11 september 2001?

Drie uur lang live doorzagen is geen optie, bewees de vuurdoop van Erdbrink. Hij laveerde tussen begripvol en geïrriteerd. Die 'zoete wraak' vond hij vooral eerlijk van Abou Jahjah. 'En eerlijkheid is altijd goed.'

Omringd door een gigantisch hoefijzer van houten planken, een nieuw decor, positioneerde Abou Jahjah zichzelf als een buitenstaander, met het eerste fragment over Colin Wilson, schrijver van The Outsider. Hij staafde de zelfanalyse met een jeugdherinnering: vroeger in Libanon weigerde hij de nationale hymne te zingen. Daarna volgde ogenschijnlijk een charmeoffensief met een doelpunt van Van Basten tegen West-Duitsland op het EK '88. 'Wat betekent jouw naam eigenlijk?', was de eerste vraag van de avond. Antwoord, vrij vertaald: de glimlachende wolf. Het was een voorbode van een man die zich overwegend gematigd voordeed. Zijn fragmenten - over religie, kolonisatie, segregatie, migratie en racisme - waren vaak uitgesprokener dan de gast zelf.

De zoon van een christen en een moslim omschreef zichzelf als zoekende. 'Ik ben niet geboren met één waarheid.' Met een scène uit de HBO-serie True Detective illustreerde hij zijn agnosticisme. Eigenlijk vindt hij, net als hoofdpersoon Rust Cohle, dat georganiseerde religie een sprookje is dat voor niemand goed is, maar toch gelooft hij dat er 'meer dan materie is'. Iets dus.

Onze man in Hilversum, tot dan toe nauwelijks kritisch, zag een bruggetje: Abou Jahjah hield van de oneliners in True Detective, maar schreef zelf ook weleens een oneliner. 'Islamofobie is antisemitisme 2.0', citeerde Erdbrink Abou Jahjahs opiniestuk in NRC. Bedoelde hij daarmee echt dat moslims tegenwoordig erger worden behandeld dan Joden in de Tweede Wereldoorlog, vroeg Erdbrink, die helaas dacht dat de uitdrukking '2.0' een ergere versie betekent, terwijl het slechts een nieuwere versie is. Abou Jahjah kon daarom de vraag ontwijken, maar zei wel dat islamofobie racisme was en dat het dezelfde evolutie doormaakt als antisemitisme. Daaraan voegde hij de dooddoener toe: 'Vervang in de krantenkoppen maar eens moslims met Joden.'

Hij ontsloeg zichzelf van de plicht om een kloppende vergelijking te bedenken door te zeggen dat we niet pas wakker moeten worden ná het drama. Oftewel: er dreigt nog geen genocide tegen moslims, maar Abou Jahjah waarschuwt er alvast voor.

Na interessante fragmenten uit een documentaire van de Palestijns-Amerikaanse Edward Said en de animatiefilm Waltz with Bashir volgde een scherpe discussie over Franse Joden die in grote getalen naar Israël waren geëmigreerd. De kracht van het zionisme, verklaarde Abou Jahjah. 'Denk je niet dat ze bang zijn?', beet Erdbrink hem toe, maar de Zomergast, die zelf wegens de veiligheid van zijn gezin terug naar België verhuisde, kon zich dat niet voorstellen.

De emigratie was ideologisch, zei hij, waarmee hij de angst van Joden om in Europa met een keppeltje over straat te lopen verwaarloosde. In de fragmenten over The Black Panthers en Jeremy Corbyn, die Abou Jahjah een radicaal noemde, leek iets door te schemeren van de inhoud van zijn pamflet voor de Bezige Bij, Pleidooi voor radicalisering. Abou Jahjah wil de status quo aanvallen en alle figuren die weerstand oproepen door hun anti-establishment-houding zijn helden in zijn ogen.

Daarmee verheerlijkte hij zichzelf en zijn eigen maatschappelijke rebellie - hij schroomde er niet voor om zijn beweging AEL te vergelijken met de Black Panther Party - maar bovenal leek het een oprecht betoog om voor verdrukte minderheden op te komen en tegen een autoritaire macht te strijden. Zijn nieuwe beweging Movement X verschilt van de AEL doordat er niet vanuit identiteit wordt geredeneerd, zei Abou Jahjah. 'Open voor iedereen.' Een lofzang op de diversiteit van de stad Brussel sloot er op aan. 'Het moet slagen!', zei hij. Want: 'Als het faalt, dan faalt dat model van samenleven.' Er zijn mensen vertrokken uit de stad omdat het racisten zijn, volgens Abou Jahjah. 'Maar dan groeien ze toch juist uit elkaar', opperde Erdbrink, die terecht het optimisme over Brussel niet zomaar wilde accepteren.

Het gescripte verhaal van gematigd radicaal werd doorzichtig afgesloten met een lied van Jacques Brel over rechtvaardigheid. Daarna kwam de keuzefilm, The Battle of Algiers, over de onafhankelijkheidsstrijd in Algerije. Dezelfde waarmee Jan Marijnissen in 2010 zijn ideale televisieavond uitluidde.

'Ieder zijn eigen waarheid', legde Erdbrink zich een uur eerder neer bij een twist. Dat was het frustrerende van deze uitzending: er zat een man die aangepakt moest worden, maar die toch wel aan zijn eigen waarheid vasthield. Een man die doodleuk het beschermen van een Joods museum aan het zionisme kan koppelen, maar verder verdacht veel weg had van een milde en heldere denker. Abou Jahjah is een ietsist die gevaarlijk lijkt, maar het niet is.

Dyab Abou Jahjah. Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden