Weblog

'Geschiedsbeoefening zou met één voet in het heden moeten staan'

In onzekere tijden grijpen mensen terug op hun verleden. Sinds het onrustige begin van deze eeuw is geschiedenis dan ook booming. Geschiedenisblaadjes schieten als paddenstoelen uit de grond,  series als In Europa en Andere Tijden scoren hoge kijkcijfers en de verkoop van geschiedenisboeken is in de afgelopen tien jaar geëxplodeerd. Niet toevallig werd in 2004 een nieuwe traditie uitgevonden: de Week van de Geschiedenis, die vorig jaar werd gepromoveerd tot Maand van de Geschiedenis.

Campagnebeeld van de Maand van de Geschiedenis.

Veel professionele historici voelen zich wat ongemakkelijk bij de plotselinge populariteit van hun vak. Soms lijkt het alsof de geschiedenis slechts misbruikt wordt voor andere, vaak politieke, doeleinden. Dat zou blijken als het verleden een hapklare 'identiteit' moet verschaffen die ons kan beschermen tegen alles wat eng is: de multikullers, Brussel en - bron van al het kwaad - het relativisme.

De huidige geschiedenishype lijkt een reactie op decennia van progressief denken, reacties zoals we die met enige regelmaat terugzien in de moderne geschiedenis. Denk aan het onbehagen na de Franse Revolutie, het turbulente fin de siècle (1890-1914), de onzekere jaren dertig en de verloren jaren tachtig. Met een interval van ongeveer een halve eeuw keert het onbehagen over de versnellende vooruitgang terug. Dan is het verleden de belangrijkste bron van gemoedsrust en lonkt de nostalgie.

Maar zodra de geschiedenis zeggingskracht krijgt over het heden ontstaan de controverses. Tegenwoordig centreren die zich vooral rondom 'de Himalaya in het betrekkelijk vlakke Nederlandse historische landschap' (Maarten van Rossem): de Tweede Wereldoorlog. Had Loe de Jong (1914-2005) tot de jaren zeventig nog zo goed als een monopolie op de oorlogsgeschiedschrijving, vanaf de jaren tachtig gingen er steeds meer dissidente geluiden klinken. Hans Blom stelde als eerste dat historici voorbij het 'goed en fout denken' moesten gaan. Tegenwoordig vindt Chris van der Heijden dat de hele periode eigenlijk maar 'grijs' was en dat het verschil tussen verzet en collaboratie niet overdreven moet worden.

De ophef rondom de Dodenherdenking is een jaarlijks ritueel geworden. Vragen die al veel langer in wetenschappelijke kringen worden gesteld dringen nu door tot het grote publiek. Hoe zit het met geallieerde oorlogsmisdaden? Welke rol heeft de Nederlandse politie eigenlijk gespeeld? En hoe kan het dat relatief zoveel Nederlandse joden de oorlog niet hebben overleefd? Deze vragen zijn nog tot daar aan toe, maar als ook de schuld van de dader wordt gerelativeerd, zoals dit jaar nog in Vorden, dan is de verontwaardiging groot.

Op het moment dat het verleden een strijdtoneel wordt, veranderen historici van stoffige zolderkamergeleerden in nationale zieleherders - dan moeten ze duiding en richting bieden aan een volk dat met zichzelf in de knoop ligt. Van nature zijn historici geneigd te relativeren: vroeger zat het vaak net even anders en de dingen liggen nu eenmaal genuanceerd.

Maar er zijn grenzen, laat Jolande Withuis zien, als ze zaterdag in het opinie- en achtergrondkatern Vonk ten strijde trekt tegen het misverstand dat 'goed en fout' niet bestaan. In haar voetspoor pleit Martin Sommer er voor onze historische helden weer te plaatsen waar ze horen: op hun voetstuk. Zelf houd ik een pleidooi voor een meer geëngageerde geschiedbeoefening. Het wordt tijd dat de geleerde geschiedschrijvers uit hun schulp kruipen en doen wat anders door anderen wordt gedaan: lessen trekken uit het verleden. Want of ze het nu leuk vinden of niet, uiteindelijk is geschiedenis meer dan alleen een wetenschappelijke exercitie - het is identiteit, zingeving en eigenlijk ook gewoon politiek. Juist daarom zou de geschiedbeoefening met minstens één voet in het heden moeten staan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.