'Na één keer aanroepen werd met scherp geschoten' Duitse draden-des-doods werden menig smokkelaar fataal

Het Duitse leger sloot in de Eerste Wereldoorlog de grens tussen België en Nederland met een netwerk van stroomdraden. De 'electrische muur' leeft voort in de herinnering van grensbewoners, maar niet in de geschiedenisboeken....

Van onze correspondent

Peter de Graaf

BRUSSEL

'Bij nacht zag men een blauwe flikkering en daarmee was weer een mensenleven heengegaan', schrijft douanier Anton Mulder uit Sint-Jansteen in zijn nimmer gepubliceerde memoires. Hoofdkommies Mulder hield tijdens de Eerste Wereldoorlog de grens met Zeeuws-Vlaanderen in de gaten. België was bezet, Nederland neutraal. De Duitsers hadden de grens gemarkeerd met een 'elektrische draad' die menige smokkelaar, vluchteling en deserteur noodlottig werd.

Het hekwerk met stroomdraad (tweeduizend volt) stond over een lengte van 180 kilometer opgesteld van Vaals tot Cadzand en liep bij Mulder praktisch door de achtertuin. De hoofdkommies zag vier smokkelaars sterven 'aan de electrische draad'.

Twee van hen liepen in de zomer van 1918 pardoes tegen de dodelijke draad aan. Zij waren betrokken geraakt in een vuurgevecht met de Nederlandse douaniers en dachten zich al in veiligheid te hebben gebracht, maar ze gingen er ten onrechte van uit dat de Duitsers, voor wie de smokkelwaar was bestemd, de stroom wel hadden uitgeschakeld.

Voor de familie van de overleden Anton Mulder is het bestaan van de Duitse 'elektrische muur' tussen België en Nederland geen nieuws. Veel mensen in Zeeuws-Vlaanderen en elders aan de grens fronsten hun wenkbrauwen bij de onthulling door Belgische en Duitse wetenschappers van dit 'onbekende, bizarre hoofdstuk' uit de Eerste Wereldoorlog.

'Ik ben ermee opgevoed. Mijn vader vertelde al dat er hoogspanningsdraden door de tuin van zijn ouderlijk huis liepen', zegt Reinjan Mulder, kleinzoon van de hoofdkommies.

Maar in de geschiedenisboeken is er nauwelijks iets van terug te vinden. Volgens de Antwerpse hoogleraar Alex Vanneste wordt in de officiële geschiedschrijving hoogstens gesproken van 'een versperring tussen Nederland en België'. Aan de aard van de versperring en het leed dat deze heeft aangericht, is nauwelijks aandacht besteed.

In België was de geschiedschrijving over de Eerste Wereldoorlog vooral gericht op de drama's aan het IJzerfront. Daarna kwam de Tweede Wereldoorlog, die in veel opzichten nog gruwelijker was. Bovendien hadden historici meer belangstelling voor de militaire dan de sociale aspecten van de oorlog. Volgens Vanneste werd het macabere bouwwerk uit de Eerste Wereldoorlog min of meer over het hoofd gezien.

Bijna zeven jaar lang heeft Vanneste onderzoek gedaan naar dit stukje vergeten historie. Hij werd geïnspireerd door de verhalen van de grootvader van zijn vrouw, die destijds als smokkelaar én spion regelmatig te maken had met 'de draad'. Eind dit jaar hoopt hij zijn onderzoek in boekvorm te publiceren.

'Die draad speelde een centrale rol in het leven van de mensen. Ze waren gekooid, maar probeerden met allerlei trucs door de versperring heen te breken', aldus Vanneste. De Belg schat dat tussen de lente van 1915 en het najaar van 1918 25 à 30 duizend mensen met succes de stroombarrière hebben genomen. Zo'n vijfhonderd mensen vonden de dood, hoofdzakelijk Belgen. Ook Nederlandse smokkelaars en soldaten werden geëlektrocuteerd. Vanneste noemt het cijfer van drieduizend slachtoffers, dat in het Duitse weekblad Die Zeit wordt vermeld, uit de lucht gegrepen.

Veel smokkelaars pendelden over de grens heen en weer, elektrische draad of niet. Niet alleen de Belgen leden honger, ook de Duitse bezetters hadden het niet breed. Zij boden veel geld voor voedsel. De smokkelaars sleepten soms hele koeien, kalveren en varkens mee.

Maar ook Belgische vluchtelingen en Duitse deserteurs braken door de stroomversperring heen, een hek bestaande uit vijf à zeven draden gespannen op houten palen die steeds dertig centimeter uit elkaar stonden. Voor Belgische oorlogsvrijwilligers was dat de vluchtroute om zich via Vlissingen en Folkestone naar de Franse kust te begeven.

De elektrische draden werden met wollen dekens omwikkeld. Ook een houten ton zonder onderkant en deksel was een beproefd vluchtmiddel. Een soortgelijke truc werd uitgehaald met een 'raampje' dat tussen de dodelijke draden werd opengeplooid. De versperring werd ook met polsstokken genomen. Aan het eind van de oorlog leverde de Britse veiligheidsdienst zelfs grote tangen af, waarmee de bedrading werd doorgeknipt.

Volgens Vanneste liep de stroomdraad op sommige plaatsen dwars door gehuchten, tuinen en landerijen heen, op een plaats zelfs door een klooster. Huizen die in de weg stonden, werden zonder pardon gesloopt.

De grens werd zowel aan Belgische als aan Nederlandse kant streng bewaakt. 'Na één keer aanroepen werd met scherp geschoten', aldus Vanneste. De soldaten kregen echter de uitdrukkelijke opdracht om nooit in de richting van de grens te schieten. Want de neutraliteit van Nederland werd door beide partijen geëerbiedigd.

Toch lukte dat lang niet altijd, zo ontdekte streekhistoricus George van Vooren uit Sluis-Aardenburg. Duitse kogels en granaatscherven vlogen herhaaldelijk de grens over. Van Vooren, in 1996 overleden, wijdde vijf jaar geleden een artikel aan het 'Leven met de elektrische draad' naar aanleiding van een tentoonstelling over de oorlog in het Gemeentelijk Archeologisch Museum-Aardenburg. Hij is één van de bronnen van de Belg Vanneste.

Van Vooren gaf enkele gedetailleerde voorbeelden van zowel slachtoffers als overwinnaars van 'de draad', zoals de versperring in de volksmond werd genoemd. Over een van de ongelukkigen: 'Op woensdag 6 oktober 1915 werd een Duitse grenswacht tussen Sas en Assenede door de elektrische draad getroffen. Hoewel niet gedood, werd hij in zeer bedenkelijke toestand weggedragen. De man had juist van de veldpost een brief ontvangen met een portret van zijn vrouw en kinderen en brieven van zijn twee broers aan het front in Rusland. In zijn blijdschap wilde hij het portret aan de Nederlandse grenswacht laten zien en stak hij de enveloppe op de punt van zijn bajonet. Ongelukkigerwijze kwam de bajonet met de draad in aanraking en de man stortte tegen de grond.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.