Interview Verhalen van Georgina

‘Schrijven kan ik alleen op zolder’

Acteur Georgina Verbaan moest ‘óók zo nodig’ gaan schrijven. Haar tweede bundel columns en verhalen ligt nu in de boekwinkel, maar de roman waarvoor ze haar agenda had leeggeruimd, is er nog niet. Een gesprek over schrijven als intieme bezigheid.

Anderhalf jaar geleden zou het eindelijk gebeuren: Georgina Verbaan (39) ging haar eerste roman schrijven. ‘Ik was zó hard aan het acteren geweest en had zo’n zin om fictie te schrijven, ik had ook een idee voor het verhaal – dat idee heb ik al heel lang. Dus toen heb ik mijn agenda leeggeruimd. Ik dacht: nu ga ik het doen.’

Columnist en actrice Georgina Verbaan. Beeld Valentina Vos

Het lukte niet. ‘Ik zat in paniek naar het scherm te staren. Mezelf aan het werk zetten, dat ben ik helemaal niet gewend. Ik word al twintig jaar opgehaald, wat ik moet doen staat in een script, ik hoef alleen maar te onthouden van welke sticker naar welke sticker ik loop en wanneer er een traan komt – allemaal heel overzichtelijk. Om dan opeens zo met jezelf te zitten, dat is heel lastig. En toen ging ook nog mijn kat dood.’

Daarover schreef je wel een mooi verhaal.

‘Ik heb het al lang niet gelezen en ik wil het ook niet lezen, omdat ik dan steeds aan hem moet denken. Ik heb het een paar keer voorgelezen, op avonden, en dan greep het me aan. Hij was mijn vervangende ouder, mijn beste vriend: alles in één zo’n beest. En die gaat dan dood.’

Dit weekend verschijnt Iets om naar uit te kijken, de tweede bundel columns en verhalen van Georgina Verbaan. De columns stonden eerder in NRC Handelsblad, waar Verbaan sinds 2013 voor schrijft, de verhalen zijn nieuw. Tragikomisch zijn ze, over mensen die gevangen zitten in een droevig leven. En er is dus De kat in de koelkast, het verhaal over kat Laurens die negentien jaar haar troost, steun en toeverlaat was. Ze schrijft: ‘Ik zag een engel in hem, omdat hij was wie hij was – een zacht mens dat geen mens was maar iets beters. Daar kan je niet mee aankomen op een verjaardag als, godbetert, de kaas rondgaat.’

Verbaan is behalve columnist al heel lang een gelauwerd acteur, opgezadeld met een bekendheid die maakt dat ze door de roddelbladen wordt gefotografeerd als ze met een raar hoedje of een nieuwe liefde over straat gaat. Er zijn onderwerpen waarover ze om die reden niet wil schrijven.

Zit het BN’er zijn je schrijverschap niet erg in de weg?

‘Het heeft me ook geholpen. Dat ik ben aangenomen bij NRC had vast ook te maken met mijn bekendheid als acteur, al moest ik wel eerst drie proefcolumns schrijven. Mijn uitgever Joost Nijsen vertelde me bij het eerste gesprek heel trots welke bekende Nederlanders hij nog meer in zijn fonds had. Ik dacht: als je me wilt uitgeven, vertel me dan liever welke schrijvers je nog meer hebt. Nu ben ik heel blij met hem hoor.’

Maar bij het schrijven zelf? Als acteur wil je je privacy beschermen, voor een schrijver is zijn persoonlijke leven zijn belangrijkste bron.

‘Ik denk dat de beperking van het publieke-persoon-zijn voor het schrijven juist wel goed is. Het dwingt me om het absurdisme in te gaan, om rare, surrealistische dingen te doen, waarmee ik tegelijk wél heel open en eerlijk ben. Je wordt er creatiever door.

‘Maar soms zit het me inderdaad in de weg. De deadline van mijn column was eerst op vrijdag, nu op woensdag, terwijl hij pas op zaterdag in de krant staat. Daardoor kan ik nooit meer iets actueels doen. Dus komt het vaak aan op mijn eigen leven – maar ik maak soms helemaal niets mee, ik sta vaak alleen maar op sets en ik probeer dat acteursleven een beetje uit mijn columns te houden. Twee uur voor de deadline zit ik vaak naar een lege pagina te kijken en te denken dat het nooit meer goed komt. Maar altijd volgt dan een adrenalinerush.’

Verbaans verhalen en columns zijn beeldend, absurdistisch, met een hoofdrol voor details. Ze observeert scherp, anderen maar ook zichzelf. ‘In die zin helpt mijn andere beroep me erg. Ik weet hoe dingen overkomen.’ Tevreden is ze zelden: ‘De columns waar ik het meeste plezier aan beleef, zijn de columns die ontstaan uit een niet al te beste gemoedstoestand. Daar probeer ik dan iets mee te doen waardoor ik er zelf plezier aan beleef.’

Acteren is spelen met rook, zei acteur Han Bentz van den Berg eens; hij doelde op de vergankelijkheid van het beroep. Schrijf je om de rook van het spelen tegenwicht te bieden, om iets te maken dat tastbaar is en blijft?

‘Ik heb er nooit zo over nagedacht, maar wat bij mij in elk geval meespeelt,  is het verlangen om zélf iets te maken. Als acteur sta ik altijd in het werk van andere mensen. Je doet het met zijn allen en dat is fijn; maar ik word ook een beetje geleefd, voor het project van iemand anders. Schrijven doe je alleen. Je kunt je eigen universum maken. Het is prettig te verdwijnen in een verhaal. Ik bedenk nooit van tevoren waar het naartoe gaat. Als ik niet zelf kan schrijven, lees ik graag over schrijven, bijvoorbeeld de interviews in The Paris Review. Die zijn leuk, met van die lekker banale vragen als: wanneer begon je te lezen? Hoe schrijf je?’

Georgina Verbaan: ‘School interesseerde me helemaal niets. Ik schreef wel, gedichtjes en dat soort dingen, ik maakte verhaaltjes.’ Beeld Valentina Vos

Wanneer begon je te lezen?

‘Ik denk pas rond mijn 18de, 20ste. En ook toen nog maar heel sporadisch. Ik ben als kind wel voorgelezen, ik lees mijn dochter ook graag voor. Voor mij was lezen een manier om te ontsnappen aan je eigen omgeving. En om mensen te leren kennen die ik in mijn omgeving niet zou leren kennen. In mijn omgeving was er weinig aan culturele input; al die dingen waar ik zo naar verlangde, waren niet voorradig. Dat is niet erg, daardoor word je nieuwsgierig en ga je zoeken.’

Wat stond er vroeger thuis in de kast, aan boeken?

‘Van die zelfhulpboeken, esoterische zweverige dingen: Je kan je leven helen, werk van Rudolf Steiner: boeken die me niet interesseerden.’

Je hebt de mavo gedaan, moest je daar niet lezen?

‘Ik geloof het niet. School en ik, dat ging niet. School interesseerde me helemaal niets. Ik schreef wel, gedichtjes en dat soort dingen, ik maakte verhaaltjes. Ik stond weleens in de schoolkrant. Maar het lezen is later begonnen.’

Wat was het boek dat van jou een lezer maakte?

‘Dat was Choke, van Chuck Palahniuk. Over een man die overal doet alsof hij stikt en dan kijkt wie er als eerste op hem afkomt. Heel bizar en leuk. Het is prettig om andere mensen ook een zieke geest te zien hebben, of te zien klooien. Schrijven hoeft niet altijd iets op te lossen. Murakami vond ik ook meteen geweldig, met die pratende katten. Voor mijn gevoel ben ik al heel vaak in Japan geweest. Dat is ook zo fijn aan lezen: je komt nog eens ergens.’

Wat doe je liever, lezen of naar een film of serie kijken?

‘Ik lees toch wel liever, geloof ik. Ik ben net begonnen in een verhalenbundel van Enrique Vila-Matas en die verhalen zijn echt geweldig, ik heb daar al een aantal keren zó hard om gelachen. Het gaat heel erg over de dood en over het verlangen daarnaar.’

Ja, grappig.

‘Hij schrijft geestig, sierlijk en soms lomp. Ik kijk ook graag naar mooie films maar er wordt zoveel gemaakt; op een gegeven moment zit je alleen nog maar spul van anderen te consumeren. Boeken zijn anders. Daar maak je meer je eigen verhaal van. Ik lees nu drie boeken tegelijk – focussen is een beetje mijn probleem. Ik heb overal boeken, ik word er gek van. Het laatste boek dat ik kocht is The Sheltering Sky van Paul Bowles, naar wie ik nieuwsgierig was omdat ik Two Serious Ladies van zijn vrouw Jane zo geweldig vond. Dat gaat ook over mensen die gevangen zitten in hun leven. Alles verveelt ze, ze vervelen zich echt te pletter. Een van die vrouwen gaat met haar man naar Panama en raakt onder de indruk van een hoer, met wie ze een affaire heeft – het is erg grappig en ook vaak ontroerend. Er spreekt zo’n verlangen uit naar dingen meemaken.’

Een filmscenario heeft Verbaan nog nooit gemaakt. ‘Onlangs is het me wel gevraagd. Maar wat ik fijn vind aan fictie schrijven is dat je zoveel vrijheid hebt. Die heb je bij film niet. Als je een scenario schrijft, sneuvelt meteen bij de eerste productievergadering je plein met duizend mensen. Iedereen gaat zich ermee bemoeien. Het plezierige aan schrijven is nu juist dat je zelf de regie hebt. Je kunt je gedachten ordenen, alles kan een soort van kloppen. Dat is prettig voor iemand die chaotisch is.’

Hoe schrijf je?

‘Op zolder, ik kan het alleen op zolder. De rest van mijn huis is een beetje ingebouwd, daar kan ik niet denken, dan zie ik de buren. En steen, vooral. Op zolder is het open en zie ik duiven en bomen. Hoewel. Mijn wasmachine is daar ook en de tafel waaraan ik schrijf, is een soort wastafel. Ik zit meestal achter een berg was waardoor ik alsnog niet naar buiten kan kijken.’

Georgina Verbaan: ‘ Ik merk ook dat ik het leuk vind onder schrijvers te zijn, misschien liever dan onder acteurs.’ Beeld Valentina Vos

Een van je columns gaat over Facebook en waarom je daarmee bent gestopt. Je zit nog wel op Twitter. Wat vind je leuk aan Twitter?

‘Dat je in contact staat met de hele wereld. Dat je allerlei mensen leert kennen, schrijvers, journalisten; je wereld wordt groter. Voor mij was het bovendien een plek waar ik voor het eerst míjn versie van mezelf kon laten zien. In interviews worden versies van mij gemaakt waarin ik me vrijwel nooit herken. Iemand vraagt: hou je van rood of van groen? Ik antwoord iets van ‘eh… nou, het maakt me niet uit, ik vind het allebei prima – nou ja, doe maar rood’. En dan staat er boven het stuk GEORGINA VERBAAN HAAT GROEN. Het gaat bovendien altijd over mijn imago, nooit over mijn werk.’

In je Twitterbio staat: ‘Moet óók zo nodig schrijven.’ En in een van je columns: ‘Niet dat ik mezelf een schrijver acht.’ Haal je jezelf daarmee niet omlaag?

‘Ik heb er wel een handje van om mezelf al kapot te maken voor iemand anders dat kan doen. Zal ik het weghalen?’

Ja. Als je ooit moet kiezen tussen schrijven of acteren, wat wordt het dan?

‘Ik zou graag meer willen schrijven. Ik ben wel erg geschrokken van vorig jaar, met al die tijd die ik toen had en dat het toch niet lukte, maar ik ga zeker een roman maken. Ik merk ook dat ik het leuk vind onder schrijvers te zijn, misschien liever dan onder acteurs. Acteurs zijn over het algemeen heel sociaal met elkaar, daar ben ik niet zo goed in. Schrijvers zijn ook erg verlegen en een beetje contactgestoord. Dat zijn gelijkgestemden.

‘Wat betreft acteren: ik kom op een leeftijd waarin veel actrices iets aan hun hoofd laten doen, wat ik niet wil. Het verschrikkelijke van acteren is dat het altijd begint voor een spiegel. Om zes uur ’s ochtends word je daar voor gezet en dan begint het grote kijken naar jouw hoofd. Acteren vind ik alleen leuk op het moment dat ik zelf speel, dan vergeet ik alles, dan heb ik geen gêne. Het moment tussen ‘actie!’ en ‘gestopt’. Maar alles eromheen: brr.’

Schrijven en acteren zijn allebei wel intieme bezigheden.

‘Schrijven meer dan acteren, denk ik. Als ik speel, ben ik sowieso niet mezelf. Ik neem mezelf natuurlijk wel mee maar er is een afspraak: jij bent nu die en die, want je hebt die jas aan en die snor op; en binnen die afspraak kun je alles doen. Met schrijven geef je heel veel bloot, in elk geval van je eigen ideeën. Ook al verzin je karakters, iedereen weet dat ze uit jouw hoofd komen.’

In De kat in de koelkast schrijf je: ‘Er stierf niet alleen een dier, er stierf een idee’.

‘Iedereen is een verzameling verhalen, overal vervul je een andere rol. Esther Perel zei dat bij Zomergasten ook: niemand kent iemand helemaal. Producent Han Peekel had onlangs twintig jaar van mijn carrière achter elkaar gezet. Dat was deprimerend. Na afloop riep ik: wie ben ik? Vaak heb ik niet eens een eigen accent – hoe meer afstand ik wil scheppen, hoe geaffecteerder ik ga praten. Ik kijk naar mezelf als naar iemand anders. Ik voel geen herkenning, eerder een enorme afstand. Daar denk ik de laatste tijd veel over na.’

De cover van het boek van Georgina Verbaan: Iets om naar uit te kijken. Beeld RV

Georgina Verbaan: Iets om naar uit te kijken.

Podium, € 17,50

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.