Interview Jacob Banks

‘Een oude stem in een jong lichaam? Ik hoor het wel vaker’

Een emigratie van Nigeria naar Engeland was nodig voordat Jacob Banks (27) zichzelf zanger durfde te noemen. Nu ligt de wereld aan zijn voeten.

Jacob Banks Beeld Miles Holder

Zelfs als hij praat, hoor je meteen wat de aantrekkingskracht van zanger Jacob Banks is. Natuurlijk, zijn recentste hit Chainsmoking klinkt zo blues als blues maar kan zijn. Iets dat is opgegraven uit de zwarte aarde van de Mississippi, met een achtergrondkoortje dat alle wereldmoeheid eruit zucht, en zo nu en dan een gemeen gitaartje dat er als een zweep overheen gaat. Maar het is vooral die stem. Een bariton die in elke lettergreep warmte en doorleefdheid giet; chocolademelk en whisky. ‘Als een oude stem in een jong lichaam? Ik hoor het wel vaker.’

In de backstage van poppodium de Melkweg zegt Banks het kalm en zelfverzekerd, maar hij heeft daar ook alle reden voor. Die avond zingt de Engels-Nigeriaanse bariton voor een volle zaal. Net als in al die andere zalen die hij de afgelopen maanden heeft uitverkocht. Na talloze open mics mocht hij in 2011, als eerste pop-act zonder een platencontract op zak, spelen bij BBC Radio 1. Een jaar later werd hij getekend. De single Chainsmoking van de ep The Boy Who Cried Freedom werd 3FM Megahit.

Pin hem niet vast op het bluesy karakter van Chainsmoking. Banks, die sinds 2004 in Engeland woont, is van veel markten thuis. Zijn twee ep’s het debuutalbum The Village komt dit jaar uit kenmerken zich door hun mix van muzikale stijlen. Op The Monologue (2013) komt Banks’ soulvolle kant tot zijn recht, her en der ondersteund met elektronica. Op The Paradox (2015) wordt die soul geflankeerd door traditionele Afrikaanse percussie.

Hij zegt dat de muziek die hij maakt bewust een afspiegeling is van alles dat hij luistert: van oude blues tot hippe grime. ‘Ik ben een Afrikaanse man die in Engeland is opgegroeid. Dát is mijn muzikale invloed. ’

Op The Village zal hij meer van zijn afroroots blootgeven en ook reggae zal de revue passeren. De titel verwijst naar het spreekwoord it takes a village to raise a child. Wat zoveel betekent als: bij het opvoeden van kinderen zijn niet alleen mama en papa betrokken, maar ook het dorp, de gemeenschap, alle mensen in de directe omgeving.

Banks: ‘Ik heb na mijn emigratie van Nigeria naar Engeland deel uitgemaakt van uiteenlopende gemeenschappen. Het heeft mijn leven verrijkt. Ik wil dat op The Village vieren met een mengelmoes aan stijlen. Ik zie het als een uitdaging om dat zowel vertrouwd als nieuw te laten klinken. Het is magisch als mensen iets voor het eerst horen en zeggen: ‘Wauw, ik wist niet dat het zou werken.’

Dat heeft ook te maken met zijn rotsvaste geloof in de progressie van muziek, en muzikanten die grenzen verleggen.‘Wist je dat Kanye West als eerste rapper autotune gebruikte? En mensen konden er helemaal niets mee? Nu gebruikt iedereen in hiphop autotune. Zoiets wil ik ook doen. Ik wil de perceptie van wat in popmuziek kan veranderen. Niet zozeer om als pionier te worden gezien, maar ik wil deel uitmaken van de geschiedenis van popmuziek. Als iemand die heeft bijgedragen aan de ontwikkeling ervan.’

En zoals zijn muzikale bronnen te horen zijn in de muziek, zo zijn de teksten de weerslag van zijn persoonlijke ervaringen. Op momenten dat hij door iets gegrepen wordt, spreekt Banks een memo aan zichzelf in op zijn telefoon en verwerkt dat later in een liedtekst.

De videoclip bij zijn nummer Unknown (To You) is door Banks zelf geregisseerd. Een schets van een vader en zoon die, getuige de zwijgende blikken over en weer, een moeizame relatie hebben. In hoeverre is dat een afspiegeling van zijn eigen situatie?

‘Ik vind het interessant dat je hier meteen een vader en zoon in ziet. Dat wordt in de video nergens geëxpliciteerd. Maar iedereen die de video ziet, trekt meteen die conclusie. Het is iets universeels.’

Dat Jacob Banks persoonlijke ervaringen in zijn werk stopt, blijkt ook uit de titel van zijn ep The Boy Who Cried Freedom. Zijn vorige ep’s had hij uitgebracht op Atlantic, maar hij voelde zich ondergewaardeerd en belemmerd in zijn artistieke vrijheid. Bij een luistersessie vonden vertegenwoordigers van het label het materiaal onder de maat. Hierop liet hij weten zo snel mogelijk weg te willen. Eenmaal getekend door Universal vierde hij zijn herwonnen vrijheid met de eerdergenoemde ep.

Vooruit, de verhalenverteller geeft toe dat het ook gerelateerd is aan zijn eigen leven: de onvrede bij zijn ouders toen hij voor een carrière in de muziek koos. Tijdens zijn jongensjaren in Nigeria was muziek iets dat zich op de achtergrond afspeelde. ‘Je hoorde het vooral in cartoons en films. Ik had de emotionele kracht van muziek nog niet ontdekt en mijn ouders hebben nooit expressie van welke aard dan ook aangemoedigd. Als je deel uitmaakte van de stedelijke elite, streefde je niet naar een bestaan als muzikant. Er werd een beetje op neergekeken. Ik kan me herinneren dat er op feestjes muzikanten de tafeltjes langsliepen en tegen betaling je naam verwerkten in hun liedjes. Niemand was er echt blij mee. De houding was eerder: ‘Oh god, daar heb je ze weer. Laten we ze maar wat geld geven.’’

Er was een omslagpunt. Als 10-jarig jongetje hij betoverd door flarden van muziek, die bij de familie Banks over de schutting naar binnen waaiden. Maar het liedje dat hem aangreep was al afgelopen toen hij bij de buren aanbelde om te vragen wat hij nou had gehoord. Hij prentte de melodie zo goed mogelijk in zijn hoofd.

Pas op zijn 14de, een jaar nadat de familie Banks naar Birmingham was verhuisd, vond hij al voorzingendin een platenzaak All My Life van het r&b-duo K-Ci & Jojo. Het was een van de vroegste geluksmomenten in zijn nieuwe woonplaats en de kiem voor zijn muzikale ontwikkeling.

Die studie civiele techniek, die hem moest voorbereiden op een degelijke carrière, uitgestippeld door zijn ouders, bleek hem toch niet te bevredigen. Met hulp van instructiefilmpjes op YouTube leerde Banks zichzelf gitaarspelen en zingen.

‘Pas rond mijn 20ste werd ik echt verliefd op muziek, maar niet met het idee om professioneel muzikant te worden. Ik deed vanaf 2010 wel open podia aan, omdat mijn vrienden me daartoe aanspoorden, en ik nam mijn eigen liedjes op.’

Wat de doorslag gaf, was de dood van zijn beste vriend. ‘Degene die me het meest op zat te jutten om iets serieus met mijn muziek te doen. Hij overleed op 21-jarige leeftijd. Ik dacht, als de meest fantastische persoon die ik ken al zo vroeg door God wordt geroepen, kan ik het er maar beter op wagen voordat het mijn tijd is.’ Hij pauzeert. ‘Ik heb voor het eerst voor publiek gespeeld op zijn begrafenis.’

In het laatste jaar van zijn studie pakte hij zijn boeltje bij elkaar, vertelde zijn ouders dat hij professioneel muzikant ging worden en vertrok naar Londen.

Ja natuurlijk, nu zijn ze trots op hun zoon. ‘Maar een carrière als artiest was toen echt geen optie. Je moet begrijpen dat mijn achtergrond erg Afrikaans is. Mijn ouders groeiden op in een wereld waarin een opleiding een garantie was voor succes. Het heeft lang geduurd voordat ik begreep dat dat een totaal andere tijd was. Mijn vader heeft gevochten om naar school te kunnen gaan, omdat zijn vader op zijn beurt niet geloofde in een opleiding. Hij was van een generatie die automatisch boer werd, omdat je toen alleen daarmee je geld kon verdienen. Iedere generatie houdt zo vast aan zijn eigen waarheden.’

Hij heeft het achter zich gelaten. ‘Ik weet dat het als een cliché klinkt, maar liedjes schrijven werkt voor mij therapeutisch. Als ik het in een nummer heb gegoten, heeft het mijn lichaam verlaten en leeft het zijn eigen leven als nummer drie of vijf op het album. Zo krijgen anderen die dezelfde nare ervaringen hebben gehad misschien het idee dat ze niet de enige op de wereld zijn. Ik zie het als mijn taak dat soort verhalen te vertellen aan een publiek, en probeer zo met mijn muziek goed gezelschap te bieden.’

Jacob Banks

 zaterdag 12.45-13.45 uur, Bravo.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.