'Als talentvol heb ik mezelf nooit beschouwd'

Talent van 2015: schrijver Thomas Heerma van Voss

Hij is 24 jaar, debuteerde vijf jaar geleden met De Allestafel en schreef sindsdien nog twee boeken. Nu is Thomas Heerma van Voss ( 85 punten) literair talent van 2015. Waarom? De Volkskrant vroeg het hem zelf.

Thomas Heerma van Voss: `Ik voelde me als een lifter die langs een weg stond waar geen auto's meer reden.' Beeld Elza Jo

Er is mij door deze krant gevraagd 'ongegeneerd te betogen' waarom ik tot 'literair talent van 2015' ben gekozen. Nu betwijfel ik ten eerste of dat een interessante vraag is: voor zover er al een antwoord kan worden gegeven, staat dat hopelijk in het werk dat ik heb geschreven, niet in stukjes als deze. Ten tweede lijkt het me sterk dat ik de geschikte persoon ben om die vraag te beantwoorden. Hoe kan ik nu verklaren dat een mij onbekende jury van mensen uit het vak mij hierbij kennelijk gunstig gezind is? Of verwacht men dat ik deze 800 woorden gebruik om mezelf aan te prijzen en hier als veredelde marktkoopman mijn werk aan de man breng?

Op het competitieve element dat men in literatuur aanbrengt, bijvoorbeeld door middel van de langdurige aanloop naar prijsuitreikingen, valt om evidente redenen van alles aan te merken, en waarom deze vooruitblik voor 2015 gepresenteerd moet worden in de vorm van een topdrie is me ook onduidelijk. Los daarvan heb ik moeite met het woord talent. Laat er geen twijfel over bestaan: het heeft een vleiende kant, zo'n uitverkiezing als deze, evenals de gedachte dat mijn naam is komen bovendrijven uit de vele, zich regelmatig met veel aplomb presenterende auteurs uit mijn leeftijdscategorie. Toch lees ik in het woord talent ook altijd een opdracht, vooral nu het gaat om een jaar dat nog moet aanbreken. Alsof ik tot nu toe vooral heb meegedaan in een beloftecompetitie, alsof ik bij de warming-up enthousiast was, maar het nu echt moet laten zien.

Alle auteurs die ik echt hoog heb zitten, heb ik nooit als een talent gezien, maar gewoon als volwaardig schrijver, iemand die op het hoogste niveau meedoet.

Tweede plaats

Merijn de Boer - 69 punten

Merijn de Boer (1982), redacteur bij uitgeverij Van Oorschot, is de verrassende runner-up van deze verkiezing.

Zijn twee gepubliceerde boeken zijn niet besproken in de Volkskrant. In 2011 debuteerde De Boer met de verhalenbundel Nestvlieders (Meulenhoff), waarvoor hij de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs kreeg. Begin dit jaar verscheen bij Querido zijn debuutroman De nacht; de titel (en de naam van personage Lidia) verwijst naar La notte van Antonioni.

In De nacht (longlist AKO Literatuurprijs) maakt verteller Marcel een reis met Lidia naar een tropisch eiland, ter ere van hun tienjarige relatie. Daar raken ze in gesprek met een Nederlands echtpaar, waar ze de rest van hun reis niet meer van afkomen. De roman ademt bevreemding: Marcel praat met een archaïsch, gewild erudiet toontje (zijn kat, of liever 'salonleeuw', heet Poesjkin, hij gebruikt woorden als 'gezwind') en lijkt een en al beschaving, maar langzaamaan wordt zijn duistere, onbetrouwbare kant getoond.
Door: Persis Bekkering

Merijn de Boer Beeld Bart Koetsier

Nu ja, ik ben 24, dat schijnt jong te zijn, zeker binnen de literaire wereld. Anderzijds: ik debuteerde vijf jaar geleden en onlangs is mijn derde boek verschenen. Met hoeveel boeken kan iemand nog tot de talenten gerekend worden? Wanneer krijgt het iets beschamends? In de sportwereld spreekt men weleens van eeuwige talenten. In de literatuur hebben ze daar doorgaans chiquere benamingen voor, waarmee mijn redacteur mij tot mijn schrik ook al een enkele keer heeft aangesproken: 'oeuvrebouwer' is zo'n term, of een 'writer's writer', wat dat ook precies mag betekenen.

Als talentvol heb ik mezelf eigenlijk nooit beschouwd. Eerder als iets gedisciplineerder dan de meesten, en meer gesteld op afzondering. Mijn middelbareschooltijd stond in het teken van volhouden. Zwijgend zat ik achter in de klas, mijn blik omlaag gericht opdat docenten me niet zouden aanspreken. Voor proefwerken leerde ik niet omdat ik nieuwsgierig was naar de lesstof, maar omdat ik angstig was het laagste cijfer van de klas te halen. Op mijn 18de had ik het geluk dat een redactrice mijn eerste fictieverhaal meteen de moeite waard vond. Ik woonde toentertijd in Londen en de redactrice vloog tot mijn verbazing direct naar me toe. We hadden een aangename middag, we aten broodjes kip in het British Museum en aan het einde van de dag zei ze: 'Jouw debuut wil ik uitgeven.' Achteraf bleek dit meteen een van de meest vruchtbare ontmoetingen die we ooit hadden - laten de redactrice en ik de schuld daaraan delen. Nadat mijn debuut was verschenen, sprak ik haar in elk geval amper nog en een tijdje vroeg ik me af: waarom zou ik nog een boek schrijven, kan ik dat eigenlijk wel, wie wil dat nog publiceren?

Derde plaats

Nina Polak - 54 punten

Nina Polak (1986) was al bekend van Propria Cures, De Groene Amsterdammer en De Correspondent.

Maar met haar debuutroman We zullen niet te pletter slaan (Prometheus) heeft ze bij een groter publiek naam gemaakt. In de openingsalinea laat ze direct de grote kwaliteit van dit boek zien, met zelfverzekerde typeringen die haaks staan op de wankele zekerheden van haar personages: 'Wie er precies wie in de steek liet, was niet helder, maar het verlaten verliep vlekkeloos'. Twee lesbiennes die het samen hebben geprobeerd, zien hun relatie stranden. Beiden hebben ze een kind, de pubers Anna Katz en Cornelis Schardijn, die bemerken dat het niet vanzelf gaat om je aan iets of iemand te hechten. Gezien hun leeftijd en gevoel voor humor kan de beschermende titel van de roman (een citaat van de Engelse romantische dichter Wordsworth) méér zijn dan een wensgedachte.
Door: Arjan Peters

Nina Polak Beeld Sacha de Boer

Nee, ik voelde me geen talent, ik voelde me eerder ontheemd in een wereld waar ik bijna niemand kende, als een lifter die langs een weg stond waar geen auto's meer reden.

Het is een geruststellende gedachte dat inmiddels niet iedereen mij zo ziet.

Ik zou nog iets kunnen schrijven over druk of het idee dat ik nu moet gaan presteren. Maar die druk voel ik eerlijk gezegd ook al als ik een boekencontract teken of zelfs maar de eerste zinnen van een verhaal bedenk.

En verder, wat betreft deze 'uitverkiezing'? Ik zie ernaar uit dat mijn 92-jarige oma, met haar vergrootglasbril, deze Volkskrant extra lang op haar extreem fel belichte tafel zal laten liggen. En dat ze tegen iedereen die het wil horen - en ook tegen iedereen die het niet wil horen - zal zeggen dat dit haar jongste kleinzoon is.

Volgens:
Theo Hakkert (Twentsche Courant Tubantia), Daphne de Heer (SLAA), John Hermse (Recensieweb), Arjan Peters (de Volkskrant), Marja Pruis (De Groene Amsterdammer), Simone van Saarloos (nrc.next), Rob Schouten (Trouw, Vrij Nederland), Daniëlle Serdijn (de Volkskrant), Daan Stoffelsen (Revisor, Athenaeum, Recensieweb), Joost de Vries (De Groene Amsterdammer), Jeroen Vullings (Vrij Nederland), Thomas van den Bergh (De Bezige Bij), Suzanne Holtzer (De Bezige Bij), Chris Kooi (De Bezige Bij), Arend Hosman (Thomas Rap), Erik de Bruin (Thomas Rap), Jelte Nieuwenhuis (Atlas Contact), Sander Blom (Atlas Contact), Mizzi van der Pluijm (Atlas Contact), Esther Hendriks (De Arbeiderspers) Laurens Ubbink (Ambo | Anthos Uitgevers) Patricia de Groot (Querido), Josje Kraamer (Querido), Sander Knol (Xander Uitgevers), Mai Spijkers (Prometheus/Bert Bakker), Job Lisman (Prometheus/Bert Bakker), Lisanne Mathijssen (Prometheus/Bert Bakker) Willemijn Tillmans (Nijgh & Van Ditmar), Paul Brandt (Uitgeverij Brandt), Eric Visser (Uitgeverij De Geus), Ad van den Kieboom (Uitgeverij De Geus), Nele Hendrickx (Uitgeverij De Geus), Elsbeth Louis (Uitgeverij De Harmonie), Willemijn Lindhout (Uitgeverij Podium), Lolies van Grunsven (Agentschap Van Grunsven CM), Peter Rosendaal (Stichting CPNB), Aleid Truijens (de Volkskrant), Marjolijn van Heemstra (Theatermaakster, schrijfster, columniste)

Hoe is het nu met... Maartje Wortel?

'Toen ik werd uitgeroepen tot literatuurtalent 2014, moest mijn derde boek nog uitkomen. Ik vond het heel fijn, die waardering, maar was ook bang dat mijn boek extra kritisch zou worden beoordeeld. Gelukkig werd IJstijd goed ontvangen.

Mijn broer zei: 'Ik zou niet blij zijn, als ik jou was. Je kunt niet eeuwig een talent blijven. Dat betekent met andere woorden dat je nog nooit iets hebt gemaakt waarmee je je belofte hebt ingelost.' Ergens heeft hij gelijk. Ik ben nog jong, ik moet dingen proberen, ik ben nog lang niet waar ik wil zijn of kan zijn. Het is fijn dat vakgenoten in elk geval zien dat die potentie er is.

Momenteel werk ik aan een toneelstuk, mijn nieuwe verhalenbundel is bijna af. In opdracht van het Nederlands Letterenfonds schreef ik dit jaar een hoorspel. Daarvan heb ik veel geleerd. De wereld achter het personage is voor mij nog groter geworden.' (Nina Schuyffel)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.