'Ik ben de navel van acterend Nederland'

Interview met Hans Kemna, castingkoning van de Nederlandse filmwereld

Lang gold: als er in Nederland een belangrijke rol te vergeven valt, doet Hans Kemna ( 76 ) het. De castingkoning wil nog altijd ontdekken, koesteren en bewaken.

'Ik kwam naar Amsterdam om aan het toneel te gaan. Met een ambitie: een hele grote worden.' Beeld FTP/Frank Ruiter

Amour, amitié of affection?

'Mijn vriend Adrian Brine is in mei overleden. Ik moet het verdriet achter me zien te krijgen; gelukkig werk ik nog. Het ergste vond ik Kerst en Oud en Nieuw. 31 december, twaalf uur, ik had me dat van tevoren niet gerealiseerd. Ik was op een feest, het vuurwerk begon en ik dacht: wie moet ik nu omhelzen?

'Adrian en ik waren vijftig jaar bij elkaar. In onze liefde - en daarmee zet ik amour dus op 1, maar ze kunnen niet zonder elkaar - was onze enorme waardering voor elkaar het sterkst. Adrian was regisseur en acteur. Ik acteur en castingdirector. Ik bewonderde zijn geheugen en zijn rust en zijn liefde voor mij. Hij bewonderde mijn doorzettingsvermogen, mijn Rotterdamse wil, mijn ambitie.

'De laatste rol die hij speelde, in de serie Brussel die nu wordt uitgezonden op KPN, was die van een Russisch-orthodoxe priester. Of ik hem daarvoor gecast had? Nee, ik doe geen tv meer. Ik castte hem trouwens bijna nooit. Dat nam hij me weleens kwalijk, maar zo werkt dat bij mij: aan degene die je het meest nabij is, denk je niet als er rollen te verdelen zijn.'

Acteren of casten?

'Ik kwam naar Amsterdam om aan het toneel te gaan. Met een ambitie: een hele grote worden. Zo groot als Hans Kesting nu. Ik was niet slecht, ik was bruikbaar. Inzetbaar voor kleine rollen. Dat is het meest vreselijke dat je van een acteur kunt zeggen. Gelukkig kwam er voor mij op het juiste moment iets anders. Ik deed sowieso veel naast het acteren: ik presenteerde tv-programma Twien, ik had een radioprogramma bij de VPRO, ik castte al wel acteurs voor film en theater, ik deed naast de casting ook de productie voor de film Max Havelaar van regisseur Fons Rademakers, in Indonesië. Toen ik na een half jaar terug was in Nederland, zei ik tegen producent Matthijs van Heijningen: en nu? Moet ik solliciteren bij een toneelgezelschap? Waarop hij zei: nee, jij gaat casten. Dat vind je leuk.'

Wat is leuker: ontdekken of koesteren?

'Ontdekken. Dat geeft me een enorme kick. Als ik iemand die zó goed is, voor het eerst zie spelen, wil ik dat meteen aan de wereld laten zien.

'Meteen na ontdekken komt koesteren. Dat stopt nooit: het varieert van bellen na een première om te zeggen wat ik ervan vond, tot, zeker bij de jonge acteurs, ze naar voorstellingen en regisseurs sturen waarvan ik denk dat ze iets kunnen leren.'

Hans Kemna


Hans Kemna (Rotterdam, 5 maart 1940) verhuisde in 1960 naar Amsterdam om acteur te worden. Hij ging naar de toneelschool en kwam na zijn opleiding in dienst bij de Nieuwe Komedie en Toneelgroep Arena. Rutger Hauer, met wie hij in zijn vrije tijd schermde, stelde hem voor aan Paul Verhoeven. Zo kreeg hij in 1969 een bijrol in de tv-serie Floris. Casten deed hij daarnaast ook, voor films en theater. In 1980 richtte hij zijn bureau Kemna Casting op, dat hij tot 2000 leidde. In 2005 kreeg hij een Gouden Kalf voor zijn ‘belangrijke bijdrage aan de Nederlandse filmcultuur’. Kemna is freelance castingdirector bij Toneelgroep Amsterdam en geeft ook adviezen aan Theater Utrecht.

Monique van de Ven of Ilke Paddenburg?

'Vroeger zei ik altijd: op mijn grafsteen komt te staan: Hans Kemna, de ontdekker van Monique van de Ven. Maar dat kan nou niet meer; mijn naam staat er al bij op de steen van Adrian. Ik heb Monique voorgesteld aan Paul Verhoeven toen die voor Turks fruit al Willeke van Ammelrooy had gekozen. Geweldige tijd: allebei onze carrières zijn toen gaan rollen.

'Toch zeg ik: ik vind de laatste ontdekking altijd het leukst. Ilke Paddenburg kende ik al van de toneelschool in Arnhem, en later zag ik haar in een afstudeervoorstelling van een jonge regisseur, Liliane Brakema. Ilke heeft een enorme aanwezigheid, charisma en talent. Ik heb haar voorgesteld aan Thibaud Delpeut van Theater Utrecht, waar ik ook castingadviezen geef. Voor de rol van de dochter met incestverleden in Een soort Hades heeft ze een Colombina voor beste vrouwelijke bijrol gekregen. Zei ze, op de avond van de uitreiking in haar gevatte speech: 'Bedankt Hans Kemna dat je mijn naam op een briefje schreef.' Toen heb ik haar nog op d'r donder gegeven: naam op een briefje? Ik heb verdomme de hele dag bij je auditie gezeten!'

Meest kwetsende opmerking: geparfumeerde Feldwebel of Klemnaad?

'Ik weet nog waar Theo van Gogh Feldwebel naar me riep. In de Leidsestraat. Ik weet niet eens wat het betekent. Veldwachter? Dat suggereert dat mijn rol in de theaterwereld niet zo groot is geweest, en dat zie ik toch anders. Een generaal, noem ik mezelf. Ik heb ook wel eens gezegd: ik ben de navel van acterend Nederland.

'Klemnaad is een naam die Maarten Spanjer me ooit gaf. Je mag het dilemma gebruiken, hoor, maar ik zou het niet doen als ik jou was. Het is zo'n flauwe insinuatie: dat je als acteur alleen een kans maakte om door me gecast te worden als je met me naar bed ging. Ik heb me er altijd over verbaasd dat Maarten zo lelijk over me sprak, zeker omdat ik hem een grote rol heb laten spelen in de film Spetters. Of zijn opmerking me kwetst? Toen wel. Omdat het niet waar is. Geloof me: ik ben in de verleiding gekomen, maar ik heb er nooit misbruik van gemaakt.'

Paul Verhoeven of Ivo van Hove?

'Daar kan ik echt niet tussen kiezen. Ze zijn allebei even belangrijk voor me geweest. Ik heb de casting van alle Nederlandse films van Paul gedaan. En sinds ik in 2000 Kemna Casting heb verkocht aan Job Gosschalk, werk ik alleen nog voor Toneelgroep Amsterdam. Wat Paul, Ivo en mij bindt, is dat we alle drie graag naar lekkere acteurs kijken.

Met lekker bedoel ik: getalenteerd, aantrekkelijk, met een uitstraling. Ivo vraagt van zijn acteurs grotere prestaties dan Paul, maar dat is inherent aan theater. Daar moet je zo'n ongelooflijke beheersing hebben van je vak, nog los van het feit dat je voor veel van Ivo's stukken uren achter elkaar op de planken staat.

'Een van de interessantste castingvoorstellen deed ik voor Ivo: Katelijne Damen als moeder van Chris Nietvelt in Rijkemanshuis van Eugene O'Neill. Ze zijn leeftijdgenoten, maar het pakte geweldig goed uit. En Ivo vond het briljant. Wat ik ook goed vond, ook al is het ijdel gepraat: in de originele vertolking van Angels in America wordt Belize, de 'valse' verpleger, door een donkere acteur gespeeld. Maar in Nederland waren er destijds nog niet zo veel donkere acteurs, dus toen heb ik Roeland Fernhout voorgesteld. Dat werd ook een groot succes.'

Fotografie of theater?
'Theater is mijn grote liefde. Fotografie een dure hobby; ik heb inmiddels een verzameling foto's waarin Sotheby's en Christie's geïnteresseerd zijn. Ik heb de grootste collectie foto's van Wolfgang Tillmans. Ik heb Anton Corbijn, Rineke Dijkstra, Koos Breukel, Paulien Oltheten. Zelf heb ik ook altijd mensen gefotografeerd, vroeger met een Leicaatje, nu met een iPhone. Net als het casten komt dat fotograferen voort uit een diepgewortelde liefde voor, en grote interesse in mensen. Acteurs met name.'

Jong of oud?

'Mensen van mijn eigen leeftijd interesseren me niet. Ik zoek altijd de jeugd op, want die heeft nog een heel leven voor zich. Die trouwt, krijgt kinderen. Ik vind dat fantastisch en ik ben er jaloers op, want ik heb zelf geen kinderen.

'Toen ik 70 werd, heb ik als cadeau een reservering voor een graf op Zorgvlied gevraagd. Het werd een leuke dag: met Hans Kesting en Job Gosschalk een mooie plek uitzoeken. Daar ligt Adrian nu. Laatst was ik er in mijn eentje, maar ik kon de plek niet vinden. Er werd op dat moment een crimineel begraven, misschien was ik afgeleid. Ik hoorde Adrian in de verte lachen: 'Domoor. Wat loop je daar nou met je gietertje?''

Wens: groot acteur of vader?

'God. Dat tweede. Ik zou een heel leuke vader zijn geweest, maar het is er nooit van gekomen. Een keer, bijna. In Indonesië zaten we tijdens de opnamen voor Max Havelaar in een kampong op Java en daar kwam een leuke jonge vrouw naar me toe met haar zoontje en ze zei: 'For you.' Dat kind had ik wel willen hebben. Maar Fons Rademakers zei: 'Hoe zie je dat voor je?' Ik was regie-assistent, ik deed de productie. Trouwens, stel je voor: hoe had dat gemoeten, de grens over, in 1975? Nu zijn mijn jonge acteursvrienden mijn kinderen.'

Castingkoning van Nederland: Hans Kemna of Job Gosschalk?

'Toen Job mijn bedrijf overnam, was ik in de prime van mijn carrière. Ik deed alles: films, tv-series, reclame, theater. Ik zei tegen hem: ik zou de naam, Kemna Casting, houden. Dat heeft hij gedaan. Job houdt zich inmiddels niet meer bezig met casten. Hij regisseert, produceert en heeft net De zevende hemel gemaakt. Ik heb ongelooflijk veel respect voor hem, hij heeft Kemna Casting tot het grootste bureau van Nederland gemaakt. Maar de castingkoning, dat ben ik. Niet alleen omdat ik het langer heb gedaan, ik heb er ook meer talent voor.'

In Een leven lang theater, 29/2, Stadsschouwburg Amsterdam, belicht Hans Kemna met Volkskrant-theatercriticus Hein Janssen de belangrijke momenten uit zijn carrière.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.