'Italianen horen zichzelf graag praten'

Wunderbaum-actrice ging op zoek naar ware aard van Milanees

Wunderbaum-actrice Marleen Scholten woont sinds kort met haar (Italiaanse) man en dochter in Milaan. Daar ging ze op zoek naar de ware aard van haar nieuwe buren, en maakte er een prachtige voorstelling over.

Actrice Marleen Scholten in de theatervoorstelling Wie is de echte Italiaan?. Negen amateurs uit de Milanese wijk San Siro spelen de rollen van diverse buren. Foto Luca Chiaudano

'Een tijdje geleden was ik in Como en daar belandde ik midden tussen de asielzoekers die daar bivakkeerden op het station, in tentenkampen en op straat. Ze konden geen kant op, want de grens was gesloten. Even verderop lag het chique centrum. Een paar weken daarna was ik er weer en ze waren allemaal weg, de asielzoekers. Foetsie. Verdwenen. Ik vroeg ernaar en men zei: welkom in Italië! Zo gaat dat hier. Ze zijn ergens, maar niemand weet waar. We sturen ze niet weg, maar we lossen het ook niet op.'

Het is die tegenstelling, die dubbelheid die actrice Marleen Scholten (38) mateloos interesseert. Het lid van de Rotterdamse theatergroep Wunderbaum is in september met haar (Italiaanse) man en dochter vanuit Amsterdam naar Milaan verhuisd. Daar heeft ze nu net haar eerste voorstelling gemaakt: Chi è il vero italiano? Oftewel: Wie is de echte Italiaan? Oftewel: Marleen Scholten is op zoek gegaan naar de kern van de Italiaanse ziel.

Wie is de echte Italiaan? is een coproductie van Wunderbaum met Mare Culturale Urbano in Milaan, een cultuurcentrum waarvan Scholtens man Paolo Aniello artistiek leider is. De voorstelling ging twee weken geleden in première en is deze week in Rotterdam te zien. De Nederlandse actrice en de Italiaanse theatermaker leerden elkaar tien jaar geleden kennen toen hij haar zag spelen in een voorstelling van Wunderbaum. Al die tijd woonden ze samen in Nederland, maar nu woont het gezin dus in Milaan. En omdat Wunderbaum altijd op zoek is naar buitenlandse partners en coproducenten slaan ze in dit geval twee vliegen in één klap.

Toen Scholten haar intrek nam in haar Milanese appartement en wilde weten hoe je zo snel mogelijk kunt inburgeren, zei haar buurman: 'Als je Italië wilt leren kennen, moet je naar de vergadering van de vereniging van huiseigenaren komen. Daar zie je het echte Italië.' Dat voorstel werd het uitgangspunt van haar voorstelling, waarin ze zelf gastvrouw is en de hoofdrol speelt, met naast haar een groep van negen amateurs uit de wijk die de rollen van diverse buren spelen. Scholten heeft de groep zelf bij elkaar gesprokkeld door in de buurt flyers op te hangen en te scouten bij zangkoren en in buurthuizen.

Ver buiten het modieuze centrum van Milaan, midden in de wijk San Siro, bevindt zich Mare Culturale Urbano. In de buurt van het beroemde stadion, maar ook te midden van vervallen flats, een busremise, verlaten stadsparken, de vuilnisdienst en duistere straten met drugsdealers. In een oude, 17de-eeuwse stadsboerderij , waar tot in de jaren zeventig van de vorige eeuw rijst werd verbouwd, worden nu openluchtconcerten op de binnenplaats gegeven, naast danslessen, jamsessies en theatervoorstellingen. Mare Culturale Urbano is een artistieke vrijplaats in een wijk in verval en wederopbouw.

Internationale producties

Producties waarmee Wunderbaum tot nu toe veel internationale aandacht trok zijn onder meer Privacy, die werd gemaakt in Berlijn, en The Future of Sex, in samenwerking met Arnon Grunberg. Unser Dorf soll schöner werden uit 2015 is een coproductie met Münchner Kammerspiele in regie van Johan Simons. De eerstvolgende internationale Wunderbaumvoorstelling wordt Superleuk, maar voortaan zonder mij, een coproductie met Theater der Welt in Hamburg (première begin juni).

Reallifesoap

In het theaterzaaltje van Mare staat een lange rij tafels waarachter de 'buren' van Marleen Scholten een voor een plaatsnemen. Scholten stelt ze in vloeiend Italiaans voor: Angelo, de enige echte Milanees in de vergadering; Luciana, die de bloemen op de binnenplaats verzorgt; dj Walter, half Italiaans, half Spanjaard; Naby, geboren in West-Afrika, muzikant, bespeler van de balafon; Michele, die kapper van het jaar was en evenveel van praten houdt als van haren knippen en Paolo, de voorzitter van de vve, hij was journalist en spoorwegbeambte maar nu is volksdansen zijn passie. Aan de zijkant zitten twee Nederlandse muzikanten: Remco de Jong en Florentijn Boddendijk, die al vaker met Wunderbaum samenwerkten en nu italodisco spelen.

In een mix van tekst, muziek, rare dansjes, rap en samen liedjes zingen ontrolt zich met dit bonte gezelschap een verrukkelijke voorstelling, iets tussen een reallifesoap en community art in. Hoewel ze zich voorstelt als nuchtere Groningse is Marleen Scholten in haar korte rok en op sexy laarzen de gepassioneerde motor van dit Italiaanse gekkenhuis. In vogelvlucht passeren de alledaagse sores van gewone mensen de revue: het vuil dat vanaf de balkons wordt gegooid (uienschillen, kippenkoppen), de ergernis over geluidsoverlast, het verlangen naar een schoner trappenhuis.

Af en toe wordt de voorstelling poetisch, bijvoorbeeld in de litanie Wat is een goede buur?

Is een goede buur iemand die goedemorgen zegt?

Is een goede buur iemand die je nauwelijks ziet?

Is een goede buur iemand zonder huisdieren?

Is een goede buur een Facebookvriend?

Is een goede buur beter dan een verre vriend?

Is een goede buur iemand uit een buurland?

Is een goede buur iemand die op zijn auto een sticker heeft met 'we sluiten de grenzen'?

Improvisatie

Soms stappen de acteurs uit hun rol en wordt erop los geïmproviseerd. Halverwege loopt het gezelschap weg, want dan moet er uitgebreid koffie worden gedronken. Er is een gevecht met een waterfles en een schitterende, samen gezongen versie van Felicità, de beroemde jarentachtighit van Al Bano en Romina Power. Het publiek leeft mee, ligt soms massaal in een deuk, maar is ook muisstil als de West-Afrikaanse Naby zijn verhaal vertelt. Scholten zelf zingt tegen het eind een intieme versie van de klassieker Vedrai, vedrai ('Je zult zien, je zult zien').

Na afloop van de voorstelling lopen de twee muzikanten met blokjes Goudse kaas en mosterd door de foyer. De Italianen eten ervan maar je ziet het aan hun gezicht: grappig dat die Hollanders dit kaas noemen.

'Van alle clichés die er over de Italianen zijn, is dit zeker waar: ze willen heel graag en heel lang discussiëren. Ze horen zichzelf graag praten. Toen ik de acteurs vroeg zichzelf voor te stellen, kwamen hun hele levens voorbij. Een Nederlander volstaat dan vaak met: 'Ik ben Jaap, ik ben 48 jaar en werk bij de gemeente.' Zo'n vergadering van huiseigenaren hier is een kakofonie van meningen, verhalen en gedoe. Alles ligt onmiddellijk overhoop, en daar komt dan ook nog dat gevoel voor theatraliteit bij. Met als resultaat dat er nooit een concrete beslissing wordt genomen.'

Aldus Marleen Scholten, die intussen ook door de Rai werd geïnterviewd over haar voorstelling. De journalist wilde weten of ze zoiets ook in Nederland zou kunnen maken. Nee, zei ze, in Nederland gaat men uit van vertrouwen - moet dat trappenhuis worden geschilderd, dan wordt het geschilderd. In Italië overheerst wantrouwen; wantrouwen tegen de politiek, tegen de gemeente, tegen de belastingen, tegen het onderwijs, eigenlijk tegen alles.

Hoe het er in haar eigen Milanese vve aan toegaat wil Scholten niet verklappen. De kern daarvan zit in haar voorstelling, waarin niet-echte acteurs toch zeer geloofwaardige personages spelen. Acteursgroep Wunderbaum is gespecialiseerd in deze vorm van theater: op de grens van fictie en werkelijkheid. Tijdens het maken van Wie is de echte Italiaan? zijn de andere Wunderbaum-leden regelmatig langsgekomen om mee te werken en advies te geven. Zo werken ze al vijftien jaar samen; naast Scholten ook Walter Bart, Maartje Remmers en Matijs Jansen.

Corruptie

Scholten: 'Een samenwerking zoals deze past in goed in de internationale weg die we al langer zijn ingeslagen. We hebben veel in het buitenland gespeeld, onlangs nog in Rio de Janeiro met de voorstelling We doen het wel zelf. Samen met Braziliaanse acteurs, inwoners van Rio en een waanzinnige Braziliaanse band transformeerden we de voorstelling in vijf dagen tot een humorvol statement tegen de Braziliaanse corrupte politiek. Looking for Paul, over de commotie rond onze Rotterdamse kabouter Buttplug (een groot standbeeld van de Amerikaanse kunstenaar Paul McCarthy, red.) maakten we in Los Angeles en hebben we daarna gespeeld in Austin, Toronto, New York, Rio de Janeiro en op het Fringefestival in Edinburgh. Veel mensen zien dat beeld als verspilling van belastinggeld, en die discussie speelt in heel veel landen.'

Wie is de echte Italiaan? wordt binnenkort opnieuw gespeeld in Milaan en is uitgenodigd op meerdere Italiaanse festivals. Na Rotterdam volgen hopelijk meer voorstellingen in Nederland. In de zomer speelt Wunderbaum We doen het wel zelf in Mare Culturale Urbano en ook komt de Nederlandse muziektheatergroep Project Wildeman naar Milaan. Een nieuwe coproductie van Wunderbaum en Mare staat intussen op stapel.

Scholten: 'Wij maakten ooit de voorstelling Everybody for Berlusconi en in die zin is Italië een goede inspiratiebron. Neem een onderwerp als corruptie. Laatst zijn in Rome een aantal inzamelingscontainers voor kleding weggehaald omdat gemeenteraadsleden daar 's nachts kleding uit haalden en doorverkochten aan tweedehandswinkels. Kijk, dat zou zomaar een onderwerp kunnen zijn.'

Wie is de echte Italiaan? door Wunderbaum en Mare Culturale Urbano is op 2, 3 en 4/2 te zien in Zaal Ro Theater in Rotterdam. Later volgt een tournee.

Mare culturale urbano breidt uit

Op braakliggend terrein in Milaan verrijst binnenkort een groot nieuw cultuurcentrum.

Onder leiding van Paolo Aniello gaat dit voorjaar de bouw van een geheel nieuw theater in de wijk San Siro in Milaan van start. Behalve de gerenoveerde stadsboerderij die sinds mei 2016 in gebruik is, wordt op een braakliggend terrein van 3.000 vierkante meter een cultuurcentrum gerealiseerd met twee theaterzalen, opnamestudio's, repetitieruimten en een dakterras.

Aniello: 'In Milaan en eigenlijk in heel Italië is behoefte aan een ander soort theater. Als publiek zit je hier in het donker en staan de acteurs in het licht. Na afloop gaan de gordijnen dicht en spoedt het publiek zich naar huis of naar de restaurants. Wij willen meer interactie tussen kunstenaar en publiek en daarom willen we theater maken over de maatschappelijke realiteit. Alles om ons heen is zo aan het veranderen, alles wordt zo divers - daar moeten we wat mee doen. Daarom is het juist goed dat dit theater in een buitenwijk komt. Wij hopen de mensen uit de buurt te bereiken maar ook de chique Milanezen uit het centrum. Onze programmering wordt een mix van eigen producties en voorstellingen van groepen en artiesten in residence. En jazeker, er komt ook een goed restaurant in het theater, dat hoort bij Italianen.'