'Ik voel me vooral voorbijganger die kijkt'

Steve McCurry maakte voor National Geographic de foto van een Afghaanse vluchtelinge die zou uitgroeien tot een icoon. De foto maakt deel uit van de expositie Gezichten van de wereld in Leiden....

Hij is het nooit beu, het vertellen over zijn foto van de jonge Afghaanse vluchtelinge met de doordringende groene ogen die in juni 1985 de omslag van de National Geographic haalde. En over zijn geslaagde zoektocht, zeventien jaar later, met een filmploeg in het kielzog, naar wat er van haar geworden was. Maar net zoals de geestdrift is gebleven, flakkert nog altijd de wrevel op als hij de kritiek op zijn onderneming krijgt voorgehouden. 'Ik bedoel... Dit is zo belachelijk.'

Dit was de teneur van de verwijten: fotograaf Steve McCurry had te gemakkelijk meegelift op het succes van de Amerikanen die de Taliban uit Afghanistan hadden verjaagd. Het geurde naar propaganda. Op z'n minst was er sprake van een publiciteitsstunt. Leuke reclame voor het Channel van National Geographic.

Dit is de werkelijkheid volgens McCurry: na 9/11 wilde een bevriende filmmaker naar Afghanistan om een documentaire te maken over religieuze tolerantie. Het idee was McCurry te volgen. Die bezoekt het land al meer dan twintig jaar.

'Het was geen geregisseerde operatie. Het terugvinden van het meisje van toen was niet meer dan een deel van de reis. Ik had wel eens eerder geïnformeerd, zonder succes. Onze vertaler hielp ons echt op weg. En onderschat de impact van een hele cameraploeg niet. Dat dwingt ontzag af.'

McCurry (Philadelphia, 1950) zoekt soms naar woorden. In het restaurant van het Rijksmuseum voor Volkenkunde in Leiden worstelt hij met een jetlag; hij miste zijn vliegtuig van New York naar Amsterdam en landde pas laat in de ochtend op Schiphol. Een verdieping hoger hangen portretten uit uiteenlopende culturen, windstreken en tijden - met de expositie Gezichten van de wereld, en bijbehorend boek, markeert de Nederlandstalige uitgave van National Geographic het eerste lustrum. De Afghaanse vluchtelinge van McCurry heeft er onmiskenbaar de status van pronkjuweel.

Hij fotografeerde haar in de schaduw van een tentflap, in een vluchtelingenkamp. 'Ik wist dat het speciaal was. Ik dacht: ik heb geluk als het gepubliceerd wordt. Ik heb extra geluk als het de cover haalt. Maar je weet nooit of het een icoon wordt, of het standhoudt al die jaren.

'Het moet de combinatie zijn geweest. De kleur van de ogen, haar jeugd en schoonheid - in een andere situatie zou ze een model kunnen zijn. Tegelijkertijd is er die opgejaagde, argwanende blik. Haar gezicht is vies, haar sjaal is gescheurd. Het is schoonheid zonder hoop.'

Hij haalde sindsdien prijs na prijs voor zijn reportages, veelal gemaakt in conflictgebieden en dan vooral in Azië, het continent waar zijn hart ligt - 'nergens anders vind je zo'n mix van eeuwenoude cultuur naast modern leven, van arm en rijk in de extreemste vormen'. 'Maar eigenlijk wil ik overal zijn. Het leven is kort. Er gebeurt van alles.' Voor 9/11 hoefde hij nauwelijks de deur uit. Vanuit zijn appartement in New York zag hij de WTC-torens branden. Eén blokje verder drong hij door in de walmende puinhopen. 'Dit was oorlog, in mijn buurt! Het beklemmende was dat niets herinnerde aan kantoren. Het was alleen maar staal, beton en stof. Dit was het eind van de wereld.'

Het zijn niettemin zijn portretten die het meest de aandacht trekken. Een portret is in zijn optiek geslaagd als de foto iets onthult over het onderwerp. 'Een karaktertrek die identificatie biedt of verbondenheid schept. Het kan angst zijn, schoonheid, criminele inborst voor mijn part.' Het liefst betrapt hij iemand, zonder in te grijpen in diens leven. 'Maar soms is het beter contact te leggen.'

Hij vond de vluchtelinge terug in het Tora Bora-gebergte. Sharbut Gula was getrouwd en moeder van drie dochters. De huid gelooid en gerimpeld, de blik doffer; ouder ogend dan de 30 jaar die ze moest zijn, maar - 'O yeah'- geen twijfel dat ze het was. De sproeten, het litteken op de neus. 'Ik was blij en gelukkig dat ze leefde, en tegelijk geschokt. Het was allemaal nogal duister. De ontmoeting was in een donkere kamer. Ze droeg een zwarte burka. Ze mocht geen contact maken. Haar man en broer waren erbij. Ze maakte niet de indruk gelukkig te zijn.'

Hij laat zich tegenwoordig wat minder leiden door de brandhaarden. Hij kiest zijn eigen weg en maakt boeken van zijn werk. Is hij meer kunstenaar dan fotojournalist? 'Het is allebei, denk ik. Maar ik voel me vooral voorbijganger. Die de straat opgaat en kijkt. Er is geen formule, geen recept. Het is op de eerste plaats een gevoel. Het gevoel dat dit het juiste moment is om de foto te maken.'


Leiden, Rijksmuseum voor Volkenkunde (Steenstraat 1): Gezichten van de wereld, portretten uit uiteenlopende culturen en tijden van Steve McCurry, t/m 29 janauri 2006; di t/m zo 10-17u. Tel. 071-5168800 (www.rmv.nl).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.