'Drie van die ouwe gasten bij elkaar en dat je dan voelt: we leren dingen'

Interview George Kooymans

George Kooymans wordt 70, maar heeft het drukker dan ooit. Met Vreemde Kostgangers en met zijn oude maten van de Earring. Aan V legt hij uit wat een Kooymans-hit typeert.

George Kooymans: `Naast Boudewijn en Henny ben ik een autodidactische pummel. Driekwart, zes achtsten, ik denk er nooit over na, werk zuiver intuïtief.` Foto Adriaan van der Ploeg.

Na een halfuurtje praten bij George Kooymans (69) aan de keukentafel, thuis in het groen bij het Vlaamse Rijkevorsel, komt het eerste tv-optreden ter sprake dat hij met Vreemde Kostgangers deed: bij De Wereld Draait Door, in september 2016. Ze deden een minuutje van Ik ben op weg, een van zijn liedjes voor de vriendenband ('supergroep', stom woord) met Boudewijn de Groot (73) en Henny Vrienten (69).

'De band was nog niet ingespeeld, we hadden het liedje nog nooit voor publiek uitgevoerd en ik ging op tv in het Nederlands zingen. Nou, toen heb ik wel even een soort van schietgebedje gedaan.'

Nerveus? Die onverstoorbare 'Kooy'?

Nederlands zingen

'Mán! Ja. Je zou denken: Nederlands, je moerstaal, gewoon zingen die hap. Maar het is echt iets heel anders dan Engels. Ik was geneigd te zingen zoals ik spreek: een beetje slordig. Tijdens de repetities wilde ik de woorden een soort coole schwung geven, zoals ik doe wanneer ik in het Engels zing. Dan zeiden Boudewijn en Henny: we verstaan je niet. Articuleren. Dictie. Daar heb ik hard op geoefend. Je hele gezicht beweegt anders.'

Tien dagen geleden stonden ze opnieuw in DWDD, om het nieuwe album Nachtwerk te promoten, het tweede Vreemde Kostgangersstudioalbum in één kalenderjaar. Weer kozen ze een Kooymanslied, met tekst van De Groot: Ik heb een hekel aan de blues. Ze mochten het bij hoge uitzondering helemaal spelen, de verenigde excellenties van de Nederpop.

'We zijn onderhand een bandje geworden. Beter ingespeeld. Nederlands zingen is niet meer zo onwennig, ik heb daar stappen in gezet. Dat vind ik dus mooi. Drie van die ouwe gasten bij elkaar en dat je dan voelt: we léren dingen, we worden hier beter in.'

Volle agenda

In maart wordt hij 70, George Kooymans uit de Haagse Zuiderparkwijk, maar zijn agenda is voller dan in heel wat jaren daarvoor. De uitverkochte theatertour van de Kostgangers duurde ruim drie maanden, Golden Earring, zijn oorspronkelijke band, deed in 2017 'gewoon' 33 optredens; het laatste van het jaar, extra lang, is zaterdag in de Ziggo Dome. In januari dendert de Earring gewoon door, van februari tot begin mei staan 34 theaterconcerten met de Kostgangers op het programma (zijn verjaardag op 11 maart viert Kooymans in De Flint in Amersfoort) en voor juni druppelen de eerste Earringdata alweer binnen.

Tussen de bedrijven door heeft hij de smaak van het liedjesschrijven ouderwets te pakken. Voor zeven songs op het eerste Kostgangersalbum en zes op Nachtwerk schreef hij de muziek.

Ze zijn fris en ademen schrijfplezier, die Vreemde Kostgangersliedjes. Kooymans verraste er veel vrienden mee, en hier en daar zelfs wat vijanden. Ze trekken geheel andere registers open dan men van Kooymans gewend was bij Golden Earring.

Ik ben op weg kon je nog een vertrouwde Kooymansrocker noemen, gevoelsmatig een hit (al werd het dat niet). Maar de nostalgische jarenvijftigvertelling De Roxy verpakte hij in fifties rock-'n-roll ('een beetje als de Tielman Brothers'). Voor het absurdistische Nat (tekst van De Groot) rolde hij een funky groove uit. Op de nieuwe plaat Nachtwerk kreeg het gedeclameerde Bang een wonderlijk soort soundscape. En dan is er nog Ik heb een hekel aan de blues.

Hij grijnst, herinnert zich de lol van het schrijven: 'Die vind ik zelf erg leuk. De tekst prikkelde me. Het moest natuurlijk een blues zijn en zo begint het ook, maar later wordt het eigenlijk een wals: in driekwartsmaat. Zesachtsten, zegt Boudewijn. Daar kibbelen we nog over.'

Kooymans door anderen

1. Bojoura: Everybody's Day (1967, #18)
2. Earth and Fire: Seasons (1970, #2)
3. Hearts of Soul: Fat Jack (1970, #18)
4. Smyle: It's Gonna Be Alright (1972, #9)
5. Anouk: Mood Indigo (1996, Alarmschijf)

Even ontsnappen uit de kooi die Earring heet? 'Zo voelt dat, maar die kooi heb ik voor een flink deel zelf gebouwd, hè. Dus ik heb er wel voor gezorgd dat het een kooi is waar ik graag in zit.'

Het verschil is: De Groot en Vrienten zijn onderlegde muzikanten. Ze volgden ooit een muziekopleiding.

'Ik zit daar als een soort autodidactische pummel naast. Driekwart, zesachtsten, ik denk er nooit over na, werk zuiver intuïtief. Bij de Earring weten we eigenlijk alle vier van niks en beuken we er gewoon op los. We leggen zo een majeur- over een mineurakkoord heen. Boudewijn en Henny willen dan hun hand weleens opsteken: dit kan helemaal niet. Het heeft zijn voordelen. Bij de Earring denken we: als het werkt, werkt het.'

Grote top 40-hits zal Nachtwerk niet opleveren, de hitlijsten komen tegenwoordig nu eenmaal anders tot stand dan vroeger. Maar hij blijft indrukwekkend, die immense rij Kooymanshits. Een bloemlezing van Earringsingles beslaat al gauw vijf cd's. En als je liedjes voor andere artiesten meerekent, haalden 29 Kooymanssongs de toptien. Vijf werden nummer één, een stuk of zes ook dikke hits in verre oorden: Radar Love en Twilight Zone in de VS, When the Lady Smiles vooral in Canada, Buddy Joe in Duitsland, Going to the Run in Rusland.

En toch, vraag hem wat een Kooymanshit nou precies een Kooymans-hit maakt en hij moet het antwoord schuldig blijven.

Tekst én muziek

1. Sound of the Screaming Day (1967, #4)
2. Dong-Dong-Di-Ki-Di-Gi- Dong (1968, #1)
3. Just a Little Bit of Peace in My Heart (1969, #2)
4. Where Will I Be (1969, #7)
5. Another 45 Miles (1969, #3)
6. Back Home (1970, #1)
7. Holy Holy Life (1971, #5)
8. She Flies on Strange Wings (1971, #4)
9. Buddy Joe (1972, #4)
10. Twilight Zone (1982, #1)

'Ik schrijf vaak vanuit fis-mineur, dat is eigenlijk het enige trucje dat ik toepas. Ik vind het een fijne toonsoort: een beetje een droevig akkoord dat mooi kleurt bij mijn zangstem, die vrij licht en poppy is. Maar verder? Twilight Zone duikt vanuit het couplet rechtstreeks het refrein in; bij Radar Love of When the Lady Smiles zit er een bridge tussen, een tussenstuk. Ik ken de formule niet.'

Op zijn 21ste had hij al tien hits geschreven. Tussen 1967 en 1977 haalden achttien Earringsingles op rij de toptien. Confronteer hem ermee en hij slaat aan het bagatelliseren. Het kenmerkt hem. Dan zegt hij dat hij Daddy, Buy Me a Girl (1966) een 'zoet gedrochtje' vindt. Dat hij 'een beetje een hekel' heeft aan Dong-Dong-Di-Ki-Di-Gi-Dong (1968), de nummer één-hit die De Groot en Vrienten graag willen proberen met Vreemde Kostgangers. Of hij zegt dat het in bepaalde perioden leek alsof de mensen alles 'toch wel kochten'.

Feit is dat hij ontzettend veel probeerde: Beatlesachtige beatliedjes, hippiepop, psychedelica, noeste hardrock, progrock, MTV-pop, rockballads, hier en daar wat experimenteels met elektronica of synthesizers. Het is spelen. De grenzen opzoeken van wat hij kan.

Back home in the Ziggo Dome

Eind 2015 sloot Golden Earring voor het eerst het jaar af met een extra lang optreden in de Ziggo Dome. Zaterdag keren ze er terug: 'Back Home in the Ziggo Dome'. Er zijn nog wat kaarten. Kooymans: 'We stoffen een paar songs af die we al dertig jaar niet hebben gespeeld.'

Teksten schrijven

'Voor de eerste Kostgangersplaat stuurde Boudewijn me Nat, een wat viezige, lekker absurde tekst, die ik meenam naar mijn vakantiehuis in Italië. Daar bedacht ik die funky groove. Ik nam het op op mijn iPhone, zong die tekst, baspartijtje erbij. En ineens dacht ik: hé, zoiets deed ik in een ouwe Earringhit als Sleepwalkin' feitelijk ook. Of in To the Hilt. Dan denk je dat je iets nieuws doet, maar kom je jezelf toch weer ergens tegen.

'Keith Richards zei ooit dat liedjes zo uit de lucht komen vallen en dat je ze alleen maar hoeft op te pakken. Nou, ik moet echt aan het werk. Maar als een tekst me inspireert, kan ik ineens de kamer uit lopen naar mijn studio en een gitaar pakken. Dan word ik echt geestdriftig en kan het snel gaan.'

Hij wil weer eens zelf teksten schrijven. Vroeger deed hij dat veel vaker. Back Home, Just a Little Bit of Peace in My Heart, Twilight Zone. Mooie, onbekende liedjes als Murdock 9-6182 of Yellow and Blue zijn hem nog altijd dierbaar, maar Barry Hay schreef gewoon betere teksten, zegt hij, en dus werd die 'spier een beetje slap'. Toch weer eens proberen, ook in het Nederlands. Een tweede album met gitarist-songwriter Frank Carillo, met wie Kooymans al veel samenwerkte, 'komt er wel eens'. Onlangs stuurde hij weer eens een liedje naar Barry Hay.

Persoonlijke favorieten 

1. Wake Up - Breakfast! (1968)
2. Murdock 9-6182 (1969)
3. Yellow and Blue (1970)
4. Silver Ships (1971)
5. Sellin' Out (1979)

'Meestal stuurt hij mij een tekst. Nu dacht ik: ik stuur hem een song, kijken waar-ie mee komt. Even een vlammetje onder zijn reet houden.'

Stoppen? Je mag ernaar vragen, hij weet dat de jaren gaan tellen, maar hij peinst er nog niet over. Zaterdag wacht de Ziggo Dome. Barry, George, Cesar en Rinus hebben geen kwalen, voelen zich sterk.

'Het is pas voorbij als je een tuin op je buik hebt', zei hij in plat Haags in een tv-documentaire over Vreemde Kostgangers. De Barry Hayvariant: 'We moeten maar afwachten wie er het eerst neergaat.'

Klinkt laconiek. Is het ook wel. Maar zo zijn ze nu eenmaal.

Vreemde Kostgangers: Nachtwerk. Universal. Live: theatertournee 14/2 t/m 6/5.

Meer over