Aan het front van de Berlijnse cultuuroorlog

Waar chaos en geschreeuw plaatsmaken voor steriele esthetiek en ingetogen toon

Met hun nieuwe voorstelling kwamen de Nederlandse vrouwen van Women in Trouble terecht in een verbeten cultuurstrijd bij de Berlijnse Volksbühne, ziet Herien Wensink.

Foto Christoph Neumann

Enigszins verhit komt decorontwerper Lena Newton de grote zaal van de Volksbühne in Berlijn binnen. Ze heeft net gehoord dat het twee werkdagen duurt om haar decor voor de voorstelling Women in Trouble op te bouwen: een draaiende, 6 meter hoge cirkelvormige installatie met een doorsnee van 15 meter.

Een fikse tegenvaller die niet was ingecalculeerd: de planning en de speeldata zullen moeten worden aangepast. Bovendien pakt haar ontwerp - een futuristische, hypergestileerde mix van wellnesscentrum, tv-studio en medisch instituut - fiks duurder uit dan begroot. En met zijn afmetingen en benodigde mankracht lijkt het onwaarschijnlijk dat de productie ooit zal kunnen reizen, zoals de bedoeling was. Naar Rotterdam bijvoorbeeld, want Women in Trouble is een co-productie met Theater Rotterdam.

Het Conflict

Dit, verzucht Newton, is dus een direct gevolg van Het Conflict. Het conflict is, in het kort, een richtingenstrijd die woedt om de Volksbühne sinds het gedwongen vertrek dit jaar van de vorige, legendarische, intendant Frank Castorf. In 25 jaar werden Castorf en zijn Volksbühne symbool van anarchistisch, rebels en vernieuwend punktoneel. Tegen de wens van vele fans moest Castorf onder politieke druk het veld ruimen voor de Vlaming Chris Dercon. Dercon wordt gezien als een manager uit de beeldendekunstwereld, waar het vooral om grote sponsordeals en gelikte blockbusters zou gaan. Dat hij internationale makers en gastvoorstellingen programmeert, maakt het natuurlijk allemaal nóg erger: veel Berlijners voelen zich bedreigd door het in hun stad snel oprukkende, eenvormige internationale hipsterkapitalisme.

In de tijd tussen de bekendmaking in 2015 en de uiteindelijke intendantenwissel afgelopen zomer, is de Kulturkampf hard gevoerd. Toen anderhalf jaar geleden de eerste plannen voor Women in Trouble werden gesmeed - een door Dercon geïnitieerde productie voor zijn eerste seizoen als intendant - zat Castorf nog stevig in het zadel en waren zijn vertrek en opvolging binnenshuis taboe. Dercon en zijn team werd categorisch de toegang tot het gebouw geweigerd en de pesterijen en sabotage duurden voort tot Castorf in juli de deur achter zich dichttrok.

Twee actrices in de rol van Angelina Dreem in Women in Trouble. Foto Christoph Neumann

Maar ondertussen wilden de 26 medewerkers van het decoratelier wel graag aan het werk blijven - ook in het tijdperk ná Castorf. Dus spraken Lena Newton en regisseur Susanne Kennedy in het geheim met het hoofd van de technische dienst over hun plannen voor Women in Trouble. Newton: 'Op bouwtekeningen werden onze namen zwart gemaakt, want niemand van het Castorf-team mocht weten dat het atelier hier aan meewerkte.'

Zo belandden regisseur Susanne Kennedy, haar artistieke partners Suzan Boogaerdt en Bianca van der Schoot en het grotendeels Nederlandse team van Women in Trouble in de frontlinie van de Berlijnse cultuurstrijd. Van der Schoot, monter: 'Het is wel heel erg spannend. Er staat echt iets op het spel.'

Medewerkers van de werkplaats werkten maandenlang stiekem aan hun decor. De nieuwkomers mochten de Volksbühne alleen bij hoge uitzondering bezoeken onder begeleiding van twee advocaten - die van Castorf en die van Dercon. Newton: 'Ik ben zelf één keer in de zaal geweest en kon alleen maar een paar foto's maken.' Die beperking heeft de inschattingsfout mede veroorzaakt, denkt ze. 'Want ook het hoofd van de technische dienst had dit in twintig jaar nog nooit meegemaakt.'

Nog altijd is het protest niet geluwd. Na Castorfs vertrek in juli werd het even rustiger, maar afgelopen september werd een belangrijke repetitie van Women in Trouble opeens onderbroken: performancecollectief Staub zu Glitzer had de Volksbühne bezet, uit protest tegen de 'kapitalistische uitverkoop' door Dercon.

Bianca van der Schoot vertelt hoe ze opeens moesten stoppen met repeteren. Regisseur en spelers verlieten het theater haastig via de kleedkamers en kwamen weer binnen in de foyer, waar ze prompt een flyer over de bezetting in handen kregen gedrukt. 'Ha, wat leuk, kom je ook protesteren?' De bezetters, die hun actie een 'transmediale performance' noemden, lazen een meterslang papieren manifest voor met hun eisen. Zo wilden ze bijvoorbeeld dat de Volksbühne een 'feministisch' theater zou zijn. Kennedy: 'Grappig, want ik ben de eerste vrouw in 25 jaar die hier een voorstelling regisseert. En Women in Trouble gaat over de positie van de vrouw. Wij máken al feministisch theater.' Na drie dagen feesten en debat werd de actie door de politie beëindigd.

De Volksbühne in Berlijn. Foto Christoph Neumann

De bezetting was wat knullig, lacht Van der Schoot. Maar toch. 'Ergens is het voor ons Nederlanders jaloersmakend dat het theater inzet is van zo'n strijd. Stel je voor: de bewoners van de stad eisen hun theater op!' Kennedy: 'Nergens anders wordt nu zo aandachtig naar dit werk gekeken. We staan midden in het debat. Hoe onpraktisch en lastig dat soms ook is, ik zou nergens anders willen werken.'

Hoewel aanvankelijk zeventig van de 223 medewerkers van de Volksbühne zich nog per brief achter Castorf schaarden, lijken de meesten de nieuwe werkelijkheid te hebben aanvaard. De mislukte bezetting bracht nieuwkomers en oudgedienden zelfs dichter bij elkaar. Suzan Boogaerdt: 'Men wilde eindelijk weer aan het werk. Ze vinden ons wel vreemd; vaak is het onbegrip op hun gezicht te lezen. Maar ze zijn niet per se vijandig.' Kennedy: 'De meesten willen gewoon dat dit huis leeft. Zij willen zich met kunst en kunstenaars bezighouden.'

Al grapte een van de technici wel dat Bertolt Brecht zich zou omdraaien in zijn graf. Een grap met historische lading - de verwijzing naar de grote Duitse toneelschrijver en -regisseur betekent toch: door Kennedy en haar collega's wordt hier een stukje Duitse theatertraditie vermoord.

'Er schijnt binnenshuis wat weerstand te zijn tegen onze voorstelling', zegt Boogaerdt bij de lunch in café Sauer, pal tegenover het imposante theater. 'Het huis praat', vult Van der Schoot op griezelfilmtoon aan. Nieuwe steen des aanstoots: de voertaal van Women in Trouble. Want, de titel verraadt het al, die is Engels.

De strijd om de Volksbühne is symbolisch voor een veel groter debat over gentrificatie en de Oost-Berlijnse identiteit. Ook de Duitse taal is inzet in het dispuut. Die wordt volgens veel Berlijners in hoog tempo verkwanseld ten behoeve van het internationale grootkapitaal. Een Engels stuk in dit socialistische theaterhart van Berlijn is daarom vloeken in de kerk.

'Er schijnt binnenshuis wat weerstand te zijn tegen onze voorstelling', zegt Suzan Boogaerdt, artistiek partner van regisseur Susanne Kennedy. Foto Christoph Neumann

Of zelfs heulen met de vijand: online werd Kennedy al met nazi-filmmaker Leni Riefenstahl vergeleken. En dat terwijl het Engels hier geen praktische capitulatie is maar een artistieke keuze. De tekst is opzettelijk gesteld in een vlak Amerikaans-Engels dat wereldwijd bekend is van films en soaps.

De inhoud van Women in Trouble sluit ironisch genoeg naadloos aan op het debat. In een gelikte hightech cyberwereld volgen we het personage Angelina Dreem op een medische hellevaart. Kunstmatige intelligentie heeft elk intermenselijk contact vervangen. Mensen wisselen hoogstens nog toonloze platitudes uit. De spelers dragen pruiken en latexmaskers en playbacken hun tekst, waardoor ze onherkenbaar en inwisselbaar zijn. Daarmee behandelt het werk precies de thema's die zo relevant zijn in het Berlijnse cultuurconflict: (angst voor) identiteitsverlies en verlies van authenticiteit, eenvormigheid door commercialisering en hoe technologie leidt tot ontmenselijking. Maar dat moeten de toeschouwers wel willen zíen.

Kennedy: 'Bij ons staat geen acteur op het toneel die de thematiek in doorwrochte Duitse volzinnen voor het publiek uiteenzet.' Boogaerdt: 'De inhoud zit verborgen in de vormkeuze, dat moet je willen lezen. Maar je kunt je natuurlijk ook alleen maar ergeren aan het Engels.' Of aan de gestileerde vormgeving, de steriele esthetiek en de ingetogen toon, waar medewerkers en toeschouwers bij Castorf chaos, rotzooi, zweet en geschreeuw gewend waren - zowel op als naast de bühne. Kennedy: 'Waar de technici zich nog het meest over verbaasden, was hoe stil het bij ons was tijdens de repetities.' Van der Schoot: 'Zij schreeuwt nooit. Wij zijn gewoon meestal heel geconcentreerd aan het werk.'

Dat kun je als een vooruitgang zien, maar ook als het einde van een woeste, anarchistische, ongebreidelde kunstpraktijk ten faveure van de professionalisering. Of zoals die medewerker van het kostuumatelier het verwoordde: de nieuwe programmering was simpelweg te klein voor 'de grote ziel van de Volksbühne'.HW

Women in Trouble is donderdag in première gegaan en speelt nu in de Volksbühne. volksbuehne.berlin.

Susanne Kennedy

De van oorsprong Duitse regisseur Susanne Kennedy (1977) studeerde aan de Amsterdamse regieopleiding en werkte bij het Nationale Theater en Toneelgroep Amsterdam. Sinds een paar jaar heeft Kennedy een artistieke alliantie met mimeduo Suzan Boogaerdt en Bianca van der Schoot. Hun gezamenlijke werk bevindt zich op het snijvlak van theater en beeldende kunst, met bevreemdende installaties bevolkt door zombie-achtige figuren, die de vervreemding en onthechtheid van de hedendaagse dolende mens illustreren. Twee jaar geleden keerde Kennedy terug naar Duitsland met voorstellingen bij de Münchner Kammerspiele en op de Ruhrtriennale. Chris Dercon vroeg haar als vaste maker bij het team, naast choreografen Boris Charmatz en Mette Ingvartsen, en filmmakers Romuald Karmaker en Alexander Kluge.


Hoe de Volksbühne in Berlijn slachtoffer werd van het hipsterkapitalisme

Met bier, Buletten en veel geschreeuw op het podium werd de Volksbühne van intendant Frank Castor dé culturele hotspot van Berlijn. Die verbeten cultuurstrijd staat symbool voor de ontikkelingen in heel Berlijn, schrijft Sterre Lindhout. Nu is opvolger Chris Dercon voor veel Berlijners de belichaming van het hipsterkapitalisme. (+)

Meer over