'Ik was al behoorlijk ervaren in het alleen zijn'

Wat zijn dit voor vragen?

Armand, de bekendste protestzanger van Nederland, is op 69-jarige leeftijd overleden. Dat heeft zijn platenmaatschappij vandaag bekendgemaakt. Onderstaand interview met Armand stond in juni in de Volkskrant.

Noem het geen comeback, want hij is nooit weggeweest. Vrijdag verschijnt het nieuwe album van Herman van Loenhout, ofwel Armand (69), een coveralbum met liedjes die géén Ben ik te min zijn.

Herman van Loenhout (Armand). Beeld Frank Ruiter

Lucky Fonz III of Dave von Raven van The Kik?

'Allebei het zuiverste water, multi-instrumentalisten die hun huiswerk hebben gedaan. Het was Lucky Fonz III die mij een paar jaar geleden op heeft zitten hemelen bij De Wereld Draait Door. Daarna belde hij mij met het verzoek eens samen te werken. Later stelde hij me voor aan Dave van The Kik, toen ze werkten aan een cover van mijn nummer 'Want er is niemand (en nou ik)'. Er ontbrak nog iets en ze vroegen mij om mee te doen.

'Nu is er dus een heel album met The Kik. Op mijn koelkast hangt een plaatje met de tekst 'life is a dream'. Op dit moment lijkt het daar wel een beetje op. Het is de 'knijp mij'-tijd. Wat dit album voor mij betekent? Dat ik toch gelijk had. De mensen die mijn liedjes destijds gekocht hebben, hebben ze gedraaid tot hun kinderen een beetje besef kregen. Toen gingen de platen naar de zolder. Ze vonden het voor zichzelf wel leuk, maar die kinderen hoefden het niet te horen. In Engeland ken ik mensen die door de muizen aangevreten posters van The Grateful Dead aan de muur hebben hangen. In Nederland is alles onder de mat geschoven: ah ja, die hippies, stelletje ouwe junkies. De plaat bevestigt dat mijn werk niet gedateerd is.'

CV Armand

Armand is de artiestennaam van Herman van Loenhout (Eindhoven, 10 april 1946). Het grote publiek kent hem als 'protestzanger' van 'dat ene nummer': Ben ik te min stond in 1967 veertien weken in de Top 40. Sinds een paar jaar is hij weer geregeld in beeld. In 2011 deed Armand mee aan het televisieprogramma Ali B op volle toeren. In 2012 werkte hij voor het eerst samen met zanger Lucky Fonz III en Dave von Raven van The Kik, allebei fan van Armand. Nu is er het album Armand & The Kik, een samenwerking tussen platenlabels Top Notch en Excelsior Recordings met bewerkingen van minder bekende Armand-liedjes. De komende maanden trekken Armand en The Kik samen langs Nederlandse poppodia.

De jeugd van tegenwoordig of de jeugd van toen?

'Ik ben altijd voor de jeugd blijven spelen. De groep mensen tussen de 15 en 25 jaar die naar mijn optredens komt, heeft zich al die tientallen jaren ververst. Was dat niet zo, dan speelde ik niet meer. Dat ik een sixtiesartiest word genoemd, komt door de mensen die na de jaren zestig in slaap zijn gevallen. Over nostalgie kan Dave gloeiend vertellen. Nostalgie impliceert dat iets voorbij is. Nostalgisch zijn is dus een bord voor je kop hebben, want tijd kan niet voorbij zijn. Het gaat altijd door en door. Als je je daar niet op instelt, kun je beter meteen van de flat springen.

'Laatst vroeg iemand mij of ik er niet bang van word dat leeftijdsgenoten wegvallen. 'Moet je eens goed luisteren', zei ik. 'Er worden nog steeds meer mensen geboren dan er doodgaan, dus er is niets aan de hand.'

'Ik ga liever om met jonge dan met oude mensen. Bij jonge mensen is nog hoop. Het zijn studenten die de omkeer moeten maken. Op het moment dat ze getrouwd zijn en een paar kinderen hebben, is het afgelopen.'

Hasj of wiet?

'Als het kan hasj. De wiet die in coffeeshops te koop is, zit nog vol bladgroen, waardoor je blow een scherpe smaak krijgt. Al die soepgroenten die erbij hangen, moet je niet willen roken. Op het moment dat ik ergernis voel opkomen, maak ik een blow en is het voorbij. Daar ben ik mee gezegend.'

Met of zonder vrouw? (1)

'Ik ben drie keer getrouwd geweest en drie keer gescheiden. Ik was 40 toen ik voor de eerste keer echt alleen was, na mijn tweede vrouw. Van huis uit was ik meteen met een meisje gaan wonen. Tussen 1985 tot 1998 kwam het erop aan dat ik alles voor mezelf ging doen. Toen mijn laatste huwelijk op de klippen liep, was ik al behoorlijk ervaren in het alleen zijn.

'En nu, dacht ik, nu neem ik een Cadillac in plaats van een verhouding. Waarom ik dat niet eerder deed? Mijn vrouwen hielden dat tegen. Ze zijn op een gegeven moment allemaal wat meer verburgerlijkt: je mag niet opvallen, je moet netjes zijn.

'Ik ben alweer twee jaar alleen. De grote Amerikaan heeft me inmiddels na 6 duizend kilometer in de steek gelaten. Af en toe heb ik nog wel zin in een vrouw hoor, als ik er tijd voor heb. Ik hou niet van vluggertjes. Bij mij moet er altijd een aanloop zijn. De eerste avond verknal ik het ook helemaal. De tweede avond geef ik 'm van jetje.

'Vrouwen draag ik op handen. Galanterie en elegantie vind ik belangrijk. Simon Vinkenoog zei het zo: 'Je mag het leven gerust wat verfraaien.' Daar ben ik het helemaal mee eens. Het is tegenwoordig moeilijk om galant te zijn bij een vrouw. Als je de deur voor haar openhoudt, ben je een uitslover, als je de deur niet openhoudt een onbeschofte lul.'

Dag- of nachtmens?

'Mijn laatste vrouw wilde eigenlijk dat ik 's nachts én overdag leefde. Ja, dat kan niet. Toen zij en ik besloten uit elkaar te gaan, ben ik verhuisd naar dit huis, aan de rand van Eindhoven. Ik kreeg meteen vijf vijftigpluswoningen aangeboden.

'Nu ik alleen woon, doe ik weer mijn eigen ding. Míjn eet- en slaaptijden en míjn behang. Meestal slaap ik rond deze tijd nog. Soms slaap ik tot zes, zeven uur 's avonds. Dan ga ik om een uur of acht uur 's morgens naar bed.

'Ik hou van nachtmensen. Aan de nachtpomp is het altijd veel gezelliger dan aan de dagpomp. Iedereen heeft tijd zat, je wordt niet op je vingers gekeken, er is tijd voor een praatje. 's Morgens gebeurt er niks. Vanaf twaalf uur draait de wereld pas.'

Armand in 2008. Beeld ANP

Relativeren of romantiseren?

'Eerder romantiseren. Beeldmedia houd ik buiten de deur. Mijn tv heb ik 35 jaar geleden in de tuin gezet. Het scherm heb ik beschilderd met de tekst 'blijf kijken, word een zombie'. Ik vind tv een waste of time. Je zit altijd te kijken naar wat een ander aan het doen is. Doe nou zelf eens een keer iets!

'Als ik geen muziek maak, lees ik Olivier B. Bommel. En ik kook mijn eigen maaltjes. Ik ben een goede kok. Als ik niet zo goed kon neuken, dan versierde ik de chicks wel met mijn keuken. En dan mogen ze nog kiezen ook. Zeg het maar. Indiaas? Turks? Marokkaans? Of mijn stijltje, alles door elkaar. Net als in de muziek.

'Ik kook meestal pas 's nachts, als ik thuiskom van een optreden. Al moet ik uit Friesland komen en is het vijf uur in de morgen, ik sta minstens een uur in de keuken. En alles vers, hè! Ik heb nog nooit één zak voorgebakken friet gekocht.'

In of uit de mode?

'Mode is lulkoek. Ik werk niet aan een comeback, want ik herinner me niet weg te zijn geweest. Als ik al in de mode ben, dan is het omdat andere mensen wakker geworden zijn. Ze mogen weer meedoen, hoor, maar ze moeten niet denken dat ze op hetzelfde plan staan als de adepten. Er is een verschil tussen Armand-adepten en publiek. Het publiek kent twee nummers: het ene nummer heet Ben ik te min, het andere nummer heet geen Ben ik te min.

'In mijn archief van liedjes maak ik een onderscheid tussen tijdloos en gedateerd, maar de gedateerde nummers kan ik bijna allemaal aanpassen en van nu maken. In 'Waterfiets', een lied over speed, zit de zin: Staat Soestdijk weer eens op stelten / Bernard heeft zijn pink bezeerd. Daar maak ik dan van: Staat Huis ten Bosch weer eens op stelten / Willem heeft zijn pink bezeerd.

'Ben ik te min is aardig actueel gebleven. Wat dat betreft is er de afgelopen vijftig jaar geen kloot veranderd. De wereld is alleen maar grimmiger geworden. Daarom zeg ik: je moet je eigen wereld maken. Love, peace en happiness is nog steeds wat de maatschappij redt.'

Met of zonder vrouw? (2)

'Ik denk niet dat ik nog eens aan een vrouw begin. Aan het begin van elke verhouding heb ik gezegd: geen gelul, de muziek gaat voor. De praktijk is toch dat je de lieve vrede moet bewaren.

'Dit klinkt bijna religieus voor iemand die zwaar atheïstisch is, maar het celibaat is goed voor een muzikant. Je moet niet alles willen hebben. De liefde die ik krijg van de mensen in de zaal, de gelijkdenkenden, is genoeg.'

En hij begint te zingen: 'Alle vrouwen die ik zo nodig moest trouwen / daarvan heb ik één ding geleerd / je kunt als muzikant maar beter alleen zijn / want het weekend loopt altijd verkeerd. [...]

'Ik probeerde twee levens te leiden / maar helaas, ik heb er maar één / dus terug naar de eenzame tijden / maar eigenlijk ben ik nooit alleen.

'Bevrijd van alle beperking / ga ik nu gewoon voor de muziek / plug ik mijn gitaar in de versterking / dag en nacht, dat is mijn romantiek.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.