'Iedereen heeft het recht om kennis te maken met poëzie en muziek'

Interview met bariton Thomas Hampson

Zolang de bronzen bariton van Thomas Hampson (61) nog glanst, laat hij zich horen. Zoals op de nieuwe cd met Amsterdam Sinfonietta. Al levert zijn stem soms streken.

Amerikaanse bariton Thomas Hampson. Beeld Marie Wanders

De uiterste houdbaarheidsdatum van een klassieke zanger ligt rond de 55. Zo sprak, toen hij nog aan de veilige kant leefde, de Amerikaanse bariton Thomas Hampson. Nu is hij 61 en lijkt de wereldster nog lang niet uitgezongen. Blader in zijn agenda en sta paf. Hoofdrollen jagen Hampson langs voorname operahuizen, van München naar Wenen en van New York naar Milaan. In La Scala gooit hij er zelfs een Don Giovanni uit.

Zo'n viriele Mozartrol, op zíjn leeftijd? 'Grappig toch?', kaatst de zanger terug in Vondel CS, het vroegere Filmmuseum in Amsterdam. Hampson heeft er zojuist gerepeteerd met zijn vrienden van het strijkorkest Amsterdam Sinfonietta.

'Ik heb ook nooit beweerd dat ik op m'n 55ste met zingen zou stoppen. Vermoedelijk doelde ik destijds op de kwestie van het uithoudingsvermogen. Spieren zijn spieren, als ze ouder worden neemt de hersteltijd toe. Ooit gehoord van een tennisser die na z'n 50ste Wimbledon wint?'

Touché, zegt de glimlach - en terug zijn Hampsons good looks. Ze waren even verdwenen toen hij met lichte ergernis op de foto moest. Niet op gerekend, hij meende dat de afspraak morgen was. Maar voor het oog van de camera herpakt de zanger zich professioneel. Per slot van rekening staat hij hier ook namens de muzikanten van Amsterdam Sinfonietta.

Tides of Life heet hun eerste gezamenlijke cd. Er staan liederen op van Schubert en Brahms, Wolf en Barber. De titel maakt nieuwsgierig naar het levenstij van Hampson zelf. Of beter: naar de staat van zijn stem, het instrument waarmee hij al 35 jaar triomfeert.

Minder trefzeker

In recensies worden de superlatieven hoog opgetast. Bronzen bariton, theatraal instinct, overrompelende vertelkracht. Maar de laatste seizoenen klinken reserves door: Hampsons geluid zouden minder trefzeker zijn.

'Mijn stem levert soms streken, daar ben ik eerlijk in. Aan een zware rol als Verdi's Macbeth zou ik inmiddels een taaie avond hebben. Toch heb ik niet het gevoel dat mijn vocale capaciteit afneemt. Muzikaal voel ik me juist sterker dan ooit.'

Zangers, zegt hij, zijn een beetje de pechvogels onder de klassieke muzikanten. Pianisten spelen na hun 60ste ferm door. Dirigenten boven de 80 vormen een actief clubje. 'Voor zangers valt het doek helaas eerder. Op een dag is een stem gewoon niet goed genoeg meer. Dat moment probeer ik voor me uit te schuiven door gedisciplineerd te leven. Ik let scherp op mijn eet-, slaap- en energiepatronen.'

Ook yoga helpt de man die zo'n veertig jaar geleden zijn auto schielijk langs de kant van de weg parkeerde. Het gebeurde op de 35 mijl tussen Spokane, Washington en Coeur d'Alene, Idaho. Uit de autoradio kwam een symfonie van Gustav Mahler. De nekharen van Tommy Hampson, 21, schoten overeind. 'Hier wilde ik bijhoren, dit was waar het leven om draaide.'

Mahler riep hem naar de muziek, de muziek riep hem naar Europa. Nederlandse liefhebbers hoorden hem voor het eerst in 1980. Hampson won een prijs op het Internationaal Vocalisten Concours van Den Bosch. In de gesjeesde politicologiestudent bleek een intelligente bariton te huizen: kluisterende verteller, lenig in de hoogte.

In Düsseldorf tekende hij zijn eerste operacontract, later schoof hij door naar Zürich. Met de oudemuziekpionier Nikolaus Harnoncourt en het Concertgebouworkest nam hij vlammende Mozartopera's op. Leonard Bernstein, de Amerikaanse swingmaestro, haalde hem naar de Wiener Philharmoniker voor een Mahler-reeks die legendarisch werd. Ze deden de Kindertotenlieder, de Rückert-Lieder, de Lieder eines fahrenden Gesellen.

Magisch huwelijk

Het lied werd de kunstvorm waarin Thomas Hampson zijn bestemming vond. Nederland merkte het in 1995 tijdens een roemrucht Mahler Feest in het Concertgebouw. Begeleid door een pianist zong Hampson in twee middagen 45 Mahlerliederen. Ter plekke werd hij uitgeroepen tot de erfgenaam van de legendarische liedzanger Dietrich Fischer-Dieskau.

Hampson speelt nog altijd voor zendeling als hij de aantrekkingskracht van het lied moet verklaren. 'Uniek genre! Een dichter schrijft woorden, een componist schrijft noten, en strikt genomen kunnen ze zonder elkaar. Maar voeg hun creaties samen en je krijgt een magisch huwelijk.'

Volgende metafoor: de tijdcapsule. 'Het lied transporteert emoties en gedachten van de ene eeuw naar de andere. Waarom doen we wat we doen? Waarom voelen we wat we voelen? De liedkunst is het Grote Getijdenboek van de Menselijke Soort.'

Om die zegening te verbreiden, richtte Hampson in 2003 een stichting op. Naam, met een knipoog: de Hampsong Foundation. Titel van het belangrijkste project: Song in America. De Europese liedcultuur, redeneerde Hampson, is in geuren en kleuren beschreven, maar hoe zit het eigenlijk met de liedkunst op mijn eigen continent? Welke Amerikaan wedijvert met Robert Schumann? Hoe heet de evenknie van Hugo Wolf?

De stichting heeft inmiddels duizenden liederen in kaart gebracht. 'Denk aan poëzie van Walt Whitman op muziek van Charles Ives, of Michael Tilson Thomas die teksten toonzet van Emily Dickinson. Het is Amerika gezien door de ogen van onze dichters, gehoord door de oren van onze componisten.'

Met oneliners als deze kreeg Hampson een lerarencongres op de stoelen. Stel je voor, zei hij, dat jullie onze geschiedenis onderwijzen via het lied. Dan sla je twee vliegen in één klap. Je smokkelt muziek terug in het curriculum. En de kids lopen sneller warm voor het verleden.

Elitair gedoe, sputterde men hier en daar. 'Weet je wát elitair is?', reageert de liedveteraan. 'Politici die kinderen de toegang ontzeggen tot kunst die hun blik op de wereld kan verruimen. Iedereen heeft het recht om kennis te maken met poëzie en muziek.'

In 1997 kreeg Hampson een seizoen lang Carte Blanche van het Concertgebouw. Toen werd hij voor het eerst gekoppeld aan Amsterdam Sinfonietta. 'Het klikte en we raakten bevriend.'

In 2014 toerden ze al eens rond met de muziek die nu op cd verschijnt. Voor de combi bariton-strijkorkest zijn weinig liederen geschreven, dus schoot een arrangeur te hulp. De Britse componist David Matthews richtte de noten van Schubert, Brahms, Wolf en Barber in voor Hampson en de strijkers van Amsterdam Sinfonietta.

Auditieve zwerftocht

Door het programma loopt geen rode draad, bekent de bariton. Amsterdam Sinfonietta leverde het idee voor Dover Beach, een fenomenale weemoedzang die de Amerikaan Samuel Barber in 1931 componeerde op een gedicht van Matthew Arnold.

Op zijn beurt stelde Hampson de Vier ernste Gesänge voor van Johannes Brahms. De Duitser schreef zijn 'serieuze liederen' over noodlot en sterfelijkheid in 1896, een jaar voor zijn dood. Hij plukte de teksten uit de Bijbel. Hampson schoof de Gesänge een leven lang voor zich uit. 'Ze verlangen een warm timbre, een gloeiende klankstroom waar ik naartoe moest groeien.'

Komt bij dat Brahms de liederen op een atypische manier heeft geschreven. 'Bij de meeste componisten zijn tekst en muziek nauw op elkaar betrokken. Niet bij Brahms, die vindt zijn beste klanken los van woorden. Sommige liederen had hij evengoed kunnen schrijven voor viool of klarinet. Het heeft lang geduurd voordat ik me bij die toontaal thuisvoelde. Ook daarin moest ik rijpen.'

Zijn cd, zegt de zanger, valt te beluisteren als een zwerftocht. 'Elk lied is een bankje waarop je even uitrust en reflecteert op de getijden van je bestaan.'

Tides of Life. Liederen van Schubert, Brahms, Wolf en Barber. Thomas Hampson (bariton), Amsterdam Sinfonietta o.l.v. Candida Thompson. Channel Classics.

Tekst gaat verder onder de video.

Nationaal Vrouwen Jeugdkoor

In het hart van Thomas Hampsons nieuwe cd zit een ingetogen bijdrage van het Nationaal Vrouwen Jeugdkoor. De club van dirigent Wilma ten Wolde, voor zangeressen tussen 16 en 30 jaar, meldt zich in het Schubertlied Ständchen. Het is een serenade voor koor en solostem, niet te verwarren met het gelijknamige lied uit de cyclus Schwanengesang. Het grappige van Ludwig Rellstabs gedicht is dat het helemaal niet tot een serenade komt. De zanger en zijn gezelschap sluipen zögernd leise (aarzelend zacht) naderbij, willen op de deur van de geliefde kloppen - maar gunnen haar bij nader inzien de slaap. Schubert maakt er een ontroerende scène van met fluisterende voorpret op kousenvoeten. Een impressie van Hampsons Ständchen met het jongevrouwenkoor staat op YouTube.

Thomas Hampson

1955 wordt geboren in Elkhart, Indiana (VS)

1980 is prijswinnaar van het Internationaal Vocalisten Concours in Den Bosch

1981 krijgt aan de Opera van Düsseldorf z'n eerste contract

1984 debuteert bij het Concertgebouworkest met Mozart en Johann Strauss junior

1990 neemt Mahlers orkestliederen op met Leonard Bernstein

1995 is de sterzanger van het Mahler Feest in Amsterdam

1997 krijgt een Carte Blanche in het Concertgebouw

2003 richt de Hampsong Foundation op

2005 wint de Edison Lifetime Achievement Award

2007 geeft het Prinsengrachtconcert in Amsterdam

2011 wordt artistiek leider van de liedacademie in Heidelberg

2016 zingt in München de wereldpremière van South Pole, een opera over de poolreiziger Amundsen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.