Abeltje, Pinkeltje, Paulus en Pippi

Buys, Bijmoer, Midderigh-Bokhorst, Isings, Borrebach. Niet direct een beeld voor ogen? Dan zou u wel eens jonger dan 45 kunnen zijn....

Helden in beeld is de eerste tentoonstelling uit een nog groeiende en met horten en stoten tot stand gekomen collectie. Veel vergane glorie dus, uit de tijd dat illustratoren voor een habbekrats en niet zelden anoniem bijklusten voor kinderen.

Natuurlijk zitten er juweeltjes bij. Wim Bijmoer bijvoorbeeld tekende wekelijks voor de nog jonge Annie M.G. Schmidt de belevenissen van het schaap Veronica, die dan de volgende dag verschenen in Het Parool. Schmidt belde ’s avonds het idee voor haar volgende versje door en Bijmoer ging, de telefoon nog in de hand, aan de slag. Die lol en losheid spatten nog altijd van de prenten af.

Ook de schetsen van Paulus de Boskabouter van Jean Dulieu, de weelderige Pippi Langkous-plaatjes van Carl Hollander en Hans Borrebachs Joop ter Heul bieden een nostalgisch beeld van de geschiedenis van de illustratie. Die begint bij de beroemde gravure van Jantje die eens pruimen zag hangen en eindigt bij de naïeve kleurenpracht van de vorig jaar overleden Max Velthuis.

Maar of álles wat er te zien valt zo spannend is? De rondgang langs drie eeuwen kinderplaatjes maakt vooral pijnlijk duidelijk dat illustratoren het veel te lang hebben moeten doen met een onverdiende bijrol. Geneuzel van prentenboekendeskundige Saskia de Bodt over de vraag waarom de omslagillustratie van Sinterklaas blijft een zomer over drie keer opnieuw moest, maakt het verhaal er niet boeiender op.

Nee, deze tentoonstelling bevat te weinig echte helden. Pinkeltje en Abeltje zijn erbij, maar de gouden decennia van het kinderboek, de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw, zijn zwaar ondervertegenwoordigd. Waar is dubbeltalent Tonke Dragt? Waar zijn de omslagillustraties van nog steeds stukgelezen klassiekers van Thea Beckman, Jan Terlouw en Evert Hartman? En hoe zit het met hedendaagse grootheden als Inger en Dieter Schubert en Thé Tjong-King? En hoe kan het dat de internationaal verafgode Dick Bruna ontbreekt?

Het Letterkundig Museum is de eerste om toe te geven dat de uit erfenissen en uitgeverijarchieven samengestelde collectie nog verre van compleet is. Woordvoerder Sietske Duller: ‘We hopen dat nog levende illustratoren massaal komen kijken en tegen ons zullen zeggen: goh, waarom hang ik daar niet bij?’

Max Velthuijs, Mance Post en de dit jaar met een Gouden Penseel bekroonde Marit Törnqvist geven alvast het goede voorbeeld. En het jongere publiek kan zich altijd nog laven aan de tegelijkertijd geopende reizende tentoonstelling Dutch Treats, die begin dit jaar een groot succes was in New York. Daar zit Dick Bruna gelukkig wél bij.

Pjotr van Lenteren

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden