600 jaar oud boek restaureren met crowdfunding

Het gebedenboek van Maria van Gelre is een sleutelstuk in de kunst geschiedenis, maar de staat ervan is 'dramatisch'. Een Nijmeegse hoogleraar zamelt geld in voor restauratie.

Het gebedenboek in het archief Beeld Staatsbibliotheek Berlijn

Zelf noemt Johan Oosterman het 'de grootste Middeleeuwse kunstschat van Gelderland.' De perkamenten bladzijdes staan vol gedetailleerde, rijke illustraties met daarbinnen Nederrijnse gebedsteksten. Op 23 februari 1415, maandag exact 600 jaar geleden, noteerde monnik Helmich de Lewe zijn naam in het gebedenboek dat hij maakte in opdracht van hertogin Maria van Gelre, een Franse prinses. Zij trouwde in 1405 met de hertog van Gelre. Het boek dat ze liet maken, ruim 1.200 bladzijden dik, werd geschreven in Arnhem en geïllustreerd in Nijmegen.

Het werk ligt nu nog opgeborgen in de staatsbibliotheek in Berlijn, waar Oosterman, hoogleraar oudere Nederlandse letterkunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen, het in 2014 even mocht doorbladeren. Duidelijk is dat de Gebroeders van Limburg, de grootste Nederlandse kunstenaars van de Middeleeuwen, persoonlijk contact hebben gehad met de makers van dit gebedenboek. Zij zouden hen 'de fijne kneepjes' van het vak hebben geleerd.

De drie gebroeders zouden daarmee indirect invloed hebben gehad op de Nederlandse schilderkunst. Onderzoek moet dat aantonen. Maar daarvoor is een flinke restauratie nodig. 'Sommige pagina's zijn er dramatisch aan toe', zegt Oosterman.

Met een crowdfundingsactie wil Oosterman de eerste 25 duizend euro bij elkaar te krijgen. In totaal heeft hij 150 duizend euro nodig voor de restauratie en het onderzoek, een bedrag dat het volgens hem meer dan waard is. 'Het kan ons veel vertellen over de rijke cultuurgeschiedenis van Gelderland en de Franse invloeden.'

Johan Oostermann Beeld Dick van Aalst

Nederrijns

Dat het boek in het Nederrijns werd geschreven, de taal die destijds in het Nederlands-Duitse grensgebied werd gesproken, is opmerkelijk en uniek voor een Franstalige hertogin. Zeker in een tijd dat gebedenboeken voornamelijk in het Latijn verschenen. 'Maria van Gelre toonde daarmee haar ambitie en de waarde die ze hechtte aan de Gelderse cultuur. Vorsten spraken vaak de taal van hun onderdanen niet', vertelt Oosterman. Hij hoopt er achter te komen waarom de hertogin deze keus maakte. Ook moet uit het onderzoek blijken hoe het boek is gemaakt en welke materialen ervoor zijn gebruikt.

Over vier jaar wil Museum Het Valkhof in Nijmegen het boek tentoonstellen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden