column tv-recensie

‘In de tijd die ik sinds 2007 heb doorgebracht met het TLC-programma Say Yes to the Dress had ik Mandarijn kunnen leren’

Het sprookje van Say Yes to the Dress, de jurkenzoektocht die aan zijn zestiende seizoen toe is, verliest langzaamaan zijn glans.

In de tijd die ik sinds 2007 heb doorgebracht met het TLC-programma Say Yes to the Dress had ik Mandarijn kunnen leren. Of heel goed leren drummen. Ik had kunnen trouwen en ook weer scheiden. Dat deed ik allemaal niet, want ik was domweg tevreden met SYTTD: het was lange tijd mijn toevluchtsoord als bij DWDD weer eens iemand over Bob Dylan mocht uitweiden. Een heerlijke achtergrond om mijn Instagramfeed bij te verversen of teennagels bij te knippen.

Het plot is namelijk altijd hetzelfde, ook in het zestiende seizoen dat gisteravond van start ging op TLC. We hebben een bruid, Sydel heet ze dit keer, en ze zoekt een jurk. Nou ja, Sydel hééft al een jurk gevonden waar ze obsessed door is, maar ja: daar had moeder Sonya geen gelukstraan om gelaten. Dit is het centrale sprookje van SYTTD: op een mystieke manier weet je het, als je die ene hebt gevonden – net als bij je aanstaande, natuurlijk. Die waarheid wordt namelijk door het heelal doorgegeven aan je moeder, die de jurk dan goedkeurt met een traan, als een wenende Maria. Op grond van welk criterium moet een mens anders een jurk kiezen, dan van moederstranen? Je eigen smaak? De prijs?

Goed, die jurk dus. Elke bruid in Say Yes zegt dat ze een jurk wil die supersexy is én stijlvol. En elke keer weer halen de bridal consultants een jurk van Pnina Tornai uit het magazijn – nog zo’n pijler van de show. De ontwerpen van deze Israëlische designer zien eruit als een gezamenlijke inspanning van de goede petemoei uit Assepoester en Christine le Duc. ‘Je vader zal dat doorzichtige niet leuk vinden’, zegt moeder Sonya tegen bruid Sydel. En dat is pijler drie, de verplichte frictie over de zedigheid.

Ma of pa vindt de eerste jurk meestal, nou ja, hoerig, en raadt dan aan om voor een langgemouwd gevaarte met een rok ter grootte van een terrasparasol te gaan. Dit madonna-hoer-complex moet hoofdconsultant en presentator Randy Fenoli op diplomatieke wijze oplossen. En dat kan Randy goed: hij grijpt de juiste jurk, zet een sluier op de bride-to-be en jawel, daar gaat moeder; ‘I’m actually, like, crying.’

Randy wordt dankzij tig spin-offs van de show inmiddels zélf aanbeden als een ster – waaraan de deelnemers voortdurend refereren: ‘O my god, it’s Randy!’. En deelname aan Say Yes to the Dress is intussen, zoals het over-the-tophuwelijk, zélf deel van de American Dream geworden, wat het programma zelfgenoegzaam omarmt. Met de seizoenen zijn er steeds meer min-of-meer bekendheden in de serie geslopen. Ook Sydel is een beroemdheid, by proxy dan, als zus van een basketballer. Kristin Chenoweth, Betty Cantrell, Cami Li, wie kent ze niet? Daarmee is de TLC-klassieker jammer genoeg van zijn eigen sprookje afgedwaald: dat elke vrouw, mits in de juiste jurk gehesen, voor een dag een prinses kan zijn.

Als Randy de eigen bruidscollectie die hij net lanceerde uitgebreid presenteert, helemaal zonder verwachtingsvolle bruiden en familie eromheen, zie ik het ineens heel helder: het zijn eigenlijk maar gewoon witte jurken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.