‘De heilige tempel voor kunst en kunstnijverheid van weleer is niet meer.’

Wat is lezenswaardig deze week?

Het jubilerende Museumtijdschrift laat goed de revolutie in de museale wereld zien.

Het jubileumnummer van het Museumtijdschrift. Beeld RV

Tijdschriftenwet: een dik nummer wordt altijd aangeprezen als een ‘extra dik’ nummer. Dit is om de lezers niet het onaangename gevoel te geven dat het vorige nummer dun was.

Het Museumtijdschrift (30), voorheen het ‘magazine voor museumbezoekers’ Vitrine, jubileert. Tijd dus voor een extra dik jubileumnummer. Het blad doet er een special bij over de toekomst van het museum en geeft vier fraaie kunstkaarten op dik papier cadeau.

Meteen maar een puntje van kritiek: het is veel, zo alles bij elkaar, en een tikje onoverzichtelijk. Een rondleiding door het blad verloopt niet soepel. Het neemt niet weg dat het Museumtijdschrift veel te bieden heeft.

Bij een stuk over de ontwikkeling die de musea de afgelopen dertig jaar doormaakten, staat een illustratie van een oude bekende, psychiater Sigmund van Peter de Wit. Nadat hij heeft gehoord dat het door hem bezochte museum geen café heeft, ontsteekt Sigmund in woede.

‘Geen museumcafé?! Maar het hoogtepunt van elk museumbezoek is cappuccino met gebak!’ Op het laatste plaatje dwaalt Sigmund door een zaal van een museum. ‘In godsnaam dan maar een paar van die ellendige schilderijen bekijken.’

Goed punt, want het museum is ingrijpend veranderd in de afgelopen dertig jaar, schrijft kunsthistoricus en –criticus Jhim Lamoree. ‘De heilige tempel voor kunst en kunstnijverheid van weleer is niet meer.’

Het museum nu: ‘Een culturele onderneming, een merk met een unique selling point (...) om zoveel mogelijk mensen te behagen en tot herhaald bezoek aan te zetten, mede gestimuleerd door de museumkaart.’ Plus: de blockbuster, ooit verfoeid, is een blijvertje. De eindconclusie van Lamoree is dat het museum zichzelf opnieuw heeft uitgevonden.

De meeste aandacht krijgt het Gemeentemuseum (hallo Piet Mondriaan!) in Den Haag. Het is, volgens een recente enquête, het favoriete museum van de lezers van het Museumtijdschrift. Spannender wordt het in een stuk van schrijver Oek de Jong over kunstenares Marina Abramovic. 

Over een van haar performances schrijft De Jong ‘Ze kerft met een mes een bloedige ster in het vlees van haar buik, ze geselt zichzelf en strekt haar naakte lichaam uit op een kruis van ijsblokken.’

Van de dertig museumdirecteuren en kunstenaars die in het feestnummer wordt gevraagd hoe het museum er over dertig jaar uitziet, is Arnoud Odding van het Rijksmuseum Twenthe het meest pessimistisch. ‘Over dertig jaar is het museum een uitgewoond instituut.’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.