'In de sport draaien we oorzaak en gevolg om'

Interview Ger post

Winnaars in de sport zijn superhelden met een ijzeren wil. Twijfel staat niet in hun woordenboek. Onzin, volgens docent cognitieve neurowetenschappen Ger Post. Hij legt uit wat we kunnen leren van verliezers.

Docent cognitieve neurowetenschappen Ger Post ontkracht in Stalen zenuwen sportmythes over winnen. Foto Valentina Vos

Het EK voetbal is in volle gang. De Olympische Spelen in Rio staan voor de deur, net als de Tour de France. We zitten massaal voor de buis om te zien hoe topsporters onder immense druk presteren. Kunnen we van olympische helden leren stalen zenuwen te kweken en op het juiste moment boven onszelf uit te stijgen? Ger Post, docent cognitieve neurowetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam, schreef er een boek over: Stalen zenuwen. Wat blijkt? Stalen zenuwen bestaan niet. Intussen ontkracht Post andere sportmythen, zoals het belang van 'flow' en de 'winnaarsmentaliteit'.

Zonder absoluut geloof in de overwinning - de 'winnaars-mentaliteit' - kun je toch niet winnen?

'Dat denken de meeste topsporters. Ze dwingen zichzelf alleen aan winst te denken, anders zou je niet kunnen winnen. Langeafstandszwemmer Maarten van der Weijden bewees tijdens de Olympische Spelen in Peking het tegenovergestelde. Hij schatte zijn kans op goud niet gek groot, maar ook niet uitgesloten. Hij was heel realistisch. En haalde toch goud.'

Waar komt die gedachte dan vandaan?

'Iemand die veel wint, denkt veel aan winnen. De winnaarsmentaliteit is het gevolg van de overwinning, niet de oorzaak ervan. Iets dergelijks zie je met zelfvertrouwen. Zelfvertrouwen leidt niet tot een overwinning. Een overwinning sterkt je zelfvertrouwen. Hetzelfde geldt voor 'flow': het gevoel dat alles automatisch gaat. Die sensatie krijg je omdát alles op rolletjes loopt en je aan de winnende hand bent. We draaien oorzaak en gevolg om.'

Een doetje in een bobslee

Als er één sporter is die werd afgerekend op zijn karakter is het bobsleestuurman Edwin van Calker, die tijdens de Olympische Spelen in Vancouver 2010 niet van de baan af durfde en daarom een doetje werd gevonden. Collega Arend Glas zei op tv dat hij een 'trap onder zijn ballen' verdiende. Ger Post: 'Hij kreeg geen controle over de viermansbobslee. Het voelde alsof hij in een auto over een ijsplaat scheurde met 160 kilometer per uur. Misschien was het juist dapper om de druk te trotseren en niet zijn leven en dat van zijn drie vrienden achterin te wagen.'

Waarom hecht de sportwereld dan zo aan die winnaarsmentaliteit?

'We willen graag geloven dat iemand het helemaal zelf heeft gedaan. Dat pech een rol kan spelen, of geluk, of dat de omstandigheden ertoe doen, drukken we liefst zo ver mogelijk weg. We geloven graag in de maakbaarheid van het succes. Als je je maar volledig op goud richt, dan haal je ook goud. Dat is een mythe.'

Het is toch de winnaarsmentaliteit die sporters in staat stelt op het beslissende moment iets extra's te doen?

'Dat wordt maar aangenomen. Wielrenner Dumoulin zou er in mei de openingstijdrit van de Giro d'Italia mee hebben gewonnen. Hij won die proloog met 22 duizendsten van een seconde verschil. In de sportwereld kun je met zo'n verklaring wegkomen, maar als buitenstaander denk je toch: hè? Zou het echt? En scheelt een winnaarsmentaliteit dan slechts een fractie van een seconde? En wat als Dumoulin een steentje onder zijn band had gekregen? Dan beschikte hij blijkbaar toch niet over de juiste winnaarsmentaliteit.'

Maar wacht even: sommige mensen gaan toch beter presteren onder druk?

'Dat is een fabeltje. Elke psycholoog weet: als je angstig wordt, denk je minder logisch en gaat je waarnemingsvermogen achteruit. Dat weten we bijvoorbeeld uit reconstructies van rampen, zoals het ongeluk met de veerboot Estonia in 1994. 90 procent van de opvarenden deed niets zinnigs om zijn overlevingskansen te vergroten. Veel mensen renden doelloos heen en weer, ze pikten geen informatie meer op of zaten stokstijf in een hoekje. Psychologen zoeken graag naar karaktertrekken en persoonlijkheidskenmerken van mensen die onder de stress bezwijken of juist niet. Maar ze vinden ze niet. We overschatten het bestaan van karaktereigenschappen waarmee je je altijd en overal staande kunt houden. En we onderschatten de effecten van de omstandigheden.'

Hoe zit het dan met het Duitse elftal dat de gave heeft om de wedstrijd in de laatste minuten in zijn voordeel te beslissen?

'Als je er statistici op loslaat, blijkt dat de Duitsers in 5,5 procent van hun wedstrijden in de laatste minuut scoren. Dat is bovengemiddeld en lijkt een bevestiging van de reputatie van de Duitse mentaliteit. Maar het Nederlandse elftal doet met 5,9 procent niet voor ze onder!

'Het is heel ontnuchterend om statistici naar dit soort claims te laten kijken. Als er één sporter is die de reputatie heeft om op het juiste moment boven zichzelf uit te stijgen is dat de Amerikaanse basketballer Kobe Bryant. Het klopt wel dat Bryant in de laatste minuut meer scoort dan gemiddeld, maar dat komt omdat hij vanwege zijn reputatie de bal vaker krijgt toegespeeld. Iedereen weet immers: als Bryant de bal krijgt, gaat-ie erin. Maar als je de kansen die Bryant krijgt, deelt door het aantal punten dat hij maakt, dan zie je dat hij eigenlijk veel minder goed is dan wij denken. Het is een illusie die zichzelf versterkt.'

U bent nogal kritisch over de anti-stress industrie van mindfulness-trainingen, yoga, meditatie en ontspanningstherapie.

'Die is erop gericht om sporters (en andere mensen) zo min mogelijk stress te laten voelen, tijdens de wedstrijd of een tentamen. Ik denk dat je moet analyseren wát de stress veroorzaakt. Is dat de tijdsdruk? Of de aanwezigheid van het publiek? De geldsom die mogelijk aan je neus voorbijgaat? Zodra je dat weet, kun je die stress opzoeken tijdens de training en ermee om leren gaan. Obama oefent zijn toespraken altijd met zijn staf als publiek. Steve Jobs deed hetzelfde. Tot 1990 werden vliegtuigongelukken zeven van de tien keer veroorzaakt door fouten van piloten. Toen de luchtvaart gevarentraining invoerde met realistische vliegsimulatoren zakte dat percentage snel. Tegenwoordig is het 30 procent. Cabaretiers houden try-outs. Ook dat is oefenen met realistische en niet al te hoge druk.'

Waarom is het tijd om te leren van de verliezers?

'We richten al onze aandacht op de winnaars. Daar hebben we nu wel genoeg van geleerd. We moeten ook de verliezers meenemen in onze analyses. Veel onderzoekers selecteren alleen goede sporters of uitmuntende bedrijven en gaan dan bestuderen welke succesfactoren ze gemeen hebben. Dat is een denkfout. Als je de verliezers ook ondervraagt, blijkt misschien wel dat ze net zo hard hebben getraind als de kampioenen. Of dat hun winnaarsmentaliteit niet onderdoet voor die van de olympische helden. Als je iets wil weten over de faal- en succesfactoren die wij zelf kunnen beïnvloeden, moet je winnaars én verliezers spreken. En onze mogelijkheden om een overwinning af te dwingen zijn beperkt. Er zijn altijd onzekerheden. Gelukkig maar. Als we van tevoren weten wie er gaat winnen, komt er geen hond meer kijken. Toch?'

Ger Post, Stalen zenuwen: Hoe topsporters presteren onder druk (en wat jij daarvan kunt leren), 18 euro, Maven Publishing.

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.