'Als ik met cast en crew de set op stap, ga ik het land van de vrijheid in'

Pieter Verhoeff (bijna 80) maakte voor de Japanse tv een serie over het tribunaal dat na WO II de Japanse oorlogsmisdadigers berechtte - een gevoelig onderwerp. Hij herschikte zijn materiaal ook nog tot een bioscoopfilm, die hij eigenlijk boeiender vindt. Waarom?

Marcel Hensema (links) als rechter Bert Röling, en Irrfan Khan als zijn Indiase collega Radhabinod Pal in Tokyo Trial.

Die Emmynominatie voor 'beste televisieserie' kwam voor Pieter Verhoeff nogal uit de lucht vallen. Best complexe materie immers, zijn vierdelige 'achter-de-schermen'-rechtbankdrama Tokyo Trial. Het omvangrijke project was iets volkomen nieuws geweest voor de van oorsprong Friese regisseur, die eerder met Nederlandse speelfilms als Het teken van het beest (1980), Van geluk gesproken (1987), Nynke (2001) en De brief voor de koning (2008) prijzen pakte.

'De Emmy-uitreiking was afgelopen november in New York. Daar zijn we geweest', haalt Pieter Verhoeff (79) licht geamuseerd mooie herinneringen op in filmmuseum EYE in Amsterdam. 'Al zijn de reis- en hotelkosten dan voor eigen rekening en betaal je ook nog eens 2.600 dollar per persoon om op die avond aan een ronde tafel in het Hilton te mogen zitten. Voor jullie is het promotie, zeggen ze dan. En ergens is dat ook wel zo, natuurlijk. Het Franse jihad-drama Ne m'abandonne pas won uiteindelijk, maar ik vond het bijzonder dat wij met zo'n ingewikkeld verhaal ook werden uitverkoren.'

'Drama genoeg voor vier delen'

Dat ingewikkelde verhaal speelt zich af in de nasleep van de Tweede Wereldoorlog. Naar het voorbeeld van de Neurenbergprocessen moesten 28 van oorlogsmisdaden verdachte Japanners rekenschap afleggen aan een internationaal tribunaal van elf rechters. Na bijna duizend dagen kreeg de zaak in 1948 zijn beslag: zeven doodvonnissen werden uitgesproken. De reeks volgt deze bonte groep rechters, inclusief hun wisselende afwegingen en argumentaties. Zo maakte de Indiase rechter Pal bezwaar tegen de procedures. Hij beschuldigt de westerse juristen van koloniaal denken en kritiseert de nieuwbakken 'wet misdaad tegen de vrede', die bij aanvang van de oorlog nog niet bestond. Herrie in de tent dus en juridische haarkloverij. 'Drama genoeg voor vier delen', schatte Pieter Verhoeff in. 'Een botsing tussen Oost en West.'

De miniserie werd besteld door de Japanse publieke omroep NHK. Ze wilden een 'objectieve' internationale coproductie. Eerst benaderden zij de BBC, dat liep spaak, en via producent Hans de Weers kwamen ze uit bij Pieter Verhoeff, coscenarist en regisseur. Later schoof ook Toronto aan en leverden de Canadezen een coregisseur in de persoon van Rob King. 'Grof gezegd was hij verantwoordelijk voor het cameradeel en deed ik de spelregie.'

Avontuur

Tokyo Trial vertelt een hier bijna vergeten geschiedenis. 'In Japan', weet Verhoeff, 'ligt deze kwestie nog altijd zeer gevoelig. De laatste jaren is een rechts-nationalistische regering aan het bewind. Premier Shinzo Abe heeft altijd zeer kritisch gestaan tegenover het Tokio-Tribunaal. Wij voelden wel dat omroep NKH, die een onafhankelijk beeld wilde geven, mede daarom behoorlijk benauwd was dat wij fouten zouden maken, dat we te vrij zouden omgaan met de historische feiten.'

Oeverloos gehakketak, intercontinentale vergaderingen, allerlei versies van scenario's, veel zaken lost in translation, plus een kritische Japanse delegatie op de set in Tokio en het Litouwse Vilnius. 'Ik heb op het punt gestaan ermee te stoppen, maar dat kon ik niet maken. Ik dacht: ik zie het maar als avontuur. Daarvan weet je op voorhand ook nooit hoe het afloopt.'

Niet helemaal netjes

Behalve de stroeve communicatie tussen de internationale partners bij Tokyo Trial speelde nog een andere kwestie: coscenarist Kees van Beijnum benutte het door historicus Hugo Röling aangeleverde archief ook voor zijn eigen roman De offers (2014). Zonder overleg vooraf, claimt Röling, die zelf bezig was met zijn biografische schets De rechter die geen ontzag had (2014). Het liep uit op een literair relletje, waar Pieter Verhoeff nu wel klaar mee is. 'Ik vind ook dat Kees het vooraf en op tijd bij Hugo had moeten melden.' De historicus staat wel achter Tokyo Trial. Hij zal in diverse zalen in het land begeleidende Q & A's doen.

Voiceovers

Na zeven jaar geploeter en dertig draaidagen kwam de serie er met een budget van 8 miljoen dollar eind 2015 toch en beleefde op vier avonden aaneen zijn première op de Japanse tv. De ontvangst was goed, maar al die tijd had Pieter Verhoeff toch al het plan uit de serie nog een speelfilmversie te monteren. Dus zeventig minuten eruit geknipt, van 180 naar 110 minuten. Was dat niet moeilijk: snijden in eigen vlees? 'Ik wist al tijdens het draaien hoe ik dat zou doen. De miniserie heeft niet echt een hoofdfiguur, die richt zich op het complete ensemble. In de speelfilm focus ik volledig op de Nederlandse rechter Bert Röling, lid van het tribunaal, gespeeld door Marcel Hensema. De verkorte versie is naar mijn idee helderder, minder herhalingen, boeiender.'

Een methode om dat richtpunt te verleggen zijn de toegevoegde voice-overs. Zo komen we in het hoofd van rechter Röling (1906-1985) terecht als hij notities maakt in zijn dagboeken. De teksten zijn deels geput uit het archief dat werd aangeleverd door historicus Hugo Röling, zoon van de hoofdpersoon. 'Daardoor konden we van Bert Röling een gelaagder personage maken. Hij zit tweeënhalfjaar in Japan, in een voor hem exotische wereld. Hij is dan begin 40, elegant en welbespraakt, speelt viool en beleeft in Tokio een paar vluchtige affaires.'

Nodeloze dialogen maken Tokyo Trial weinig opwindend

Docudrama over Japans oorlogstribunaal lijdt aan nodeloze dialogen. Dat alle acteurs Engels met een gemaakt accent spreken, helpt het drama ook niet vooruit. Lees hier de recensie van de Volkskrant.

De nieuwe voice-overpassages moesten worden voorgelegd aan Japanse historical experts, die vermoeiend kritisch waren, op het idiote af. 'Maar je wilt ook een spannend verhaal vertellen. Behalve alle ruis weglaten, moet je durven spelen met je personages, in de geest van het verhaal. Dat deze film, zonder noemenswaardige actie of uitgesponnen liefdesperikelen, naar mijn idee toch werkt, heeft te maken met het eigen ritme, de adem die we de filmversie van Tokyo Trial hebben meegegeven.'


De Japanners waren erg bezorgd over het beeld van keizer Hirohito (1901-1989). 'Meteen kregen we een lijstje do's en don'ts. Zo mocht de miniserie hierin uitdrukkelijk niet de mening van de makers weergeven. Stellen dat keizer Hirohito ook gedaagd had moeten worden, waar iets voor te zeggen valt, was onbespreekbaar. Nu hadden wij het geluk dat de échte Röling het eigenlijk wel eens was met de Amerikanen. Die calculeerden: als we de keizer afzetten, wordt het helemaal een chaos in Japan. Dus we hoefden niet te smokkelen, historisch gesproken.'

Netflix

Hoe kijkt Verhoeff dan zelf aan tegen Hirohito? 'Naar ik heb begrepen hield de keizer zich voortdurend op de vlakte bij grote beslissingen. Hij gaf geen antwoord, maar citeerde in tranen raadselachtige Japanse gedichten uit de 19de eeuw, die op vele niveaus konden worden uitgelegd. De haviken zaten mee te huilen, zij interpreteerden die gedichten als: we gaan ten oorlog, de keizer heeft het gezegd. Bam! Pearl Harbor! Iets daarvan komt ter sprake in de film, als opperrechter Webb twijfels uit over Hirohito's aandeel. Dát mocht wel.'

Nadat alle kruitdampen waren opgetrokken, bleek de Japanse opdrachtgever content met de serie, die door een deal met Netflix in 125 landen is te zien. Verhoeff vindt vooral plezier in het feit dat zijn 'ongewisse avontuur' uitpakte als volwaardige speelfilm, zijn negende. Zijn vrienden vroegen weleens of het die worsteling waard was? 'Nou... uiteindelijk wel. Wat hielp is dat ik die zeven jaar niet louter met Tokyo Trial bezig hoefde te zijn. Dan was het obsessief geweest. Tussen alle gevechten door vond ik ruimte voor de kinderserie Sien van Sellingen en voor een aantal filmportretten, zoals dat over schrijver Herman Koch.'

Filmen is toch wat hij het liefste doet. 'Ik mag dit jaar dan 80 worden, als ik met cast en crew de set op stap, ga ik het land van de vrijheid in. Alles is lichter. Met anderen iets moois maken, daar ligt het voor mij.'