'De Nederlandse film is een beetje snobistisch'

Richard Woolley verexcuseert zich. Zijn kantoortje is nog niet op orde. Het affiche van Part Time God, Paul Cohens documentaire, achter hem is nog opgehangen door de vorige bewoner....

In de zomer heeft het fonds, dé subsidiegever van Nederlandse filmmakers, in een oproep in de vakpers gevraagd om plannen voor komedies, romances en thrillers, of elke denkbare combinatie van deze genres.

Culturele of artistieke criteria stonden niet voorop. De intendant was vooral geïnteresseerd in voorstellen waarbij de schrijver, producent of regisseur rekening had gehouden met de amusementswaarde. 'En als iemand je spottend vraagt hoe je zo gek kunt zijn om commerciële onzin te gaan schrijven, bedenk dan hoeveel zogenaamd artistieke onzin er wel niet geschreven wordt,' gaf Woolley de Nederlandse filmwereld mee.

Woolley (51), voormalig directeur van de Nederlandse Film en Televisie Academie en de laatste twee jaar werkzaam in Hongkong, was blij met het grote aantal reacties op zijn provocerende oproep. 'Als je de ingestuurde scenario's bekijkt, zie je dat mijn boodschap duidelijk was. Iedereen heeft het begrepen', zegt hij. 'Tijdens het lezen raakte ik een beetje verslaafd, want ieder nieuw verhaal kan een potentiële winnaar zijn.'

Het Nederlandse publiek moet naar de bioscoop om Nederlandse film te zien, luidt Woolley's belangrijkste doelstelling. Hij moet de ideeën vinden die daar geschikt voor zijn.

Woolley selecteerde 22 projecten, waarvan het merendeel een bijdrage ontvangt voor het schrijven van een treatment. Over een aantal is hij zo enthousiast dat een eerste scenario-versie geschreven mag worden. Er zit van alles tussen: van psychologische thrillers tot zwarte komedies, van een historisch drama over de huwelijkscrisis tussen koningin Juliana en prins Bernard tot een kostuumdrama over Mahler, van de treinkaping in De Punt tot de Bijlmerramp.

Woolley beoordeelde alle projecten persoonlijk, zonder adviescommissies. De namen van de indieners wist hij niet, zodat hij onbevooroordeeld kon lezen. Later, toen er nog zo'n 35 projecten over waren, bekeek hij van wie de projecten afkomstig waren om na te gaan of de betrokkenen over voldoende ervaring beschikten om het gehele traject - van schrijven en herschrijven, tot aan de oplevering van een productierijp scenario - met succes te kunnen doorlopen.

'Als ik een commissie had moeten voorzitten, had ik het niet gedaan. Dan is de kans op compromissen te groot. Wat hier gebeurt is on-Nederlands. In Nederland moet alles altijd in overleg. Bij mij niet. Dit is wat ík goed vind. Alle betrokkenen weten dat ze met mij te doen hebben, en met niemand anders.'

De 1,8 miljoen gulden die hij per jaar te besteden heeft, is extra geld van het ministerie van OC & W, benadrukt Woolley. Het gaat niet ten koste van de bestaande subsidies. 'In Nederland heerste het idee dat je kunstzinnige films moest maken om geld te krijgen. Ik merk nu al dat mijn komst bevrijdend werkt. De Nederlandse film was een beetje snobistisch, en dat is aan het veranderen.

'Ik zoek naar kwaliteit, naar onderhoudende verhalen. Daar gaat het om, niet om makkelijk of moeilijk, kunstzinnig of commercieel. Ik probeer na te gaan of iets een succes kan worden, of wat er aan een plan veranderd moet worden om het toegankelijker te maken.'

Daartoe voerde Woolley gesprekken met de schrijvers van de 22 projecten, soms in aanwezigheid van de beoogde producent. 'Ik ben geen dramaturg of script-dokter. Ik heb ook geen voorwaarden gesteld; de bedoeling was om punten te vinden waar we het over eens waren. Zodat de kans op succes zo groot mogelijk wordt.'

Woolleys inbreng gaat door tot het plan productierijp is. Ook heeft hij nog 'een beetje geld' waarmee de producent op zoek kan naar financiering voor zijn film. Dat kan bij FINE, het loket dat filmmakers en particuliere investeerders samenbrengt, of in het buitenland. 'Ik ontwikkel de films niet alleen voor FINE. En FINE bemiddelt ook films die niet bij mij vandaan komen. Maar we zitten op een lijn, we willen hetzelfde.'

Op de vraag welke Nederlandse film bij hem vandaan had kunnen komen, blijft het antwoord lang uit. 'Er zijn niet veel Nederlandse films die aan mijn criteria voldoen. Dat is ook logisch. Ik zit hier immers voor iets nieuws.'

JPE

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.