Interview

'97,3 procent van Nederlandse stripgeschiedenis staat hier'

Stripverzamelaar Hans Matla vindt het tijd voor pensioen. Maar wie gaat de enige complete Nederlandse stripcollectie beheren? 'Straks staat Paulus de Boskabouter in een stripmuseum in Hangzhou.'

Antiquaar, uitgever, stripverzamelaar en auteur van de Stripkatalogus Hans Matla tussen 600 strekkende meter boekenplan.Beeld Ton Koene

Hans Matla slaapt weer. Dat mocht ook wel, na vier jaar. In 2014 leek hij zijn enorme striparchief, zijn levenswerk, onder te hebben gebracht bij de Koninklijke Bibliotheek (KB) in Den Haag, zijn eerste keus. En de bibliotheek zou met de aanschaf van deze 'Collectie Matla I' in één keer de complete Nederlandstalige stripgeschiedenis vanaf 1858 in huis hebben: 70 duizend albums, allemaal in eerste druk; 100 duizend tijdschriften - Nederlands, Vlaams, Limburgs, Fries, Nedersakisch... Een collectie opgebouwd door één man die langzamerhand weleens met pensioen wilde.

Maar er kwam een kink in de kabel. De KB vond het bedrag te hoog en er volgde drie jaar radiostilte. Een periode waarin Matla's ongerustheid groeide en waarin hij zich opmaakte de boel dan maar te gaan veilen. Contacten met Christie's en Franse veilinghuizen werden daartoe eind 2016 gelegd. 'Ik had het verschrikkelijk gevonden als dat was gebeurd', zegt hij, 'dat mag je gerust weten. Omdat mijn levenswerk dan onder mijn handen uit elkaar was gevallen, natuurlijk, maar ook: er is echt maar één complete collectie in heel Nederland en België, zoiets verzamel je nooit meer bij elkaar.'

Vlak voor Kerst, dat was mooi getimed, meldde de KB zich opnieuw. Nee, ze vond het bedrag nog steeds te hoog, maar stelde wel voor om samen met Matla op zoek te gaan naar een sponsor of donoren. Met andere woorden: ze wilde de collectie nog steeds heel graag. Eén plek, toegankelijk voor iedereen die zich in 'de negende kunst - de unieke expressievorm van het beeldverhaal', zoals Matla het noemt, wil verdiepen. Misschien gaat het in 2017 toch lukken.

Een sectie met Franstalige Kuifje-strips uit de collectie van Hans Matla.Beeld Ton Koene

De tl-daglichtlampen knipperen aan, tot in de verste hoeken van het archief. De airco zoemt - een tikje tegen de hygrometer, een instemmende hum. De omstandigheden zijn ideaal, het enige wat er kan gebeuren is dat kat Floris, die om de voeten van Matla heen draait en voor hem uitdribbelt, tussen de hydraulische kasten terechtkomt die zich zacht zoemend sluiten en ontsluiten: 600 strekkende meter boekenplank, 18 kasten vol Toonder, Kresse (Eric de Noorman), Mazure (Dick Bos), Dulieu (Paulus de Boskabouter); kasten vol comics en tijdschriften. De oudste en kostbaarste stukken in zuurvrije mapjes, gekraald, op maat gemaakt in Frankrijk. Hij haalt ze er met handschoentjes uit.

Uw verzameling begint in 1858?

Matla is bij de T in de kast verdwenen, de T van Rodolphe Töpffer. 'In 1858 verscheen in Nederland diens Reizen en avonturen van Mijnheer Prikkebeen. Officieel het eerste beeldverhaal in ons taalgebied', zegt Matla. Van alle vijftig edities die zijn verschenen, heeft hij een exemplaar. 'Zo'n belangrijk boek voor de geschiedenis van de strip, dat wil ik natuurlijk compleet hebben.'

Dertien jaar geleden verhuisde Matla naar dit pand in het Haagse Statenkwartier, in tientallen ritten om de 50 ton striparchief met zorg over te brengen. Maar de exercitie begon al eerder, met het intrillen van zes reusachtige heipalen onder het oude herenhuis. De hele geschiedenis van het Nederlandstalige beeldverhaal op een zandplaat was volgens deskundigen namelijk niet zo'n verstandig idee. En daarmee had hij voor de buurt meteen zijn visitekaartje afgegeven: Hans Matla (67), uitgever van onder meer Bommel en Eric de Noorman, de man achter de Stripkatalogus, en begeesterd verzamelaar die van zijn hobby zijn werk maakte en miljonair werd. In papier dan. Aangenaam.

De vrolijke avonturen van Doris Dobbel door Marc Sleen. Verscheen in 1952 in een oplage van 100. Geschatte waarde: minstens 15 duizend euro.

Begeesterd verzamelen, voor iemand die zijn leven lang ook een stripantiquariaat bestierde, dat schuurde weleens. Zoals voor elke winkelier met hart voor de zaak verkopen ook een beetje afscheid nemen is. Matla's insteek bleef altijd die van de verzamelende puber: hij verkocht alleen zijn dubbele en het mooiste exemplaar hield hij altijd zelf. Zo groeide de piekfijne Matla-collectie. Tot hij zich in 1980 eens achter de oren krabde: ik zou het weleens compleet kunnen krijgen, dacht hij, dat is nog nooit iemand gelukt. Matla: 'Al moest ik vanaf dat moment ook de grootste rimram gaan verzamelen. Ook dingen waar ik niks mee had.'

U maakte een luchtsprongetje toen u de laatste Tina vond...

'Ja, en dat is nog niet eens zolang geleden. Wat is de Tina nou, kun je zeggen. Maar niemand heeft dat meisjestijdschrift compleet - je vindt ze niet in de tweedehands bakken. En juist dat alles erin zit, maakt deze collectie zo uniek. Dit vind je in geen enkel taalgebied - in het Engels of Frans is daar natuurlijk ook geen beginnen aan. Vanaf het ontstaan van het beeldverhaal in boekvorm alle publicaties.'

Niets over het hoofd gezien, erewoord?

'Laat zeggen 97,3 procent van alles wat er is uitgebracht, staat hier.'

Wat waren de zware dobbers?

'Een Suske en Wiske waarvan twee exemplaren zijn gedrukt bijvoorbeeld. Eén voor de burgemeester van Valkenburg, één voor Willy van der Steen zelf. Kijk, dan spreek je wel van een uitdaging.'

Twee kasten ontsluiten zich met een zucht. Een gipsen Flipje van Tiel huivert op zijn richel.

De avonturen van Rikki en Wiske door Willy Vandersteen. Voor de Belgische krant De Standaard tekende Vandersteen al Suske en Wiske. De zoon van de hoofdredacteur vond die Suske maar niets. Vandersteen hoorde de kritiek aan, en verving Suske door Rikki. In 1946 kwam hij uit, in een oplage van zo'n tweeduizend exemplaren. Het stripboek is nooit herdrukt. Geschatte waarde: 10 duizend euro.

Wat is uw duurste?

'Dan moeten we, denk ik, naar de J van Edgar. P. Jacobs. 'Blake en Mortimer Het geheim van de zwaardvis, genummerde 1ste druk, gesigneerd door de auteur - hier heeft hij er zelfs een tekeningetje bij gemaakt. Die zal nu zo'n 15 duizend euro opbrengen.'

En hoeveel is de collectie waard?

'Hij is getaxeerd tussen de 6- en 9 miljoen euro.'

En hoeveel wilt u er voor hebben?

'Van de Koninklijke Bibliotheek: 3 miljoen. Dat is wat ik er in vijftig jaar aan heb uitgegeven. En ik doe het ook nog voor een beetje minder.'

Maar de KB wil niet de hele collectie, dat heeft ze 2014 laten weten, toch?

'Klop, ze hadden zelf al 20 duizend stripboeken. Maar ik heb gezegd: doe wat ik heb gedaan, bewaar van elke album het meest gave exemplaar, en distribueer de rest over andere bibliotheken. Maar neem wel de hele boel mee, anders zit ík weer met een halve verzameling.'

'NEE, géén ongeadresseerd reclamedrukwerk, NEE, géén huis aan huis bladen', staat er op de brievenbus. Hier woont een verzamelaar die aan het afbouwen is. En dat is een heel proces, want naast deze Collectie Matla I, is er ook een Collectie Matla II: duizenden originele tekeningen en schilderijen. 'Hans Kresse heeft 8.000 tekeningen gemaakt, daar heb ik er 7.000 van', zegt hij. 'Tel daarbij op: duizend originelen van Dick Matena; nog vele honderden van anderen.'

Tekst gaat verder onder de foto.

Matla met een prent van Robbedoes.Beeld Ton Koene

De collectie is het veelvoudige waard van collectie I, als je het in geld uitdrukt, maar wie heeft het over geld? 'Die schenk ik allemaal een keer aan het Letterkundig Museum. Daar liggen ook de meeste originelen van Marten Toonder: Bommel, Tom Poes, Kappie, Koning Hollewijn... Of ze gaan naar een grafisch museum, dat kan ook.'

Kijk, zo ziet hij het voor zich: een paar keer per week op het fietsje door Den Haag, zíjn Den Haag, naar de Koninklijke Bibliotheek om daar, tussen zijn eigen oude collectie, te werken aan zijn Stripkatalogus. Zijn tiende. Aan de muur thuis en in zijn uitgeverij Panda hangen dan nog een stuk of wat originelen. Geef ze hem desnoods terug in bruikleen, zegt hij, dat is toch een prima compromis? 'Kunnen ze die na mijn dood bij de rest voegen. En geloof me, dan ben ik als een tevreden man gestorven.'

Met een laatste Eric de Noorman onder zijn hoofdkussen?

Lichte aarzeling. 'Ik heb nog een kleine... dérde collectie', zegt hij. 'Echt heel bescheiden hoor, duizend exemplaren. Dat zijn de strips die ik wil blijven lezen, waarmee ik oud wil worden. Dat moet toch kunnen, vindt u niet? Jawél meneer, ik ben een liefhebber hè.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden