RECONSTRUCTIE

'Als de werken dáár terechtkomen, kunnen we het wel vergeten'

Reconstructie Hoornse kunst in Oekraïense handen

Met grof geweld wordt het Westfries Museum beroofd van zijn belangrijkste werken. Tien jaar blijft het stil. Dan biedt een Oekraïens gevechtsbataljon de collectie aan en reist expert Arthur Brand af naar Kiev. Reconstructie van een schimmig steekspel.

Een van de gestolen schilderijen: Jacob Wabens Vrouw Wereld (1622). Beeld anp

Aan het eind van een stormachtig weekeinde, waarin de veerdiensten uit de vaart zijn genomen en zware windstoten een vrouw van haar fiets hebben geblazen, slaat een stel criminelen een gat in de keldermuur van het Westfries Museum in Hoorn. In de nacht van 9 op 10 januari 2005 manipuleren ze het beveiligingssysteem waardoor het alarm zich koest houdt. In het statige oude pand met zijn vele kleine ruimten en trappetjes schoppen zij deuren open en slaan het glas van vitrines stuk om daar zilveren en porseleinen kunstwerken uit te grissen. 17de- en 18de-eeuwse schilderijen worden uit hun omlijstingen gescheurd en opgerold. Met hun buit ontkomen de dieven waarschijnlijk weer door de toegang die ze zelf hebben gecreëerd.

De ravage die het museumpersoneel de volgende ochtend aantreft is groot. 'Ze zijn als beesten tekeergegaan', zegt de toenmalige conservator in het NOS Journaal. Zoals zo vaak met kunstroven volgt daarna een lange stilte. De stilte duurt dit keer bijna tien jaar.

Arthur Brand, expert in kunstcriminaliteit. Beeld anp

Google alert

Arthur Brand, expert in kunstcriminaliteit, krijgt ruim twee jaar geleden de daders in beeld. Onder hen 'enkele Nederlanders'. Hij slaagt erin eerste voorzichtige gesprekken met hen te voeren. Een vervolg blijft uit. Brand vermoedt dat de criminelen de werken na het contact met hem zijn gaan verkopen in het illegale kunstcircuit, zonder erbij te vermelden dat het om gestolen kunst gaat.

Niet lang nadat zijn contact met de vermoedelijke daders verloren is gegaan, verschijnt in januari 2014 op de computer van Ard Geerdink, directeur van het Westfries Museum, een 'google alert'. Voor alle verdwenen stukken uit het museum heeft hij in 2005 zo'n waarschuwing ingesteld. Het doek Rebecca en Eliezer van de kunstenaar Jan Linsen wordt genoemd op een Oekraïense kunstwebsite. De kleurenfoto van het werk ziet het museum als bewijs dat het daadwerkelijk om het gestolen doek gaat, omdat er alleen een zwart-witfoto van het schilderij bestaat. Interpol wordt ingeschakeld. De blijdschap om het eerste levensteken is van korte duur. Het spoor loopt al snel dood.

Het blijft weer stil, totdat anderhalf jaar later, op 6 juli 2015, de telefoon gaat bij de Nederlandse ambassade in de Oekraïense hoofdstad Kiev. Een mannenstem zegt te spreken namens OUN, een Oekraïense ultranationalistische gevechtsmilitie. Zijn bataljon zou de volledige collectie schilderijen hebben gevonden in de villa van iemand uit de kring rond de afgezette president Janoekovitsj. Als 'goede daad' zou de militie de kunstwerken aan Nederland willen overdragen.

Jan Claesz.: Rietschoof, Gezicht op het Oostereiland (1652-1719) Beeld anp

Vertrouwen wekken

De ambassade neemt meteen contact op met de Nederlandse politie en justitie. In overleg met het Westfries Museum wordt besloten Arthur Brand van het onderzoeks- en adviesbureau Artiaz de onderhandelingen te laten voeren. Brand reist af naar Kiev, met een flinke portie wantrouwen vanwege de vermeende 'goede daad' en in zijn koffer een rapport waarin minutieus de waarde van elk geroofd kunstwerk staat vermeld.

Op een kantoorgebouw in de miljoenenstad ontmoet Brand in gezelschap van een tolk Borys Hoemenjoek, plaatsvervangend commandant van de OUN. 'Een boomlange man, een beer van een vent. Een dichter die oorlogspoëzie schrijft, leuke poëzie ook nog,' zegt Brand.

Vertrouwen wekken is het eerste doel van de geheime ontmoeting. Dat lijkt snel voor elkaar. Brand: 'Het was een goed gesprek. Ik mocht hem wel.' Maar Borys Hoemenjoek komt uiteraard voor iets anders. Hij vraagt 50 miljoen voor de collectie. Plus 10 procent 'vindersloon'. Brand helpt hem snel uit de droom met de kille cijfers uit het rapport: de collectie is hooguit 1,3 miljoen euro waard, mits in goede staat. Omdat uit foto's die de dichter-strijder van enkele schilderijen toont blijkt dat die zwaar beschadigd zijn geraakt, schat Brand de waarde op hooguit een half miljoen euro. Als 'vindersloon' heeft Brand namens de gemeente Hoorn slechts 50 duizend euro in de aanbieding.

Hoemenjoek verzucht 'dat de jongens daar niet blij mee zullen zijn'. Uit die opmerking concludeert Brand dat de plaatsvervangend commandant in opdracht handelt. 'Het leek hem zelf niet zo veel te kunnen schelen.'

'Het hart van de collectie'

De 24 gestolen schilderijen vormen het 'hart van de collectie' van het Westfries Museum en zijn als cultureel erfgoed van 'onschatbare waarde', zegt conservator Cees Bakker. Het zijn werken van West-Friese schilders ten tijde van de Gouden Eeuw, waaronder portretten, landschappen, stillevens en dagelijkse taferelen zoals de Boerenbruiloft van Hendrik Bogaert. Samen met een doek van Jan van Goyen (de enige niet-Westfries) en het 'spektakelstuk' Vrouw Wereld van Jacob Waben uit 1622, is dat het kostbaarste stuk dat is ontvreemd. Het doek Vrouw Wereld rekent heel toepasselijk af met ijdelheid en hebzucht. Op de zoom van de jurk van de met pracht en praal en een smachtende man omringde vrouw staat geschreven 'Het is al ijdelheid'. De zandloper op de achtergrond dient als waarschuwing dat de afrekening zal volgen zodra de hebzuchtige voor de hemelpoort staat.

Oleg Tjahnybok

De kunstexpert heeft Kiev nog niet verlaten of een aanhanger van de beweging gooit tijdens een demonstratie granaten naar het parlement, met enkele doden tot gevolg. 'Duidelijk was dat we te maken hadden met gevaarlijke jongens.'

Omdat het gesprek met Hoemenjoek op niets is uitgelopen, probeert Arthur Brand via allerlei informanten tot op hoog politiek niveau in Oekraïne te achterhalen wie de collectie daadwerkelijk in bezit lijkt te hebben. Daarbij stuit hij op Oleg Tjahnybok, leider van de extreem-rechtse partij Svoboda, die in nauw contact staat met het gevechtsbataljon OUN.

Meerdere bronnen wijzen erop dat deze Tjahnybok de touwtjes van de kunstcollectie in handen heeft, zegt Brand. Ook de naam van Valentin Nalyvajtsjenko, de onlangs ontslagen directeur van de Oekraïense geheime dienst en naar verluidt een gezworen vijand van de huidige president Porosjenko, zou volgens sommige informanten een vinger in de pap hebben bij het lot van de kunstcollectie.

Bij Porosjenko zou de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders kortgeleden nog om medewerking hebben verzocht bij het terughalen van de gestolen kunstcollectie. Arthur Brand zegt dat de Oekraïense autoriteiten hun medewerking hebben toegezegd en hun best doen, maar 'geen grip lijken te hebben op deze gevaarlijke ultranationalistische partij en militie'.

Izaak Ouwater: Nieuwstraat in Hoorn (1784) Beeld anp

Profiel Oleg Tjahnybok

'Geachte vertegenwoordiger van het Westfries Museum. Kijk, uw schilderijen zijn gevonden. Kom rustig langs, neem ze mee en stel ze tentoon!' Met die woorden reageert Oleg Tjahnybok, de leider van de ultranationalistische Oekraiense partij Svoboda, op zijn Facebook-pagina op de beschuldigingen dat de gestolen schilderijen in handen van zijn beweging zouden zijn. Lees hier het profiel van Oleg Tjahnybok.

Twee tips

Het strijdperk overziend vermoedt hij dat de geroofde kunstcollectie uit Hoorn nadat zij door de rovers in het illegale circuit is verkocht, vervolgens als onderpand is gebruikt in een criminele deal en zo uiteindelijk in 2014 in Oekraïne is terechtgekomen. Daar is zij speelbal geworden van een ondoorzichtig politiek krachtenveld.

De reden om nu met dit verhaal naar buiten te komen, zegt directeur Ard Geerdink van het Westfries Museum, is om de druk op de Oekraïense politiek te vergroten zich in te spannen de geroofde kunst terug te krijgen. Dezelfde druk moeten de gevechtsmilitie en extreem-rechtse politiek leider voelen, omdat zij nu te boek staan als betrokkenen bij criminele activiteiten. Op deze imagoschade zitten zij mogelijk niet te wachten. Borys Hoemenjoek was er maandag snel bij om te ontkennen iets van doen te hebben met de gestolen schilderijen. Op de Oekraïense nieuwssite TSN sprak hij van 'onzin en geruchten'.

Dat haast geboden is, blijkt uit twee tips die Arthur Brand onlangs kreeg waaruit blijkt dat de collectie uit elkaar dreigt te vallen. Op een feestje van de Franse ambassade in Kiev vertelt een gast met een glas wijn in de hand dat hij Hollandse meesters aangeboden heeft gekregen. Ook zijn er aanwijzingen dat er onderhandeld wordt met geïnteresseerde kopers in Kazachstan en Afghanistan. Brand: 'Als de werken dáár terechtkomen, kunnen we het wel vergeten ooit nog iets terug te zien.'

Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.