'Eitje met een zoutje, penis als een houtje'

Interview spreukenverzamelaar Jaap Toorenaar

Taalliefhebber Jaap Toorenaar verzamelde pareltjes voor zijn boek: zelfverzonnen wijsheden - vaak van ouders die hun kind iets willen bijbrengen.

Soms klinkt er levenswijsheid in door: 'Eén gram waardering werkt beter dan een kilo verwijt.' Of: 'Ontberen leert waarderen.' Recht voor zijn raap zijn ze ook. 'Een tweede kut maakt je blut.' De scheet is geregeld van de partij: 'Bericht uit Darmstadt dat de worst is aangekomen.'

De gemene deler van bovenstaande: het zijn uitspraken van ouders en grootouders, ooit gedaan in de beslotenheid van de huiskamer of aan de keukentafel, maar nu aan de vergetelheid ontrukt. Jaap Toorenaar (61), tekstschrijver bij een reclamebureau in Rotterdam en naar eigen zeggen nu eenmaal altijd met taal bezig, stelde een bloemlezing samen die vorig jaar verscheen onder de titel Mijn moeder zei altijd. Een opvolger is in de maak: Mijn vader zei altijd; publicatie is voorzien binnen een jaar. Hij verzamelt ze nog steeds. 'Het is zonde om ze te laten liggen.' Neem deze: 'Elke mus denkt dat haar jongen arenden zijn.' Toorenaar: 'Dat had een spreekwoord kunnen zijn. Het is gewoon waar! Alle ouders denken dat hun kinderen speciaal zijn.' En wat te denken van deze: 'Als je met één vinger naar een ander wijst, wijzen er nog altijd drie naar jou.' Toorenaar: 'Het is een variant op het bijbelse 'Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen'.'

Het begon met een oproep in tijdschrift Onze Taal. Meteen kwamen er inzendingen. Na publicatie van een eerste selectie in hetzelfde blad, in april 2014, belden kranten, radio en tv, en ging de kraan open. Duizenden spreuken kwamen binnen en nog is de stroom via de mail niet opgedroogd. Het varieert van een enkel citaat tot complete schriften met foto's. Mijn moeder zei altijd is intussen aan de dertiende druk toe, er zijn al meer dan 40 duizend exemplaren van verkocht. Er staan 1.200 uitspraken in die Torenaar de moeite waard vond, voor de volgende selectie heeft hij er al bijna 600.

'Een uur is geen kakstoel'

Toorenaar, die voor zijn opdrachtgevers teksten verzon als 'Calvé Pindakaas: wie is er niet groot mee geworden?', 'De maatschappij, dat ben jij' en 'NRC Handelsblad. Slijpsteen voor de geest', weet wel waarom spreuken in familiekring zo aanslaan. 'Dit onderwerp staat erg dicht bij de mensen. Wie ik er ook over spreek, iedereen zegt: o, maar dan heb ik ook nog iets voor je. Het gaat vrijwel altijd over de relatie tussen ouders en kinderen - iets belangrijkers in het leven is nauwelijks denkbaar. Ze zijn vaak oprecht blij als een spreuk die ze insturen in een bundel verschijnt, voor hen is het een eerbetoon aan iemand uit de familie.' Uit zijn eigen omgeving viste hij 'Een uur is geen kakstoel' op; zo maakte zijn oma duidelijk dat hij moest opschieten.

Ouders die hun kinderen toespreken in een poging hen te vormen, vormen het bijna allesoverheersende thema in de uitspraken. Toorenaar noemt zijn bloemlezing niet voor niets 'het officieuze geschiedenisboekje van onze opvoeding'. Kinderen moeten niet zeuren ('Kun je er niet tegen, dan ga je er maar langs'), hun bord leegeten ('Anders vreet je je kop maar op, dan kun je buikspreken'). Moeders waarschuwen hun uitgaande dochters ('Dames, oogjes open, doosjes dicht') of zonen ('Hou je broer uit de gaten') en er zijn kanttekeningen bij het geloof ('Ik geloof wel in God, maar niet in zijn grondpersoneel').

Belgische wijsheid

Er zijn plannen om een Vlaamse versie van Mijn moeder zei altijd uit te brengen. Het idee werd geboren toen Jaap Toorenaar in een interview voor de VRT zijn collectie uitspraken toelichtte. Het is nog niet duidelijk of in dat geval veel wordt overgenomen van de Nederlandse uitgave. Radiomaker Jan Hautekiet, die in eerste aanleg optreedt als coördinator, beklemtoont dat 'alles nog in de embryonale fase verkeert'. De werktitel is voorlopig: Ons moeder zei altijd.

De selectie roept bij Toorenaar wel de vraag op hoe het komt dat de ene uitspraak wel bekend raakt en de andere de huiskamer nooit zal verlaten. Was het dan toch net niet snedig of grappig genoeg, te grof misschien? 'Het is gissen. Er is nooit onderzoek naar gedaan.'

Lang niet alles haalt de selectie. Hij zoekt niet naar de overbekende tegeltjeswijsheden zoals die van het klokje dat nergens tikt zoals thuis, maar evenmin naar louter particuliere ervaringen. 'Mijn vader had het bijvoorbeeld altijd over zijn muzelmannen als hij zijn kinderen bedoelde. Daar kun je verder niks mee.' Bijbelse uitspraken legt hij terzijde. 'Daar is al een boek van: de Bijbel zelf.' Hij probeert wel na te gaan of iets toch al breder bekend is dan de inzender vermoedt. 'Heb je geen zin, dan maak je maar zin', of 'Wat door de roeper kan, kan ook door de poeper' haalden het eerste boekje, maar blijken bij nader inzien toch in heel wat kringen gemeengoed.

Politiek incorrect

Toorenaar wil niet de zedenmeester uithangen: het mag ordinair en politiek incorrect zijn. Zoals een inzender die haar moeder van 91 citeert bij een emmer vuil water: 'Kom eens kijken, morenlullenwater'. 'Het zegt ook iets over die periode.'

Zijn de klassiekers in familiekring van alle tijden, denkt hij? 'Er zitten uitspraken bij, die moeten honderden jaren oud zijn. 'Ga met God, dan ontmoet je geen Turken' heeft niks met de allochtonen van nu te maken, maar met de Turken die in 1683 voor de poorten van Wenen stonden. Maar 'Een joint in de morgen, geeft een dag zonder zorgen' kan niet anders dan redelijk recent zijn.' Een enkele spreuk heeft het moeilijk onder voortschrijdend inzicht. Eieren gelden niet langer als potentieverhogend, maar deze werd nog wel opgetekend: 'Eitje met een zoutje, penis als een houtje.'

Als reclameman is hij soms jaloers op de vondsten. 'Volg je hart, dat klopt altijd', dat kan een slogan voor Becel zijn. Of een vader die van een biertje nipt met de woorden 'Ik giet niet, ik geniet': heel geschikt voor een speciaalbier.

Kan hij een profiel van de inzenders maken? 'Nee, ze komen uit alle lagen van de bevolking. Er waren ook hoogleraren die iets instuurden. Het zijn ook niet allemaal taalfreaks.' Eén ding is hem wel opgevallen: inzenders van buitenlandse komaf ontbreken. 'Daar moet toch ook nog veel te halen zijn.' Maar dat kan hem niet verleiden tot nog een krachtinspanning. 'Na twee bloemlezingen is het wel klaar, denk ik.'

Mijn moeder zei altijd, Jaap Toorenaar, Thomas Rap, 10 euro. Inzendingen: ouders@onzetaal.nl

Jaap Toorenaar.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.