Een Afrikaans printje 'lenen' voor een jurk van de Zara: is dat ok?

Leuk, zo'n exotische print op de catwalk, maar van wie is het origineel en wie verdient er vet veel geld mee? Culturele diefstal in de mode, soms ontploft internet van woede over die westerse arrogantie.

Beeld Sasa Ostaja

'Beste westerse modehuizen. Stop alsjeblieft met het overnemen en claimen van kleding die Afrikaanse mensen al jaren dragen om die tegen belachelijk hoge prijzen te verkopen.

Dank jullie wel.'

Dit schreef de Amerikaanse journalist Damola Durosomo op haar blog OkayAfrica, waarin ze de Britse modeontwerper Stella McCartney beschuldigde van 'modekolonialisme'. De aanleiding? De lentemodecollectie voor 2018 die McCartney presenteerde tijdens de Fashion Week Parijs. McCartney werkt samen met stoffenfabrikant Vlisco, een Nederlands bedrijf dat al ruim honderdvijftig jaar imitatiebatik ('Dutch wax prints') maakt voor de Afrikaanse markt. Het resultaat waren jurken en blouses in dessins die volgens critici veel leken op de jurken die West-Afrikaanse vrouwen in huis dragen, maar dan stukken duurder. Terwijl er in haar shows maar één zwart model meeliep.

Durosomo kreeg veel bijval. 'Stella McCartney doet iets typisch Brits: stelen van Afrikanen', betoogde schrijver en activist Kuchenga in onlinemagazine Wear Your Voice. 'Waar blijven de credits voor Afrikaanse ontwerpers?', zei iemand anders op Twitter.

McCartney is niet de enige ontwerper die wordt beschuldigd van diefstal. De laatste jaren wordt het ene na het andere modehuis op het matje geroepen door wat je de 'culturele toe-eigeningspolitie' zou kunnen noemen. Culturele toe-eigening (cultural appropriation) wil zeggen dat een dominante groep - denk wit, rijk, man of een combinatie daarvan - een of meer elementen overneemt van een minder machtige etnische of culturele groep; het kan gaan om een woord, haarcoupe, kledingstuk of -stijl. In tijden van heftige identiteitsdiscussies breekt er vervolgens soms een een ware cultuuroorlog uit waarin de 'dieven' verongelijkt brullen: 'We mogen ook niks meer', en 'gedupeerden' boos terugschreeuwen: 'Jullie pakken ook alles van ons af!'

Zo'n clash was er bijvoorbeeld toen de Spaanse modeketen Zara eind januari een geruite, halflange rok op de markt bracht die sprekend lijkt op de soort sarong die arme Aziatische boeren dragen. Enerzijds kun je denken: leuk, Zara laat zich inspireren door andere culturen. Maar critici zien iets heel anders: een westers modehuis dat arme mensen uitbuit. Want Zara verkoopt de rok voor 60 euro, terwijl zo'n goedkoop geproduceerde rok op de markten in Azië niet meer dan 2 euro zou mogen kosten. Een twitteraar reageerde: 'Ze hebben vast inspiratie opgedaan bij hun onderbetaalde fabrieksarbeiders in Bangladesh'.

De kritiek van culturele toe-eigening is overigens niet echt nieuw, ook in de jaren negentig werd het al als problematisch gezien. Toen Versace een jurk maakte met veiligheidsspelden reageerde de toenmalige punkbeweging gestoken. Het werd bepaald niet gewaardeerd dat een modehuis commercieel aan de haal ging met hun - juist maatschappijkritische - esthetiek.

Maar waar Versace werd beschuldigd van het jatten uit een subcultuur, lopen de gemoederen nu hoog op als er iets wordt gekopieerd van etnische groepen, beter gezegd: wanneer westerse bedrijven dat doen. Zodra een modeontwerper een misstap begaat, zorgen de sociale media ervoor dat dit nieuws zich razendsnel verspreidt. Vaak wordt op Twitter, Instagram of Facebook zoveel kritiek geleverd, dat een ontwerper zich gedwongen voelt zijn of haar excuses publiekelijk aan te bieden.

En wat als een ontwerper de appropriation juist bedoelt als eerbetoon? Dat doet er niet toe, stelt Anneke Smelik, hoogleraar Culturele wetenschappen aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. 'Culturele toe-eigening gebeurt bijna altijd uit waardering: omdat iemand iets mooi of bijzonder vindt, wordt het overgenomen.' Critici zien echter niet de goede intenties, maar vooral westerse dominantie waaruit zulk gedrag voortspruit. Het individuele 'jatten' wordt in een historisch perspectief geplaatst waarin de 'machtigen' zich naar believen culturele uitingen toe-eigenen of kopiëren, zonder enig benul van of respect voor de betekenis ervan voor de minder machtige, onderdrukte of minderheidsgroep.

Wat mag en niet mag, luistert nauw. Zo kan een ster als Madonna, van huis uit katholiek, zonder problemen een rozenkrans dragen, maar géén nikab. In het eerste geval pakt ze iets uit haar eigen religie, in het tweede uit die van een ander - en dan moet je oppassen. Madonna kan ook gewoon een hoofddoek omdoen als ze dat mooi vindt, niemand die haar daarover lastig zal vallen. Maar o wee als een moslima dezelfde doek omknoopt; die loopt het risico erom gediscrimineerd te worden. En dat voelt krom: de een de lusten, de ander de lasten.

Wat ook steekt bij culturele toe-eigening is dat er niet alleen iets wordt 'gestolen', maar daarnaast commercieel uitgebuit. Zo levert de Zara-rok het bedrijf veel geld op, terwijl de Aziatische sarongdragers er geen stuiver van terugzien. Dat wringt - hoe goed misschien ook de bedoelingen waren.

Niettemin is culturele toe-eigening een lastige kwestie. Neem Stella McCartney: was het beter geweest als ze alleen Afrikaanse modellen haar kleding had laten showen, omdat ze daarmee de roots van de stoffen zou hebben erkend? Waarschijnlijk niet. Dikke kans dat ze dan zou worden beschuldigd van 'etnische stereotypering': alsof zwarte vrouwen zich alleen kleden in Afrikaanse prints.

Daar komt nog bij dat culturele toe-eigening uitgaat van de 'puurheid' van culturen, terwijl het vaak helemaal niet zo duidelijk is waar iets vandaan komt. Ook bij de stoffen van textiel-fabrikant Vlisco ligt het ingewikkeld. Die zijn namelijk geïnspireerd op Indonesische batikprints; Nederland heeft al sinds de VOC-tijd contact met Indonesië. Vlisco vond lang geleden een manier uit om batikstoffen machinaal te produceren en wilde die weer verkopen in toenmalig Nederlands-Indië. Maar daar rukte net de concurrentie op en vonden ze geen aftrek. Het was door de terugkeer van Afrikaanse KNIL-soldaten (die waren ingezet in Nederlands-Indië) dat de 'namaakbatik' stomtoevallig in Ghana belandde. De stoffen werden er snel populair en worden - en in Nigeria en Congo - tot op de dag van vandaag verkocht als 'Dutch wax prints'. Wie Stella McCartney dus cultureel jatten verwijt, moet beseffen dat ze eerder uit Azië heeft gepikt dan uit Afrika.

Welk gedrag onder culturele toe-eigening valt, is dus niet zo eenvoudig te bepalen. Maar wat anno 2018 in elk geval echt niet meer kan, is de aankondiging van een kinderfeest met als thema 'cowboys en indianen', waarbij achteloos wordt voorbijgegaan aan de genocide op de inheemse Amerikaanse bevolking - iets wat een Utrechts muziekcentrum onlangs, tot eigen afgrijzen, overkwam.

Een werknemer in de Vliscofabriek.

In plaats van met afschuw en woede te reageren op zulke misstappen, is de nieuwste trend om als minderheid in actie te komen. En dan zakelijk, zoals de Afrikaanse Masai recentelijk deden. Nadat hun rood met blauwe ruit klakkeloos was overgenomen door Louis Vuitton, Calvin Klein en Ralph Lauren, schakelden ze afgelopen januari een advocaat in om hun royalty's op te eisen. Advocaat Ron Layton tegen The Financial Times hierover: 'Als iemand Taylor Swifts foto zou gebruiken, zou ze ook 5 procent van de opbrengst krijgen.'

Hoofdtooi

Victoria's Secret 2012 en Britse Elle 2014

In 2012 stuurde lingeriegigant Victoria's Secret model Karlie Kloss de catwalk op in een look die het beste kan worden omschreven als 'sexy Indiaan'. Kloss droeg een piepkleine bikini met franjes, turkooizen sieraden en een gigantische wit met rode verentooi.

Voor Amerikaans inheemse stammen is het dragen van een tooi een spirituele gebeurtenis: elke veer is verdiend. Pas op het moment dat een man genoeg veren heeft verdiend wordt er een tooi van gemaakt, die bij ceremonies wordt gedragen. Kortom, niet iets dat je zomaar opzet omdat het er mooi uitziet. Feministisch blog Jezebel kopte dan ook: 'De racistische rotzooi van Victoria's Secret vráágt gewoon om een boycot.'

Ook toen rapper en muziekproducent Pharrell Williams in juli 2014 op de cover van de Britse Elle stond met een verentooi op zijn hoofd, viel heel internet over hem heen. Twitteraars reageerden dat het hoofddeksel 'respectloos' was, dat inheemse kledingstukken 'geen accessoires zijn' en gebruikten massaal de hashtag #NotHappy - een verwijzing naar Pharrell's megahit Happy. Pharrell en Elle boden hun excuses aan. Ook Victoria's Secret verontschuldigde zich en toen de Victoria's Secret-show op televisie kwam, was het loopje van Kloss eruit geknipt.

Beeld ELLE

Sub-Sahara afrika

Valentino 2016 en Mango 2016

Voor de lentecollectie van 2016 koos Valentino een wel heel omstreden thema: 'wild, tribal Africa'. Terwijl de soundtrack van de film Out of Africa klonk, liepen de - voor het merendeel witte - modellen naar buiten in kleren met etnische prints, vlechtjes in het haar en sieraden van bot, kralen en veren. De bijbehorende campagneshoot in een Keniaans safaripark werd niet gedaan door een modefotograaf maar door Steve McCurry - fotograaf bij National Geographic. De achterliggende boodschap? De schoonheid van Afrikaanse culturen benadrukken in een tijd van migratie. Het is een dun lijntje tussen cultural appreciation en cultural appropriation, blijkt uit de vloedgolf van kritiek die Valentino over zich heen kreeg. De show zou met het stammenthema inspelen op clichés over Afrika.

Mango kreeg een soortgelijk kritiek te verduren toen het in 2016 de collectie 'Tribal Spirit' maakte. De kleren waren geïnspireerd op de Afrikaanse savanne en bevatten veel franjes, zandkleuren en leer. Campagnemodel was de witte Kendall Jenner.

Beeld team peter stigter

Chola streetstyle

Givenchy 2015

Voor zijn herfstshow van 2015 was de ontwerper van Givenchy, Ricardo Tisci, geïnspireerd door chola's: latina-vrouwen met zware make-up en een herkenbare streetstylelook. Denk aan grote, gouden oorringen, neuspiercings, baggy spijkerbroeken met korte strakke topjes erboven en een geruite houthakkersblouse en gevlochten of getoupeerde haren, waarbij de zwarte babyharen met gel in krulletjes op het voorhoofd zijn geplakt.

Ook Tisci gaf zijn modellen opzichtige gezichtspiercings en plakte de haren van zijn modellen op hun voorhoofd vast. Lastig: zo'n driekwart van de modellen was wit.

Tisci zelf zag het bezwaar niet; hij betoogde dat het mooie aan mode is dat dingen die op straat gedragen worden opeens high fashion kunnen worden. Critici vonden dit juist een deel van het probleem, want waar zwarte en latina-vrouwen met een chola-stijl vaak doorgaan voor 'ghetto', is het bij witte vrouwen op de catwalk opeens 'chic'.

Beeld team peter stigter

Dreadlocks en cornrows

Marc Jacobs 2016

In september 2016 sloot Marc Jacobs de New York Fashion Week af met een extravagante show vol satijnen hotpants, metallic slangenleren jasjes en hoge sixtiesplateauzolen. Sommige mensen hadden echter alleen oog voor wat de modellen op hun hoofd droegen: een grote knot van pastelkleurige dreads.

Woedende twitteraars schreven dat dreadlocks cultureel erfgoed zijn van de Afro-Amerikaanse gemeenschap en dat het ongepast is dat Jacobs zijn witte modellen deze haardracht geeft.

Jacobs reageerde in eerste instantie door te zeggen dat hij 'geen ras ziet, alleen mensen', maar gooide daarmee juist olie op het vuur. 'Door te zeggen dat je geen kleur ziet, ontken je racisme als probleem', zei iemand op Twitter. Een ander schreef: 'Als je geen kleur ziet, waarom zijn al je modellen dan wit?' Een jaar later excuseerde Jacobs zich opnieuw, ditmaal op Instagram, door te zeggen dat het inderdaad ongevoelig van hem was: 'Ik zie wel kleur maar ik discrimineer NIET. DAT IS EEN FEIT!'

Het was niet de eerste keer dat een haarstijl onder vuur kwam te liggen. In 2015 droegen de modellen in de show van Jacobs 'bantuknotjes' (meerdere kleine knotjes op het hoofd) en hadden de modellen bij Valentino 'cornrows' (ingevlochten vlechtjes). Critici stellen dat mensen van kleur met deze haardracht vaak gestigmatiseerd worden, terwijl het bij witte vrouwen als cool wordt gezien.

Beeld team peter stigter

Japanse geisha

US Vogue en Karlie Kloss 2017

Toen de Amerikaanse Vogue in maart 2017 een 'diversiteitsnummer' uitbracht, waren de reacties in eerste instantie lovend. 'Vogue begrijpt het eindelijk!', aldus website Fashionista.com, doelend op de cover waarop modellen stonden in allerlei huidskleuren en lichaamstypen.

Helaas, binnenin stond een fotoserie met het blonde model Karlie Kloss, als geisha. Kloss had een wit geschminkt gezicht en een zwarte pruik op. Gekleed in zijden gewaden voerde ze 'Aziatische' handelingen uit, zoals kersenbloesem plukken, langs een tempel lopen en vechten met een sumoworstelaar. Op het blog Angry Asian Man stond dat het 'yellow-face' was als witte mensen zich 'verkleden' als Aziatisch en daarmee de cultuur belachelijk maken. 'Vogue schetst een wittemensenversie van Japan, een ouderwets, oriëntalistisch en stereotiep beeld.' Kloss bood op Twitter haar excuses aan: 'Het spijt me dat ik deelnam aan een shoot die niet cultureel sensitief was', schreef ze. 'In de toekomst zal ik alleen deelnemen aan projecten die vrouwen inspireren.'

Beeld Vogue

Arafatsjaal

Balenciaga en Urban Outfitters 2007, Topshop 2017

De keffiyeh, ook wel de Arafatsjaal, is oorspronkelijk een doek die Arabische mannen beschermde tegen kou, stof, zon en zand. In de jaren dertig van de vorige eeuw veranderde de betekenis en werd het een symbool van het Palestijnse verzet. Ook in het Westen werd de sjaal gedragen, uit solidariteit. Niet bepaald een mode-item, dus.

De verontwaardiging was dan ook groot toen Balenciaga in 2007 de sjaal omknoopte bij modellen die de 'Travellers'-collectie showden. Niet veel later ging modeketen Urban Outfitters ze verkopen als 'anti-oorlogsjaals', in meerdere kleuren en voor 20 dollar. Na heftige kritiek, werden ze uit de schappen gehaald. Tien jaar later doet Topshop er een schepje bovenop en maakt er een 'scarf playsuit' van: een kort broekpakje met het herkenbare kef-fiyehpatroon. Prijs: 75 dollar.

Beeld topshop
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.