INTERVIEW

'Bang? Ik hield in gedachten dat dit Nederland was, niet Sicilië'

Interview met Bart Middelburg

Hij is al dertig jaar misdaadverslaggever van Het Parool. Bart Middelburg schreef een nieuw boek: 'De zaak van de gestolen banaan'. Wat is zijn visie op de misdaadjournalistiek?

'Als ik had geweten hoe de zaak Bruinsma zou worden, na dat allereerste stuk over hem, dan had ik het waarschijnlijk niet gepubliceerd' Beeld Ivo van der Bent

De man die de woede opwekte van 'Dominee' Klaas Bruinsma en een lange reeks andere criminelen, voelt geen opwinding meer bij de megaprocessen. 'Behoorlijk saai en eentonig', noemt Bart Middelburg (1956) ze in zijn nieuwste boek. 'Ze draaien vrijwel altijd om precies dezelfde vragen: wie is hier drugs aan het smokkelen geweest, wie heeft wie geliquideerd?'

Dus toen dacht u: kom, ik stort me op piepkleine strafzaken?

Bart Middelburg: 'Nee, zo is het niet gegaan. Ik heb dit altijd een tijdje willen doen, zaken beschrijven die de politierechter behandelt. Een stadskrant als Het Parool moet zo'n rubriek hebben, ook al gaat het vaak over miniconflicten die niets voorstellen.'

Beeld Uitgeverij de Kring

Maar u was bij Het Parool de man van de megaprocessen, van de onthullingen over zware criminelen als Klaas Bruinsma, Etienne Urka en de Hakkelaar.

'Ik heb de zware criminaliteit jaren geleden al proberen los te laten. Die megaprocessen zijn echt heel saai en slepen zich soms jarenlang voort. Dat kun je niet vergelijken met zaken bij de politierechter. Daar worden, oneerbiedig gezegd, voorstellingen opgevoerd. Dat is toch veel leuker?'

Drama's in zakformaat, noemt u de zaken in uw boek.

'De strafbare feiten stellen vaak niets voor. Er worden geen jarenlange gevangenisstraffen opgelegd, maar dat maakt het niet minder interessant.'

De titel van het boek, De zaak van de gestolen banaan, zegt het eigenlijk al. Of het verhaal van de exhibitionist in minirok met een ketting van anusballen die er voor de helft 'zwierig uitbungelen'.

'Moet je tegenaan lopen. Figuurlijk dan. Bij gebrek aan beter ben ik heel vaak zomaar een zaaltje binnen gestapt. Soms stuit je op een krankzinnig verhaal, zoals dat van die exhibitionist. Maar die dingen gebeuren ook in Amsterdam. Het is het dagelijks leven. Daar moet je als krant iets mee.'

Waarom schrijft u al ruim dertig jaar lang over misdaad?

'Ik kan daar helaas alleen maar een prozaïsch antwoord op geven. Begin jaren tachtig deed niemand het bij Het Parool. De verhalen lagen voor het oprapen, veel meer nog dan nu. Het barstte van de maatschappelijke misstanden en schandalen. De kraakbeweging radicaliseerde en voerde oorlog in de stad. De Zeedijk werd letterlijk geblokkeerd door Surinaamse junks. Er vielen per jaar vijftig tot zestig, en soms zelfs zeventig heroïne-doden en er was een wildgroei aan illegale gokhuizen. Het was logisch dat ik daar als stadsverslaggever van Het Parool in verzeild raakte.

'Ik begon met het uitmesten van illegale pensions in Amsterdam, samen met Kees Tamboer. Er waren er honderden. In die pensions werden Surinaamse gezinnen gepropt. Het waren levensgevaarlijke toestanden. We gingen erover schrijven en binnen twee jaar was het over. Ik merkte hoe leuk het is over dit soort dingen te berichten.

'Toen kreeg ik ook van alles te horen over de club van Klaas Bruinsma. Ik hoorde voor het eerst over hem van jongens uit het criminele milieu. Er loopt hier een jongen rond die al zes, zeven liquidaties op zijn naam heeft staan, zeiden ze. Ja, dan ligt het voor de hand dat je daar induikt.'

Ik had gehoopt dat u zou zeggen dat u een fascinatie voor het kwaad heeft; dat u op zoek bent naar de duistere kanten van de mens.

'Jezus. Dat zijn van die clichés. In die beginperiode speelde het wel een rol. Het was leuk en spannend om onderzoek te doen naar grote criminele groeperingen, zeker in een tijd dat politie en justitie dat nauwelijks deden. Daar zit ontegenzeglijk een element van fascinatie in. Ik viel van de ene verbazing in de andere. Van de illegale gokhallen en pensions ging ik naar een man die zes, zeven liquidaties op zijn geweten heeft.

'Ik heb ook veel geschreven over Joop de Vries. Hij had op de Oudezijds Achterburgwal zijn eigen vrijstaatje gecreëerd. Hij maakte me duidelijk dat ik ermee moest stoppen. Anders zou ik met een gaatje in mijn hoofd in de gracht eindigen. Dat is me in die periode een keer of drie, vier duidelijk gemaakt. Toen ik over die club van Bruinsma ging schrijven, was ik er dus al aan gewend.'

In het tv-programma Kijken in de ziel werd u gevraagd of u wel eens bang was. U vertelde dat Etienne Urka in 1994 een Franse huurmoordenaar had benaderd om u te vermoorden. Maar u gaf geen antwoord op de vraag. Bent u bang geweest?

'Het viel wel mee. Je weet van tevoren niet hoe op sommige stukken en onthullingen wordt gereageerd. Je kunt het voor 90 procent beredeneren. Dan weet je dat ze kwaad worden, omdat het ze geld kost; dan gaan ze procederen. Maar dan blijft er nog 10 procent over.

'Als ik had geweten hoe kwaad Bruinsma zou worden, na dat allereerste stuk over hem, dan had ik het waarschijnlijk niet gepubliceerd. Er schijnt voor mij toen zelfs al een ploegje door hem te zijn geformeerd. Als je dat weet, zet je zo'n stuk niet in de krant. Dan kan een hoofdredactie er ook geen verantwoordelijkheid voor nemen. Maar bang? Ik hield in gedachten dat dit Nederland was, niet Sicilië.'

Er werden toch mensen geliquideerd?

'Maar geen journalisten. En geen officieren van justitie. Dat is een stapje verder. Iemand in de onderwereld die iemand iets heeft geflikt, oké. Maar mensen van politie en justitie en journalisten is echt een andere categorie. Dat hebben de mensen rondom Bruinsma hem goddank ook duidelijk gemaakt.'

Volgens uw Parool-collega Paul Vugts waren criminelen destijds niet gewend aan publiciteit. Daarom reageerden ze zo heftig.

'Er speelt nog iets anders mee. De grote criminelen uit de jaren tachtig en negentig hadden de illusie dat ze qua publiciteit alles onder controle konden houden. In deze tijd, met internet en al die media die iets aan criminaliteit doen, is dat een illusie. Dat realiseren ze zich ook.

'Ik heb een boek geschreven over de pr van de onderwereld. Alleen al uit de methodes van die jongens kon je afleiden dat ze dachten dat ze de schade konden beperken. Ze probeerden bijvoorbeeld vriendjes te worden met journalisten. Ze gingen lekker met ze eten in het Amstel Hotel, of zeilen. Die verslaggevers kregen off the record van alles te horen, maar ze konden niks opschrijven. Dat wisten ze, dan zou hij kwaad worden. Dat reguleringssysteem is door internet aan diggelen gegooid.'

Heeft u ook geluncht in het Amstel Hotel? Of gezeild?

'Nee, nee. Dat moet je niet doen, je schiet er niks mee op. Wat heeft het voor zin? Het wordt onmiddellijk duidelijk gemaakt dat alle informatie binnenskamers moet blijven. Je krijgt van alles en nog wat te horen, maar je kunt er als journalist niks mee. En je wordt voor de gek gehouden. Peter R. de Vries heeft voordat Bruinsma werd doodgeschoten een keer of dertien, veertien met hem geluncht, in het Amstel Hotel.* Tijdens die lunches is natuurlijk van alles en nog wat besproken, maar voor de dood van Bruinsma heeft De Vries niet één letter over hem gepubliceerd. Dat is dus precies hun bedoeling.'

*Reactie Peter R. de Vries

‘Dit is onzin, die Bart Middelburg blijft maar herhalen terwijl hij beter weet. Ik heb IN TOTAAL Klaas Bruinsma een keer of twaalf gezien, waaronder ook enkele tweeminutengesprekjes omdat we elkaar in de stad toevallig tegenkwamen. Ik heb zegge en schrijve twee keer met hem geluncht. Dat waren verkennende gesprekken. Ik werkte in die tijd niet bij de krant, maar was hoofdredacteur van een weekblad, Aktueel. Dat is een heel andere positie dan bij een dagblad dat nieuws brengt.’

Heeft u Bruinsma ooit ontmoet?

'We hebben elkaar één keer gezien, in de rechtszaal. Toen was wel duidelijk dat hij me kon schieten. Hij keek volkomen verwilderd uit zijn ogen. Dus jij bent die klootzak die die stukken schrijft. Vrij plompverloren, zonder aankondiging, had ik destijds dat eerste stuk over hem gepubliceerd. Dan zijn de verhoudingen zo verstoord, dat komt nooit meer goed.'

Mist u die tijd?

'Welke tijd?'

De tijd dat u in de krant grote onthullingen deed.

'Nee. Nee. Je moet ook weten dat het bol stond van de spanning. Vergis je niet. Steeds weer een kort geding tegen de krant, en niet alleen van de Bruinsma-groep. Het waren er in totaal meer dan dertig. We hebben ze vrijwel allemaal gewonnen, maar het leverde elke keer een hoop spanning op. Als je 20 of 30 bent, denk je: kom maar op. Maar na je 50ste denk je: daar gaan we weer. Het zal met mijn leeftijd te maken hebben.'

Wat vindt u van de huidige staat van de misdaadjournalistiek?

'Aanvankelijk deed alleen De Telegraaf aan misdaadverslaggeving. En dan heb ik het niet alleen over zware criminaliteit. Een prostituee die werd vermoord op de Wallen was voor De Telegraaf gefundenes Fressen, daar gingen ze eindeloos over door. Als het bloed er maar vanaf droop. Andere kranten deden niets aan misdaad.

'Ik ging het in de jaren tachtig doen. Pas later, na de IRT-affaire, hebben ook NRC Handelsblad en de Volkskrant zich op de misdaad gestort. Voor die tijd vonden ze het waarschijnlijk ordinair. Het zou mensen maar op slechte ideeën brengen. De IRT-affaire maakte duidelijk hoezeer zware criminaliteit was ingevreten in de maatschappij; in de bovenwereld, en zelfs bij justitie. Daarnaast is criminaliteit amusement geworden.'

Bart Middelburg: 'Bang? Ik hield in gedachten dat dit Nederland was, niet Sicilië.' Beeld Ivo van der Bent

Op tv vooral, toch?

'Ook. Kijk naar RTL Boulevard, met het misdaadhoekje met Bram Moszkowicz. Of kijk met wat er met Holleeder gebeurde na zijn vrijlating. Hij werd een nationale held. Iedereen, ook columnisten bij ons, moest en zou iets met Holleeder doen. En Holleeder vertelde niks. Geen ruk. Maar iedereen wilde met hem theedrinken. Ja, dan wordt zware criminaliteit amusement. Dat was in de jaren tachtig ondenkbaar.'

Wat dacht u, toen Holleeder door de media werd bestormd?

'Ik vond het volkomen onbegrijpelijk.'

De zaak van de gestolen banaan, uitgeverij De Kring, 14,95 euro.

CV

1956 Geboren in Purmerend
1976 Leerling-journalist Nieuwe Noordhollandse Courant/Noord-Amsterdammer
1980 Verslaggever Het Parool
1988 Schrijft eerste van elf boeken, De maffia in Amsterdam
1992 De dominee: opkomst en ondergang van mafiabaas Klaas Bruinsma
2002 Prijs voor de Dagbladjournalistiek
2004 Verfilming De Dominee door Gerrard Verhage
2014 De zaak van de gestolen banaan - dagelijks leed bij de politierechter

De VPRO maakt momenteel een driedelige tv-serie die is gebaseerd op een boek, Riphagen, dat Middelburg met René ter Steege schreef over de Amsterdamse onderwereld in de oorlog.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.