'Als ik schrijf is het altijd stil'

Portretten van grote Nederlandse striptekenaars

Aan grote striptekenaars heeft Nederland geen gebrek. Reden voor fotograaf Bianca Sistermans een portretserie van ze te maken. Ze begon een jaar geleden met een bezoek aan de zieke Peter Pontiac, die kort daarna overleed.

Beeld Bianca Sistermans

Typex

'We fly below the critical radar', dat is een uitspraak van de Amerikaanse striptekenaar Art Spiegelman. Ik ben ontzettend gek op het medium strip, het is zo iets groots, de mogelijkheden zijn ongekend. Het is eigenlijk leuk dat niet iedereen weet dat wij Repelsteeltje heten. Dat het stripverhaal nog niet zo platgetreden is als bijvoorbeeld de film.'

Typex' werkkamer is op zolder. Een kleurige jongenskamer, waarin geen muur onbedekt is gebleven. Een wandje polaroids uit de kroeg, een serie prenten van collega Peter Pontiac, wanden vol stripalbums en cd's en een schildpad tegen het plafond. Hier tekende hij, nu eens huilend, dan weer in ademnood, de vele sterfgevallen in zijn biografie van Rembrandt. Want als een poppetje triest is moet je dat voelen. 'De aankondiging van de dood van Rembrandts vrouw Saskia kon ik bijna niet tekenen, zo in en in droevig vond ik dat.'

Typex, die een scala aan tekenstijlen beheerst, werkt staand, zes dagen in de week van twaalf uur 's middags tot vier uur 's nachts. 'Als de stad ligt te slapen voel ik mij hier de kapitein op het schip. Ik denk dat veel artiesten iets manisch hebben. Voor mij is het zon of regen. Als ik teken, denk ik wel eens: Koot, jongen, je bent nu op een hoogte, knappe jongen die ooit nog deze kant op komt lopen. De volgende dag denk ik: godverdomme, wat een ongelofelijke kutzooi heb ik ervan gemaakt.

'Als een tekening niet goed is, lig ik daar wakker van. Laatst maakte ik voor Oor een portret van Bryan Ferry, hij bleek een lastiger hoofd te hebben dan ik had voorzien, het lukte me niet de tekening te doen lijken. Inmiddels is-ie gepubliceerd en betaald en toch zit ik er elke nacht nog een half uur aan te werken, net zo lang tot-ie voor mij wel door de beugel kan.'

Typex: Ik denk dat veel artiesten iets manisch hebben Beeld Bianca Sistermans

(Raymond Koot, 1962) werkte in opdracht van het Rijksmuseum drie jaar lang aan een Typex' Rembrandt (2013), dat in meerdere talen werd vertaald en ook in het Grieks, Turks en Koreaans verschijnt. Typex wijdt zich nu aan het leven van Andy Warhol. Hij maakt illustraties voor kranten en tijdschriften en is de vaste tekenaar van muziektijdschrift Oor.

Beeld Bianca Sistermans

Peter Pontiac

Peter Pontiac overleed op 20 januari 2015. Hij was net - als eerste in deze serie - geportretteerd door fotografe Bianca Sistermans. Op dat moment werkte hij tegen de klippen op aan een graphic novel over zijn dood: Styx of de Zesplankenkoorts. Een werk dat onlangs onvoltooid is uitgegeven.

'Ik ben met het potlood in de hand geboren'. Op zijn 12de tekende Pontiac een zomervakantie lang aan een ganzenbord in Westernstijl, liggend in de woonkamer, met de billen in de lucht. Amper tien jaar later was hij dé undergroundtekenaar van Nederland. Strips vol donkere kroegen, manshoge spuiten en bloedmooie vrouwen. 'Ik heb in de tijd dat ik virieler was wel met een stijve zitten tekenen.' In het jaar 2000 kwam hij uit met een graphic novel in de vorm van een geïllustreerde brief aan zijn vader, die spoorloos verdween op Curaçao.

'Ik teken al twintig jaar met een BIC-pen, dat is zo ontzettend low profile, zo proletarisch. Ik houd niet van highbrow, de bezittende klasse, ik draai liever muziek van oude, tandeloze negers. Ik plemp mijn tekeningen vol. Fanatieke fans smullen van dat cryptische, van de hoeveelheid dingen die ik in mijn tekeningen stop.' De eerste twaalf jaar van zijn loopbaan tekende Pontiac on drugs. 'Ik heb gemerkt dat het geen fuck uitmaakt; volgespoten, stoned of broodnuchter: ik ga een wereld binnen waarin ik liefst zo lang mogelijk verblijf. Mijn thee laat ik koud worden, ik trappel met mijn voeten omdat ik moet plassen, maar ik wil me niet losrukken. Het is alsof ik door een gaatje in een kijkdoos kijk, ik ben regisseur, decorbouwer en cameraman tegelijk.'

'Ik heb veel lauweren mijn kant op zien komen. En toch: als ik iets moeilijks teken, bedenk ik eerst hoe een goede tekenaar dat zou doen. Dat beeld teken ik dan na. De laatste jaren durf ik pas toe te geven dat ík die goede tekenaar ben.'

Peter Pontiac tekende ruim twintig jaar met een BIC-balpen Beeld Bianca Sistermans

Peter Pontiac (1951-2015) putte voor zijn strips vaak uit eigen leven. Zijn graphic novel Kraut (2000) is een reconstructie van het leven van zijn vader, die spoorloos verdween op Curaçao. Pontiacs boek over de dood, Styx of de Zesplankenkoorts, werd in oktober 2015 onvoltooid uitgegeven. Zijn verzamelde stripwerk Rhythm (2011) moet een postuum vervolg krijgen met Blues.

Beeld Bianca Sistermans
Beeld Bianca Sistermans

Barbara Stok

'Traagheid is voor mij cruciaal. Niets doen. Een lege agenda. Dan beginnen de ideeën te stromen. Aan mijn strip over Vincent van Gogh heb ik drie jaar lang non-stop gewerkt. Wandelend met de hond in het bos speelde ik hele dialogen na, soms zelfs hardop.'

Een boek dat uitkomt, is voor Barbara Stok niet alleen maar feest. Een batterij interviews en steevast een keel die het begeeft. In haar autobiografische strips valt zo'n proces precies te volgen: de vreugde om het winnen van de Stripschapprijs (2009) en het uit haar voegen gerukt zijn, als twee weken later de rust is weergekeerd. Dan ligt haar alter ego stijf van de stress en trillend op de bank. Met in haar hand de Stripschapbeker. Dat wel.

'Ik teken al twintig jaar onbelangrijke dingen, die toch belangrijk zijn. Als een rode draad door al mijn boeken loopt de vraag: Wat doet er werkelijk toe?' In de verzamelbundel Lang zal ze leven passeren al die ogenschijnlijke futiliteiten de revue. Met een ontwapenende eerlijkheid en zelfspot; het gepieker over seks en vriendjes, dansen en drinken tot je erbij neer valt; je moet piesen in een struikje, maar een struikje vind je niet. Mislukte meditatiepogingen, het te lijf gaan van doodsangst, compassie met een kamerplant. Een huis, een man, een hond.

Dronkenschap verandert een oog in een krulletje of een kruisje. Losse puntjes worden ingezet bij feest en overspannenheid. Zo loopt Van Gogh met een groeiend aantal stippels de waanzin tegemoet. Als de hel losbarst staat hij met twee lege oogjes in een volledig volgestippeld decor. 'Ik noem mezelf geen striptekenaar, maar stripmaker. Ik geniet het meest van het schrijven en kan maar op één manier tekenen. Mijn kracht is, denk ik, dat ik met een paar lijntjes exact uitdrukking weet te geven aan een gevoel.'

Barbara Stok: Traagheid is voor mij cruciaal Beeld Bianca Sistermans

Barbara Stok (1970) tekent voornamelijk autobiografisch, in 2013 verscheen de verzamelbundel Lang zal ze leven. Haar strip Vincent, over Vincent van Gogh (in opdracht van het Van Gogh Museum) kwam uit in 2012 en werd in meerdere talen vertaald. Over de Groninger kunstenaar Werkman schreef zij het korte stripverhaal De Omslag (2015) en een theaterscenario. Op dit moment werkt Stok aan een nieuwe bundel autobiografische strips, die in het voorjaar van 2016 verschijnt.

Beeld Bianca Sistermans
Beeld Bianca Sistermans

Paul Faassen

Bootvluchtelingen die worden opgevangen door een groep internationale topmodellen. Een genetisch gemanipuleerde sinaasappel, die zich, in zijn nieuwe (peer-)vorm, ook prima leent voor anaal gebruik. Je zou het werk van Paul Faassen cynisch of absurd kunnen noemen, maar volgens de illustrator is het puur realisme: 'In Amsterdam-Zuid koop je hondenkoekjes, die aangeprezen worden met: 'Uw hond zou zweren dat u ze zelf gebakken heeft.' Dit is wat we om ons heen zien. Zoals ik de wereld meemaak. Absurd vind ik het wanneer iemand zonder hoofd gaat praten, of als je een los ledemaat wordt aangereikt.'

'Echt en niet echt, werkelijkheid en fictie. Dat onderscheid vind ik fascinerend. We eten biologisch dynamisch en alles moet authentiek zijn. Omwille van 'de waarheid' slaan we elkaar de koppen in. Ik zeg niet dat er geen waarheid is, die is er zeker; als iemand een kop koffie in mijn gezicht gooit, heb ik derdegraadsverbrandingen. Maar nep is soms ook behoorlijk echt. Een vlek in een tekening kan bij mij net zo goed een klodder verf zijn, als iets wat ik digitaal heb aangebracht. Mijn tekentablet heeft een drukgevoelige penseel met 2.148 drukniveaus, kom daar maar eens om met een marterharen kwast.'

'Ik teken veel na van plaatjes. Ik trek ook over. Maar je moet de kunst van het overtrekken wel verstaan. Jíj bepaalt bij elke lijn of je meegaat of er juist tegenin. Een krul in het haar kan zo uitgroeien tot een rare poef of een drol op iemands kop.'

De tekening van een bibberig omaatje en een strakgetrokken vent, is autobiografisch. 'Mijn oma had orchideeën waar ze immens trots op was. Bij ieder bezoek vroeg ze me: 'Wat vind je van die orchidee?' Zo'n jongen van 20 is natuurlijk met hele andere dingen bezig. En toch willen mensen iets met elkaar. Op het plaatje zegt de kleinzoon: 'Geile orchidee, oma.' 'Dank je jongen', antwoordt zij.'

Paul Faassen: Nep is soms behoorlijk echt Beeld Bianca Sistermans

Paul Faassen (1967) publiceerde vier boeken: Niets meer aan doen (2005), Horizonvervuiling (2009), Dieren zonder honger (2013) en 2 personen vinden dit leuk (2015). Naast illustraties voor Elle, Quote, Vrij Nederland, de VPRO Gids, Volkskrant Magazine en anderen, ontwerpt hij op dit moment de verpakking van een nieuw merk koekjes.

Beeld Bianca Sistermans
Beeld Bianca Sistermans

Joost Swarte

'Ik heb geen beroep. Alles wat ik doe is gekoppeld aan nieuwsgierigheid.' Dat Joost Swarte het leven van een striptekenaar (op de vierkante millimeter) te buiten is gegaan, valt direct op als je het station van zijn woonplaats Haarlem uitloopt. Daar vind je het Friethoes, een snackbar waarvoor hij, in ruil voor een cursus friet bakken, de huisstijl ontwierp. Niet veel verder staat de Toneelschuur, een theater van Swartes hand. Zijn heldere lijn, zijn geometrische vormen en uitgekiende kleurgebruik maken dat dit alles onmiskenbaar Swarte is.

'Ik draai de hele dag muziek. Alleen schrijven doe ik in stilte. Als mijn poppetjes praten, moet ik hun stemmetjes horen. Vroeger voerde ik voortdurend toneelstukjes op om te zien hoe een plooi viel of een elleboog naar achter wees. Ik had ook veel aan de stomme films van Buster Keaton, de man die overal buiten stond.

'Ik wil de lezer niets opdringen, ik wil hem laten ontdekken. In een van mijn tekeningen wordt de eerste auto, de T-Ford, als een God vereerd.' Midden door het verkeer gaat een katholieke processie, met in plaats van het kruis een automobiel. Een eigenwijze fietser rijdt over de daken van auto's. Hij heeft de illusie dat fietsen nog kan. 'Ik geniet ervan om dat mannetje in al zijn optimisme te tekenen en hem dan stuk te laten vallen in een plas bloed. Tijdens het kleuren zie ik hoe de rode loper en het rood van het bloed een sterke lijn door het verhaal vormen. Ik breng flow in de pagina, ja, ik smeer wel met stroop. Dat mogen de lezers hebben. Als ze dieper kijken, zien ze dat de tekening een wereld verbeeldt waarin persoonlijke keuzen niet meer mogelijk zijn. Je denkt dat je het weet, maar vaak is het anders. Dat drukt wel uit wat ik met mijn tekeningen en strips wil bereiken.'

Joost Swarte: Als mijn poppetjes praten moet ik hun stemmetjes horen Beeld Bianca Sistermans

Joost Swarte (1947) richtte in 1971 het striptijdschrift Modern Papier op, hij was initiatiefnemer van de Stripdagen Haarlem, ontwierp de Toneelschuur in Haarlem, enkele appartementen, zijn eigen atelier en verschillende glas-in-loodramen, onder andere voor de Haarlemse Bakenesserkerk. Een selectie van zijn strips werd uitgebracht in Bijna Compleet (2011) en Swarte Comics 1 en 2 (2012). Swarte tekent vaak omslagen voor tijdschriften, onder andere voor The New Yorker. Zijn werk is in meerdere talen vertaald.

Beeld Bianca Sistermans
Beeld Bianca Sistermans
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.