Aanvallen

Om de hoek bij de Nederlandse ambassade, in het deftige zevende arrondissement van Parijs, staat het beeld van de generaal Mangin....

MARTIN SOMMER

Het aanvallen ging Mangin kennelijk gemakkelijk af, want de lijst oorlogen en veldslagen waaraan hij meedeed is indrukwekkend. Volgens zijn voetstuk bracht Mangin de Duitsers tijdens de Eerste Wereldoorlog slag na slag toe, en ik moest denken aan Barbara Tuchmans boek The guns of august. Daarin beschrijft ze overtuigend hoe de Franse bevelhebbers uit La Grande Guerre meenden dat de aanval de enige strategie was die paste bij de Franse cultuur, en hoe ze zichzelf en vooral de 1.400.000 omgekomen Franse soldaten daarmee op een verschrikkelijke manier de das om deden.

Deze week herdacht Frankrijk de wapenstilstand van 1918, waarmee een eind kwam aan de slachtpartij van de Eerste Wereldoorlog. Maar de betekenis van de vrije dag op de elfde november ontgaat steeds meer Fransen, vooral nu de Tweede Wereldoorlog per week actueler wordt in verband met het proces-Papon. Een bijkomend effect van het verdwijnende taboe op de beschamende Franse rol tijdens de Tweede Wereldoorlog, is namelijk dat de noodzaak voor de Franse geschiedenisleraar minder wordt om in de loopgraven van de Eerste te blijven hangen.

Kortom, de filosofie van de aanval van generaal Mangin leek al bij al niet erg actueel. Tot me te binnen schoot hoe vaak Fransen het woord attaquer gebruiken. Een boer die begint met het binnenhalen van de oogst, zegt dat hij het graan gaat aanvallen. Een schooljuffrouw die belooft dat ze volgende week met de klas zal gaan rekenen, zegt dat ze de tafel van vier aan zal vallen. Een metselaar valt een muur aan, enzovoort.

Wanneer er wordt begonnen aan een werk, een reis, iets nieuws, dan is de aanval niet ver. Eigenlijk de enige variant die ik niet heb gehoord is de Nederlandse uitdrukking waarin een maaltijd wordt aangevallen. Maar een maaltijd is in Frankrijk meer een religieuze dan een militaire ceremonie.

Metaforen verraden veel over het volkskarakter - in indirecte zin; uiteraard zullen Fransen hun dagelijkse bezigheden niet als oorlogshandelingen beschouwen. Niettemin moet zo'n beeld ergens vandaan komen. Zeker is wel dat Frankrijk met zijn belligerente verleden meer heeft aangevallen dan Nederland, met zijn kooplieden en dominees. Wij kennen de nogal fletse wijsheid 'de aanval is de beste verdediging'. Vergelijk dat met de stoutmoedige uitspraak van de Franse kolonel Grand-Maison: 'In de aanval is de roekeloosheid de beste beveiliging'.

Uiteraard hebben wij het 'ik val aan, volg mij', waarmee Karel Doorman bij de slag in de Javazee naar zijn ondergang voer. Een heel Nederlandse uitspraak, omdat Doorman zijn heldendom dankte aan het feit dat hij vantevoren zeker wist de slag te zullen verliezen, en tóch de aanval koos. Liever gelijk hebben, dan het krijgen. Daartegenover staat de Franse generaal Joffre: 'Het Franse leger kent geen ander geloof dan het offensief.'

Zonder twijfel is de frequentie van het woord 'attaquer' in het dagelijkse gebruik een echo van een ver verleden waarin het aanvallen schering en inslag was. In een biografietje van maarschalk Pétain, actueel in verband met het proces-Papon en het Franse Vichy-bewind, lees ik dat Frankrijk vanaf het einde van de achttiende eeuw in de greep verkeerde van een 'offensieve geest', en 'na het rituele gemanoeuvreer van de legers onder Louis XV, de voorkeur gaf aan de beweging, de durf, de snelheid van de kolonnes'.

Het is misschien flauw, maar mij springt bij het lezen van zulke regels niet alleen het woord 'attaquer', maar ook het Franse rijgedrag voor de geest. Zou het kunnen dat de Fransen eeuwenlang zodanig zijn doordrenkt van het idee dat ze moeten aanvallen, dat ze niet meer anders kunnen? De laatste statistieken zijn alweer een meer dan een half jaar oud, maar daarin komt Frankrijk met 8080 verkeersdoden op de negende plaats in de Europese Unie. De weg is hier onmiskenbaar een toernooiveld, met winnaars en verliezers, en er is, zeker in Parijs, maar één denkbare strategie om je doel te bereiken: attaquer.

Een vriend vertelde onlangs hoe hij had geprobeerd de Arc de Triomphe te ronden, wat alleen lukt met een offensieve pedaalbehandeling. Hem werd de pas afgesneden door een collega-weggebruiker, die vervolgens het raampje opendraaide en bij wijze van troost een klopje op de motorkap van mijn vriend gaf. Jammer, verloren, maar met honneur.Martin Sommer

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden