Stamgasten

‘Hoe zeggen ze dat? Een vliegende kraai vindt altijd wat’

Vrachtwagenchauffeur Peter (53) en beste vriend John (57) zitten samen achter de gokkast in hun gezellige stamcafé ’t Peerdt in Dordrecht.

Stamgasten John (l) en Peter (r)

Peter: ‘Elke zaterdag haal ik om acht uur ’s ochtends boodschappen bij de Emté. Later in de ochtend drink ik hier een cappuccino en haal ik groenten en fruit op de markt, ook voor de dame achter de bar. En vanmiddag heb ik John een beetje meegeholpen – hij heeft een garagebedrijf. 

‘Dat we vrienden zijn geworden komt door mijn zoon. Die hing als kind elke dag rond bij die garage, zat bijna in z’n kontzak, zo interessant vond-ie het. We hadden ook een keer de ketting van zijn skelter door John laten repareren. En op een dag zei hij: ‘John komt op visite.’ Dus John loopt de kamer in en ziet schilderijen bij mij aan de muur hangen. Kippen, boerderijen, flamingo’s, water, allemaal gekregen van mijn opa. ‘Mooi spul’, zei hij. ‘En dat ene fotootje, die man ken ik.’ Mijn opa. Bleek dat John vroeger duiven kocht bij hem – mijn opa hield 150 duiven op zijn balkon. Toen ontdekten we ook dat we tijdens onze diensttijd allebei in Nunspeet zaten.

‘We houden van dezelfde muziek, dezelfde mensen, dezelfde sfeer. Als John zegt dat hij het zat is, ben ik het ook zat. Eerst gingen we ook weleens samen vissen, maar dat doen we niet meer. Hij ving meer dan ik, daar hou ik niet van. Ik heb al mijn visspullen, de koffer, molens, hengels, weggegeven aan de kinderen van een maatje van me. 

‘Ik ben dertien jaar geleden gescheiden, heb twee zoons, ben drie maanden geleden opa geworden. De jongste zoon woont bij mij. Na de scheiding dachten ze allemaal: die Peter gaat helemaal naar de donder. John kent mij door en door en zei: ‘Voortaan kom jij op dinsdag bij ons eten.’ Drie keer in de week eet ik bij mijn moeder en een keer per week bij John en zijn vrouw. Hoe zeggen ze dat? Een vliegende kraai vindt altijd wat. Dat zorgzame waardeer ik ontzettend. Omgekeerd sta ik voor hem klaar.

‘Twee jaar geleden belde hij me op vanaf zijn vakantie. Hij zat bij het Gardameer. ‘Kom je naar Italië?’ Ik zei dat ik er even over na moest denken. ‘Dat hoef je niet te doen’, zei hij. ‘Alles ligt klaar op Schiphol.’ De hele mikmak was geregeld, er stond zelfs al een tent klaar op de camping. Een vent van goud.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.