Interview

'Ons huidige succes is geen garantie voor de toekomst'

Interview Melle Daamen, directeur Stadsschouwburg

Hij let op de details, heeft de deuren opengegooid. Directeur Melle Daamen heeft van de Stadsschouwburg weer een podium gemaakt dat ertoe doet. Wat heeft hij nog meer voor ons in petto?

Melle Daamen. Foto Daniel Cohen

Melle Daamen (56) staat op, het interview is afgelopen. Hij moet namelijk gaan schouwen. Dat is een maandelijkse tour door de schouwburg om te kijken of alles nog in orde is. Is de muur onbevlekt? Ligt er geen poep op de stoep? Is het tapijt schoon? Hangen de schilderijen recht? Dat doet hij met een paar mensen van zijn staf.

De directeur van de Stadsschouwburg Amsterdam is een man van de details. En van de vergezichten en visioenen. Sinds 2001 is hij de baas van 's lands belangrijkste toneelhuis, want zo mogen we het theater aan het Leidseplein onderhand wel noemen. Langzaamaan heeft hij van de Stadsschouwburg weer een podium gemaakt dat ertoe doet, een huis voor kunst & cultuur. Met dank uiteraard aan huisgezelschap Toneelgroep Amsterdam, maar ook dankzij een verrassende programmering - van belangwekkende internationale producties tot aan kleine regionale gezelschappen. Van het Sinterklaasgala voor volwassenen tot De grote kunstshow, een vrolijk educatieve avond over beeldende kunst.

Deze week staat in de ene zaal De stille kracht van Toneelgroep Amsterdam, in de andere producties van het Zeeland Nazomerfestival. Geregeld geeft Daamen de sleutel van zijn gebouw aan groepen die daar een week of weekend mogen doen wat ze willen - als het maar kwaliteit heeft.

Waarom? Hoe denkt hij over de ontwikkelingen in steden als Den Haag en Rotterdam, waar de schouwburgen en de theatergroepen nauwer gaan samenwerken of zelfs fuseren? En wat gaat hij eigenlijk zelf doen, nu hij hier veertien jaar zit en de boel op orde heeft? Tijd voor een gesprek.

Eerst over dat schouwen. Gaat u ook langs uw theatercafé Stanislavski? Daar is nog wel wat te verbeteren, schijnt.

'Ach ja, iedereen vindt daar altijd wat van. Laatst weer die negatieve recensie in Het Parool. Maar Stanislavski is een stadscafé, een ontmoetingsplek om vooraf koffie te drinken en na afloop nog over de voorstelling na te praten. Het is geen exclusief restaurant. De kwaliteit heeft zeker onze zorg. Het kan beter en daaraan wordt gewerkt.'

Het is de mondaine poort tot uw toneelhuis, toch?

'Zeker. Daar zijn wij blij mee en trots op. Vroeger kon je pas 's avonds om half acht hier terecht en stond je na afloop meteen buiten. Nu is de schouwburg de hele dag open en dat werkt.'

Foto Daniel Cohen

Dan de programmering: er staan producties uit Zeeland en Wunderbaum is gastgezelschap. Nieuw beleid?

'Wunderbaum vinden wij al langer een interessante groep met actuele voorstellingen. Ze werken vanuit Rotterdam, maar wij vinden dat ze ook hier te zien moeten zijn. Dat wij nu voor het eerst samen met Theater Bellevue producties uit Zeeland brengen, komtdoordat in het Nazomerfestival kwalitattief hoogstaande producties worden gemaakt. Dat is de reden om het te doen, niet vanuit een of andere spreidingsgedachte of zo.'

Het maakt de programmering heel divers.

'Wij hebben nu een stevig artistiek profiel, met een onderscheidende programmering. In de publieke beleving is het Stedelijk Museum hét huis voor de actuele kunst, het Rijksmuseum voor de oude kunst, het Concertgebouw voor de klassieke muziek en de Stadsschouwburg Amsterdam is hét huis voor het theater. Door veel sterker te kiezen, hebben we het programmeren tot een vak gemaakt. Daar ligt de ziel van ons werk. Toen ik hier kwam, was er van alles wat: ook vrije producties, commercieel theater - een sandwichformule. Wij hebben gekozen voor het artistieke, zwaardere, gesubsidieerde en kwalitatieve aanbod voor theater en dans. In een stad als Amsterdam werkt dat: het publiek is aanmerkelijk verjongd en we zijn van 110 duizend bezoeker in 2001 naar 195 duizend bezoekers nu gegaan. We horen er weer bij, wij staan in het midden van het Nederlandse, nou ja, in elk geval toch van het Amsterdamse kunstleven.'

Toen Melle Daamen in 2001 aantrad, ging het inderdaad niet al te best met de Stadsschouwburg Amsterdam. Het was een in zichzelf gekeerd instituut, met een rijke historie, maar nauwelijks van betekenis. Het publiek liep sterk terug, er waren altijd fricties met Toneelgroep Amsterdam (dat toen onder leiding van Gerardjan Rijnders stond), het artistieke profiel was onduidelijk.

Met de komst van Ivo van Hove naar TGA ging het langzaamaan beter, hoewel die eerste jaren nogal conflictueus waren en lang niet alle voorstellingen een succes. Daamen en Van Hove gingen ieder op hun eigen manier aan het werk, maar spraken af conflicten te vermijden. De Stadsschouwburg Amsterdam (SSBA) kreeg een tweede zaal, een nieuwe entree, een stadscafé en een succesvolle internationale programmering.

Zeeland in Amsterdam

Samen met Theater Bellevue presenteert de Stadsschouwburg Amsterdam (SSBA) van 1 t/m 4/10 een aantal Zeeuwse producties. In Bellevue staan onder meer Soeur Sourire, De rietdekker en Een zomerdag. In de Stadsschouwburg zelf de muziektheaterproductie De zwarte van Walcheren en een eenmalige herneming van Mathilde (over Mathilde Willink). Ook treden er Zeeuwse dichters en Zeeuwse dj's op. Het Rotterdamse Wunderbaum speelt deze week op locatie de voorstelling Helpdesk.

Straalt het succes van TGA en Van Hove op uw theater af?

'Natuurlijk, TGA is ons huisgezelschap waar we trots op zijn. Zij spelen hier lange series van hun voorstellingen voor een breed publiek. Maar dan heb je het over eenderde van ons totale aanbod. De andere tweederde programmeren we zelf.'

De schouwburg profileert zich door internationaal aanbod.

'Bij mijn aantreden heb ik vrij snel een brief aan alle gezelschappen gestuurd: als jullie iets bijzonders bedenken, krijg je van mij de sleutel. Johan Simons, toen de artistiek leider van ZT Hollandia, reageerde en daaruit is de eerste Brandhaarden ontstaan, met allerlei voorstellingen en debatten. Dat is de laatste jaren internationaal uitgebouwd. Daarnaast brengen we het hele jaar door internationale producties. Die Franse Elementaire deeltjes vorige week zat drie avonden goed vol. Juliette Binoche als Antigone: niet aan te slepen. Maar dat was in het begin niet zo, wij begonnen met een Duitse Hamlet en die was zeker niet uitverkocht.'

De Nederlandse theaterwereld werd het afgelopen seizoen geconfronteerd met een interessante ontwikkeling: de Rotterdamse Schouwburg en Ro Theater trekken voortaan samen op onder intendant Johan Simons. In Den Haag gaan de Koninklijke Schouwburg en Nationale Toneel zelfs fuseren. Is zoiets in Amsterdam denkbaar? Een tijd geleden zinspeelde Ivo van Hove op iets dergelijks in zijn toespraak 'De staat van het theater'. Gebouw en groep zouden één moeten worden - dat was in zijn optiek het ideale model. Sinds die tijd gonzen af en toe geruchten dat Van Hove het liefst de Amsterdamse intendant zou zijn, de baas dus over groep en gebouw.

Daamen: 'Ivo had me van tevoren ingelicht dat hij dat zou gaan zeggen. Onderwijl zijn wij ervan overtuigd dat het Amsterdamse model goed functioneert. Ivo doet de toneelgroep en ik de schouwburg. Dat is een succes , dus is er weinig reden om daar vanaf te stappen. Dat neemt niet weg dat we altijd bezig zijn onszelf te verbeteren en onze toekomstbestendigheid te toetsen. Ik heb geen zin me af te zetten tegen Rotterdam of Den Haag. Zij moeten vooral doen wat ze denken dat in hun stad belangrijk is.'

Hoe is uw relatie met Van Hove?

'Wij kunnen goed met elkaar overweg. Hij is straight, slim en rete-goed en weet het zakelijke en artistieke uitstekend te combineren. We komen niet op elkaars verjaardag, maar we bewonderen en respecteren elkaar.'

Wat vindt u van zijn internationale expansie?

'Het is veel, hij is gretig, maar TGA doet het goed. Ik denk dat Ivo alles prima heeft geregeld. Het resultaat telt. En vergeet niet: die man werkt altijd. Ook als hij in het buitenland is, blijft hij via Skype voortdurend in contact met zijn gezelschap.'

Is het niet tijd voor een nieuwe uitdaging, zo onderhand?

'Ik heb het daar wel eens met mijn Raad van Toezicht over gehad. Zo van: moet ik onderhand niet eens wegwezen? Er hebben zich in dat verband ook wel mogelijkheden voorgedaan, maar...'

Zoals directeur van het Stedelijk Museum?

'Ehm... maar mijn hart en ziel liggen hier, en het werk is nog niet gedaan. Ook in het theater komen er grote veranderingen aan. Globalisering, commercialisering, digitalisering. Alles verandert, kijk naar het succes van festivals als Oerol en De Parade, dat kun je niet negeren. Ons huidige succes is geen garantie voor de toekomst. Vanuit ons huis moeten we in die discussie voorop lopen.'

Gaat u weer omstreden opiniestukken schrijven?

'Ik hou van schrijven en ik hou van opinies. Mijn artikel over de modieuze technocratische aandacht voor cultureel ondernemerschap werd alom gewaardeerd. Toen ik in het tweede stuk de cultuursector zelf aanviel en de vraag stelde of we met z'n allen niet te veel aanbod voor te weinig vraag maakten, kreeg ik van alle kanten verwijten. Het was bedoeld als oproep tot zelfreflectie, maar ik werd vergeleken met Halbe Zijlstra en in de PVV-hoek gedrukt. Soms door collega's die ik heel goed ken. Dat heeft me geraakt, maar ik heb het idee dat het wel effect heeft gehad. Ik wil nog steeds de discussie aangaan hoe te reageren op de ontwikkeling dat de podiumkunsten de komende tien, twintig jaar steeds internationaler en commerciëler zullen worden.

'Er is geen reden te veronderstellen dat wat in dat opzicht in entertainment, popmuziek en media is gebeurd, aan de 'hoge' kunsten zal voorbijgaan. We moeten niet gek staan te kijken als het Concertgebouworkest over twintig jaar met Chinees geld wordt gefinancierd, of andersom. Als we niet anticiperen op wat er verandert, lopen we het risico te marginaliseren. Dat voorkomen, daar wil ik nog wel een paar jaar mijn schouders onder zetten.'

Het schouwen leverde het volgende op: drie gedeukte prullenbakken, een tafel die uit de ontvangsthal werd verwijderd omdat die daar niet hoorde en veel losstaand meubilair. En zo nog het een en ander.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.